Het is de hoogste tijd voor Rotterdamse crisis-clichés

economie Het begint duidelijk te worden dat de Rotterdamse economie zwaar getroffen zal worden door de coronacrisis. Dit zijn de plannen van de gemeente om ondernemers en werknemers te ondersteunen.

Sinds 5 augustus gold, tot begin deze week, in drukke gebieden in Rotterdam de plicht een mondkapje te dragen. De resultaten van deze proef worden half september geëvalueerd.
Sinds 5 augustus gold, tot begin deze week, in drukke gebieden in Rotterdam de plicht een mondkapje te dragen. De resultaten van deze proef worden half september geëvalueerd. Foto’s Robin van Lonkhuijsen/ANP en Sander Koning/ANP

‘In tijden van crisis”, zegt Barbara Kathmann, „is Rotterdam op zijn best”. De Rotterdamse PvdA-wethouder van Economie somt de clicheś moeiteloos op: Sterker door strijd, handen uit de mouwen, hand in hand – allemaal motto’s die zijn ontstaan tijdens een crisis. Of het nu de strijd tegen het water was, de economische crisis van de jaren dertig, de wederopbouw na het bombardement of tegenvallende prestaties van Feyenoord. Kathmann: „Ook nu kloppen ze: alleen samen komen we de coronacrisis te boven.”

Toen half maart de corona-besmetting uitbarstte, wist Kathmann dat aan de gezondheidscrisis een „economisch scenario” zou hangen. „Rotterdam is natuurlijk altijd een stad van twee snelheden geweest en dat zie je ook aan de economische impact van de crisis terug.”

Zo wordt de stad – die een relatief kleine dienstensector heeft en weinig expats telt – qua economische groei in sommige sectoren minder hard getroffen dan Amsterdam en Eindhoven. Aan de andere kant zijn kleine ondernemers in het centrum juist zwaarder de pineut omdat de winkelstad Rotterdam een agglomeratiefunctie had en die kwijtraakte toen veel mensen online gingen winkelen. „Daardoor heeft vooral de kleine ondernemer het zwaar”, weet Kathmann.

Foto Sander de Koning/ANP

Twee snelheden of niet, de economie in de Rotterdam kelderde sinds maart in sneltreinvaart achteruit. Vertaald in de juli-ramingen van het Centraal Planbureau ziet dat er voor de Rijnmondregio zo uit: 6,4 procent economische krimp in 2020, waar voor Nederland 5,1 procent wordt voorspeld. De werkloosheid in de regio komt na het laagterecord van 4,6 in 2019 in 2020 uit op 7,5 procent van de beroepsbevolking. Bijna 20.000 personen en volgend jaar – met een beetje pech – nog eens 10 duizend.

Stevige stijging bijstand

Nog treuriger is het gesteld met het aantal bijstandsgerechtigden in de regio: dat zal volgend jaar krachtig toenemen. De doelstelling om dit jaar het aantal bijstandsgerechtigden onder de 30.000 te krijgen, wordt bij lange niet gehaald. Alleen al in de gemeente Rotterdam wordt voor dit jaar op een aantal van 38.700 mensen met een bijstanduitkering gerekend en voor volgend jaar zelfs op 43.000. Rotterdam hoopt het tij te keren door flink te investeren in om- en bijscholing, waarvoor 50 miljoen euro is uitgetrokken.

Rotterdam wordt volgens onderzoekers van het NEO Observatory en de Erasmus Universiteit dubbel getroffen: enerzijds door het wegvallen van de binnenlandse vraag, anderzijds door de crisis in de wereldhandel.

De wanhoop die Kathmann hoort in haar gesprekken met ondernemers is soms onvoorstelbaar groot. „Een patatboer op de markt – een grote vent, rasondernemer van verschillende generaties – stond met tranen in mijn ogen te vertellen hoe hij voor het eerst in zijn leven maandenlang niets op zijn rekening zag verschijnen. Hoe hij geld dat hij had gespaard voor een badkamer eerst wilde aanspreken, en pas daarna zijn hand wilde ophouden. Want zo was hij opgevoed.”

Maar „chef crisisherstel” Kathmann, zoals het AD de wethouder onlangs noemde, ziet ook de Rotterdamse veerkracht. „Horecaondernemers die in de groenvoorziening gingen werken om thuis niet gek te worden omdat ze hun zaak zagen verpieteren. Maar ook groenteboeren op de markt die al 40 jaar op dezelfde manier ondernemen en ineens binnen een week een professionele appgroepservice hadden om klanten te bedienen.”

En zo wil de bestuurder, die toegeeft een rasoptimist te zijn, het ook aanpakken. „Het plan waarmee we Rotterdam uit de crisis willen investeren, heet ‘Rotterdam sterker door’. We pakken het op z’n Rotterdams aan: met je poten in de klei. We hebben zeven stadsprojecten die werkgelegenheid moeten opleveren en Rotterdam groener moeten maken.”

