Recensie

Recensie Film

In het werk van Merce Cunningham kruipen met 3D

Documentaire De documentaire ‘Cunningham’ voegt aan het werk van choreograaf Merce Cunningham een sublieme 3D-registratie toe. Nooit naderde je het werk van een van de grootste dansvernieuwers van de twintigste eeuw van zo dichtbij.

Beeld uit de documentaire ‘Cunningham’
Beeld uit de documentaire ‘Cunningham’ Beeld Cherry Pickers Filmdistributie’

Oh, it’s beautiful!” Verrukt is Andy Warhol over zijn zilveren heliumkussens – zwevende decorstukken, die in het donkere RainForest van choreograaf Merce Cunningham een plagerige dialoog zullen aangaan met drie springende, vallende, kruipende dansers. Op een podium anno 1968 moet dit al een belevenis geweest zijn; in haar film Cunningham voegt regisseur Alla Kovgan er nu een sublieme 3D-registratie aan toe.

Nooit naderde je het werk van een van de grootste dansvernieuwers van de twintigste eeuw van zo dichtbij. Cunningham (1919-2009) maakte tijdens zijn lange loopbaan als dansend choreograaf gretig gebruik van nieuwe technologie, van 16mm-film tot computer en iPod – niet uit drang om bij te blijven, maar om te kijken of en hoe ze de danskunst zouden kunnen verrijken. Dankzij Kovgans in Duitsland, Frankrijk en New York opgenomen 3D-fragmenten uit 14 balletten kruip je nu letterlijk in het werk – noodzakelijk is het overigens niet, zo’n bril, want Cunninghams weidse bewegingstaal en zijn samenwerkingen met kunstenaars als Warhol, Robert Rauschenberg en Jasper Johns zorgen ook ‘plat’ al voor visueel spektakel.

Cunninghams basale definitie van dans was ‘beweging, tijd en ruimte’. Een actie, altijd anders, altijd nieuw. Aangemoedigd door zijn levenspartner en vaste medewerker John Cage, de componist voor wie ‘stilte niet bestond’, bevrijdde Cunningham de danskunst van alle traditionele restricties. Dans kon zonder verhaal (zoals in het klassieke ballet), zonder onderliggend idee of emotie (zoals vaak in modern ballet) en zonder vaste muzikale begeleiding. Zonder podium zelfs, zonder theater: Cunningham ensceneerde meer dan 700 ‘events’ op ongebruikelijke locaties als een museum of een plein. Het publiek mocht er het zijne van vinden: verbazing, verontwaardiging, woede – zeker in de eerste, obscure jaren van zijn nog kleine gezelschap bleef Cunningham geen reactie bespaard.

Grauwe begintijd

Voor haar film, een ambitieus project dat zeven jaar in beslag nam, beperkte regisseur Alla Kovgan zich tot die straatarme, soms behoorlijk grauwe begintijd (1942-1972), toen ‘Merce nog geen Merce was’. Dat pakt goed uit: het contrast tussen de glanzende glorie van de dansregistraties en de collages van gruizige foto’s, korrelige filmfragmenten en veelal ernstige citaten geeft Cunningham een aangename spanning. Na een paar dromerige dansminuten volgt steeds de totale ontnuchtering. Dat we het maar niet vergeten: dans is een even schitterend als zwaar beroep.

„Elke dag werkt hij uren aan het perfectioneren van een instrument dat vanaf de geboorte in verval is”, horen we Cunningham zeggen terwijl een danser zijn been heft, en heft, en heft. En welk doel dient deze dagelijkse worsteling? Korte momenten van extase, balans, die een danser ‘doen glimlachen zonder dat hij het weet’. Eén keer zien we Cunninghams mondhoek even opkrullen bij een duet; misschien was dat zo’n moment. Meestal kijkt hij gespannen, serieus. Hij haalt bittere herinneringen op aan trainen in een ijskoude loft, in z’n eentje. De discipline en toewijding kwamen uit hemzelf. Toen hij bedacht om zelf dansers te gaan opleiden, verscheen op de eerste les één leerling. Maar de volharding loonde. Begin jaren vijftig ontstond er een groepje, met Cage als vaste componist, dat eens per jaar op tournee door de VS ging in een Volkswagenbusje. De dansers kregen eten, onderdak en 25 dollar per optreden. Onderweg speelden ze Scrabble.

Merce Cunningham in de documentaire van Alla Kovgan. Beeld Cherry Pickers Filmdistributie

Het publiek gaf zich niet makkelijk gewonnen. Wat was dit? Muziek en dans leken niets met elkaar te maken te hebben – sterker, Cage en Cunningham verrasten elkaar bij de première. Het toeval werd verder uitgedaagd door met een stopwatch of dobbelstenen de volgorde van bewegingssequenties te bepalen. De dansers leerden om geen vragen te stellen; Merce was een binnenvetter. Toch overheerste een ‘great sense of love’, volgens danseres Carolyn Brown.

De film stopt als Cunningham rond 1972 zijn hele eerste generatie dansers heeft zien vertrekken en hij het werk voortzet met nieuwe gezichten, nieuwe lichamen. Volgens Brown groeide vanaf dat moment ook zijn afstand tot de dansers – met het toenemende succes sneuvelde het familiegevoel.

Als biografie is Cunningham opzettelijk incompleet. Wie hoopt op een levensschets komt bedrogen uit. Aanvullende bronnen zijn er genoeg: het Merce Cunningham Trust, opgericht om de nalatenschap van 180 choreografieën te bewaken, stelt online een royaal archief van lesopnames, interviews en een complete biografie ter beschikking.

Aan de andere kant doet juist de aftastende, open vorm van Kovgans film recht aan het mysterie Cunningham, op een manier die hem waarschijnlijk wel zou bevallen. Zijn taalgebruik was tot het eind van zijn leven weldadig spaarzaam en precies. Etiketten als ‘avant-garde’ of ‘modern’ wierp hij verre van zich. „Dans was altijd deel van me. Daar is geen reden voor… Het was er gewoon. Iets met van beweging houden”, zei hij in een interview in 1995. In zijn allerlaatste interview in 2009 hield Cunningham zich nog altijd op de vlakte: „Ik weet niet wat een dansstuk goed maakt… Je kunt erover praten of het beschrijven, maar echt zeggen kun je het niet.”

Kovgan (1973) ging dansfilms maken omdat ze, als Russische immigrant in de VS, grote moeite had met het schrijven van scripts in het Engels. Met dansers bestond die taalbarrière niet. De teksten in Cunningham zijn ondergeschikt aan de dynamiek van het geheel. Het gaat om het werk, niet om de man. „Het is praktisch onmogelijk om dans vast te leggen”, lichtte Kovgan begin dit jaar toe tijdens een openbaar interview in New York. „Als filmmaker moet je het in cinema zien te vertalen.”

Missie geslaagd.