Masker, gemaakt voor de serie Quarantine Craft Masks en geïnspireerd op het werk van Robert Mapplethorpe. En een van de beelden die Verbakel maakte als eerbetoon aan Karel Appel.

Diederik Verbakel

De waanzinnige zelfportretten van mode-ontwerper Diederik Verbakel

Mode-ontwerper Diederik Verbakel maakte tijdens de lockdown een boek van zijn selfies, waarvoor hij zich uitleeft met make-up, maskers en hele outfits.

De eerste serie was er een met handdoeken. Het was 2005, zeven jaar voor Instagram en de daarmee groot geworden selfiecultuur. Modeontwerper Diederik Verbakel (43) was op vakantie in Thailand en zat in zijn hotelkamer te wachten op de taxi die hem naar het vliegveld zou brengen. Uit verveling drapeerde hij een witte handdoek op verschillende manieren om zijn hoofd. Het licht dat door het badkamerraampje naar binnen viel, deed hem denken aan de lichtval op de schilderijen van Rembrandt. Met zijn mobiele telefoon maakte hij negen foto’s – het was ook jaren voordat portretten in de stijl van zeventiende-eeuwse Hollandse Meesters een van de grote clichés van de fotografie werden.

Vergeleken met de zelfportretten die hij nu maakt zien de Rembrandt Towel Selfies er wat amateuristisch uit, en niet alleen omdat de foto’s nu technisch veel beter zijn. Verbakel ontwerpt maskers en soms complete outfits voor zijn foto’s of gaat aan de slag met make-up, zoals bij de serie die is gebaseerd op schilderijen van Francis Bacon.

Op vakantie in Mexico bedacht hij een serie in Mexicaanse stijl. Na een bezoek aan de Matisse-tentoonstelling in het Stedelijk Museum in Amsterdam maakte hij zijn eigen ‘cut-outs’. Zijn expressieve gezichtsuitdrukkingen maken de beelden af; Verbakel deed als kind veel aan theater. „Ik krijg ook wel de vraag of ik op Ibiza wil komen optreden”, zegt hij, „Maar ik heb geen zin om op een podium te gaan staan. Ik wil het alleen via foto’s doen.”

Bright White Studio heet het gebouw in Aalten, in de Achterhoek, waar Diederik Verbakel woont en werkt. Hij deelt het met Marieke Holthuis (45), met wie hij al 25 jaar samenwerkt en leeft. Een huwelijk zonder seks, noemen ze hun relatie – zij heeft daarnaast een vriend, hij vriendjes. Het is het huis waarin zij opgroeide en haar vader een naaimachinewinkel annex lijstenmakerij had. Weer daarvoor was het een bakkerij annex lunchroom.

Voor Kusama Ikebana liet Diederik Verbakel zich inspireren door kunstenares Yayoi Kusama, en ikebana, de Japanse bloemsierkunst. Diederik Verbakel

Gouden jaren bij Diesel

Verbakel en Holthuis leerden elkaar kennen op de mode-afdeling van ArtEZ in Arnhem. Na hun afstuderen vertrokken ze gezamenlijk naar Italië, waar ze eerst een jaar in een ontwerpstudio werkten die door verschillende merken werd ingeschakeld. In 1999 kwamen ze beiden in dienst van Diesel, het Italiaanse jeansmerk dat destijds creatief werd geleid door de Nederlander Wilbert Das. Zij werkte zich op tot hoofd meisjesmode, hij was verantwoordelijk voor alle damescollecties. Net als de rest van het personeel woonden ze in een klein dorpje in de bergen, op een uur rijden van Venetië. Verbakel: „Het waren de gouden jaren van Diesel, het kon niet op, overal werden winkels geopend, je werd overal heen gevlogen.” Maar na tien jaar vonden ze het allebei tijd om te stoppen. „Het was kei- en keihard werken, en er kwamen steeds meer mensen die zich overal tegenaan bemoeiden. Je kreeg van tevoren al te horen hoe een jurk moest zitten en hoe duur die mocht zijn – de marketingmensen wilden dat je de bestsellers namaakte, maar dan met een andere print.” Kwam bij dat hij het dorp uit wilde. Het dorpsleven beviel goed, maar hij was de mentaliteit van de plaatselijke jongens zat, die alleen maar in het geheim wilden daten. Het was ook nu of nooit: hun contract liep net af, en blijven zou betekenen dat ze voor vijf jaar zouden bijtekenen.