Met de projecten, die samen ruim 230 miljoen euro kosten en 10.000-15.000 banen moet opleveren, wil de gemeente de stad groene longen geven, aantrekkelijke openbare plekken creëren waar bewoners en bezoekers elkaar ontmoeten, bewegen en recreëren. En die tegelijkertijd ook oplossingen bieden voor een andere belangrijke opgave van de stad: duurzamer worden. Daarnaast zorgen ze voor meer werkgelegenheid, een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor ondernemers en meer ruimte voor festivals. De energietransitie kan fungeren als een vliegwiel om uit de crisis te komen, daarvan is het college waar Kathmann deel van uitmaakt overtuigd.

Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Vlondermentaliteit

Andere plannen klinken wat nuchterder: MKB-vriendelijk aanbesteden, winkeliers zonder webshop sneller helpen met digitalisering. De zwaar getroffen horeca wordt geholpen met de zogeheten vlondermentaliteit: zonder bureaucratie uitbreiden van terrassen door houten pallets (vlonders) op parkeerplekken te leggen. De horecaondernemers krijgen alle ruimte, maar daar verwacht de gemeente ook wat voor terug. In Kathmanns woorden: „We zitten niet op restrictie. We zijn high on trust en high on penalty, dus veel vertrouwen geven maar als het misgaat…. In tijden als deze moet je veel vertrouwen geven aan ondernemers.”

Over politiek Den Haag had de wethouder aanvankelijk weinig te klagen, maar nu er weer voorzichtig vooruit gekeken kan worden verwacht ze meer toekomstperspectief „We hebben vooral in het begin complimenten uitgedeeld aan Den Haag vanwege de voortvarende aanpak van corona en de steunmaatregelen. Maar nu is het tijd om snel duidelijkheid te bieden over de toekomst. Rotterdam heeft net als vele anderen behoefte aan een duidelijke koers: hoe herstellen we de economie, waar verdienen we straks ons geld aan en hoe passen we de arbeidsmarkt daarop aan? Daarvoor zijn we een lobby gestart met de G6. Ook moet er meer focus komen te liggen op de aandacht voor winkelgebieden, en daarmee op de vitaliteit van de binnensteden.”

Zakken niet diep genoeg

Loopt Kathmann als rasoptimist niet het risico voorbij te gaan aan het leed van de Rotterdammers tijdens de coronacrisis? „Ja, ik ben een optimist die hoop en perspectief wil bieden. Uiteindelijk gaat Rotterdam sterker door, maar het gaat ongelooflijk veel pijn doen. Onze zakken zijn niet diep genoeg om al het leed van de mensen weg te nemen. Daar moet je eerlijk en open over durven zijn, maar wel je verantwoordelijkheid pakken. Deze crisis is geen positief verhaal, maar toch zijn de Rotterdamse clichés belangrijk omdat ze laten zien hoe ondernemers zich hieruit vechten.”

Pieter van Klaveren, voorzitter van ondernemersvereniging MKB Nederland, is somber als het gaat om de overlevingskansen van veel Rotterdamse middenstanders. „Elke dag krijg ik huilende ondernemers aan de lijn die hun onderneming, die soms al vier generaties bestaat, kapot zien gaan. Dat doet pijn. De mondkapjesplicht in het centrum van Rotterdam is niet goed geweest voor de economie, net als de uitspraken van de RIVM-mevrouw dat bezoekers het centrum van Rotterdam maar moesten mijden. Als je dan mondkapjes invoert, wat best zinvol kan zijn, doe het dan overal. Nu weken mensen uit naar steden waar die plicht niet bestond en dat heeft zeker omzet gekost.”

Toch is Van Klaveren positief over de inspanningen die Kathmann doet om Rotterdam uit de crisis te helpen. „Zij en het hele ambtelijke apparaat doen er echt alles aan om ondernemers te helpen. Het vechten tegen een onzichtbare vijand heeft ons absoluut dichter bij elkaar gebracht.”

Maar Rotterdam zit, net als de rest van de gemeenten natuurlijk, in een enorme spagaat van gezondheid en economie, zegt de MKB-voorman. „Ik heb burgemeester Aboutaleb horen zeggen dat hij zich te allen tijde goed in de spiegel wil kunnen aankijken en zeggen: ik heb alle mogelijkheden die er waren benut om ervoor te zorgen dat mijn stad en mijn regio niet onnodig aan gevaar zijn blootgesteld. Ik snap die opmerkingen best. Maar als ik naar mijn leden kijk, dan vraag ik me soms af of het middel inmiddels niet erger is dan de kwaal.”