Samen gingen ze een jaar op wereldreis. Op Bali, in India en in Nepal produceerden ze in samenwerking met lokale ambachtsmensen kleding en accessoires – het begin van hun eigen label Died. Het gebouw in Aalten huurden ze aanvankelijk als opslagplaats voor hun spullen, omdat het goedkoper was dan containers. Na hun terugkeer in Nederland hebben ze het gekocht. In de voormalige winkel/lunchroom zit hun ontwerpstudio. Waar vroeger het brood werd gebakken, staan nu zeefdrukpersen; Holthuis en Verbakel drukken zelf hun sjaals en T-shirts. Geld verdienen ze met ontwerpen voor een Turkse en een Chinese producent.

De zelfportretten zijn Verbakels soloproject, hoewel zij er als fotograaf aan meewerkt. Háár persoonlijke uitlaatklep is koken: ze volgde een koksopleiding en werkte een jaar in een sterrenrestaurant in Winterswijk.

De serie Masquerade ontstond na een bezoek aan de tentoonstelling Powermask, die modeontwerper Walter Van Beirendonck samengestelde voor het Wereldmuseum. Diederik Verbakel

Afgezonderd leven

De maanden van de lockdown waren voor Diederik Verbakel „eigenlijk heel leuk”, zegt hij. „We leven sowieso al afgezonderd, en ik kan mezelf heel goed vermaken. Ik werd er heel creatief en enthousiast van. Mensen hadden tijd om mijn Instagram-account te bekijken, dus dat motiveerde me ook om leuke dingen te doen.”

Het modelabel Died wordt normaal in Duitsland verkocht – met Nederlandse winkeliers stopten ze al snel, omdat die nooit betaalden – maar omdat de verkoopkanalen allemaal werden gesloten, richtten ze zich tijdelijk alleen op T-shirts. Die verkochten ze rechtstreeks via Facebook en Instagram. Wekenlang stonden ze alleen maar te drukken: er werden er honderden verkocht. „We denken erover het zo te houden. Omdat er geen agenten en winkels tussen zitten, kunnen we ze voor een veel betere prijs aanbieden, en hoeven we pas te printen als er een bestelling is”, zegt hij.

Al voor corona had Verbakel besloten een boek te maken met zijn selfies. Een paar uitgeverijen hadden belangstelling, maar vroegen om aanpassingen, en dus besloot hij het in eigen beheer uit te geven. Vier series foto’s maakte hij de afgelopen maanden: de ‘Quarantine Craft Masks’, gebaseerd op werk van onder meer fotograaf Robert Mapplethorpe en modeontwerper Fong-Leng; een gezamenlijk project met Bas Kosters; de ‘Couture Clowns’, en een serie gebaseerd op de Japanse straatstijl, noodgedwongen niet in Japan maar op straat in Aalten gefotografeerd.

Culturele toe-eigening

Verbakel heeft ook een paar keer goed gekeken naar de stijl van tribale volken, zoals gezichtsbeschilderingen van de bewoners van de Omo-vallei in Ethiopië. Nee, hij is nooit beschuldigd van culturele toe-eigening, zegt hij. „Ik maak mijn eigen interpretaties, en ik probeer erop te letten dat het niet in van die blackface-achtige dingen terechtkomt. Ik ben ook erg tegen Zwarte Piet.”

De enige keer dat hij problemen kreeg, was met een serie over Keith Haring, waaraan hij vijf weken had gewerkt en waarvoor hij niet alleen zichzelf maar ook een model en verschillende achtergronden had beschilderd in de stijl van de beroemde graffiti-kunstenaar. Een paar dagen nadat de eerste foto’s online stonden, werd hem door de Keith Haring Foundation verteld dat hij een claim zou krijgen als hij ze niet binnen een dag had verwijderd. Ook mocht hij niet meedelen waarom hij ze had verwijderd. „Terwijl ik van een Engelse kunsthandelaar die steenrijk is geworden van de schilderijen van Francis Bacon juist te horen kreeg hoe fantastisch ik het had gedaan met mijn eerbetoon. Maar goed, ik had geen zin in gedoe. Het moet wel gezellig blijven.”

Het boek So Selfish kan worden besteld via info@brightwhitestudio.com

Uit de serie Mirror Ball Pride, die is gemaaakt ter gelegenheid van Amsterdam Pride en een gommage is aan kunstenares Niki de Saint Phalle. Diederik Verbakel

White Trash: 17de eeuwse Nederlandse schilderkunst meets Japanse punk.Diederik Verbakel

Uit de serie Mexican Dreams: Frida Kahlo. Diederik Verbakel

Uit de serie Bacon Paints, naar schilderijen van Francis Bacon. Diederik Verbakel