Opinie

‘Niet onnodig procederen’ geldt ook voor de overheid

De Rechtsstaat

Het is u vast ontgaan, en mij ook als er geen Twitter bestond. Maar de minister van Infrastructuur, Cora van Nieuwenhuizen (VVD), legde vorig jaar haar collega Barbara Visser, staatssecretaris van Defensie (VVD), een ‘last onder dwangsom’ op. Omdat Visser marineschepen in Den Helder laat afmeren zonder de juiste omgevingsvergunning. Dat kan natuurlijk niet. Een dwangsom van twee ton per maand, met een maximum van een miljoen dus.

Marineschepen, in een marinehaven, het moet inderdaad niet gekker worden. Misschien is er in Rotterdam nog wel een gaatje aan een kaai. Of leg ze anders maar naast al die werkloze cruiseschepen, op de rede van Zuid-Holland. Maar éérst die vergunning in orde, graag.

Enfin, staatssecretaris Visser gaat keurig in bezwaar, bij het overheidsorgaan dat de dwangsom oplegde, haar collega dus. Die blijkt het, o verrassing, met zichzelf eens en wijst het bezwaar af. Waarna Visser een kort geding aanspant tegen haar partijgenoot in het kabinet. Een spoedprocedure, om aan die dwangsom van een miljoen te ontkomen.

Goed, wat gaat hier mis, lieve mensen? Zijn dit twee ambtelijke apparaten die niet tot redelijk overleg in staat zijn en doordenderen met hun verschillen van mening totdat echt, heus, alleen de rechter nog maar uitsluitsel kan bieden? Kunnen de twee bewindslieden elkaar zodanig niet meer luchten of zien dat ze de rechter nodig hebben? Of zouden beide bewindslieden al maanden hun stukken niet meer lezen en niet in de gaten hebben dat er namens hen spoedprocedures worden gevoerd? Nee, toch?

Loopgraven, blindheid, domheid, desinteresse, verkwisting, amateurisme – zegt u het maar. Of all of the above? Ik zou me als betrokkene schamen dat zoiets niet geschikt kon worden. De ministeries liggen op vijfhonderd meter van elkaar. Zou er halverwege geen cafétafeltje gevonden kunnen worden om bij te praten over het nut van marineschepen versus het gezag van de inspecteur Leefomgeving en Transport die de bon uitschreef? En dan netjes halverwege uitkomen? Of gewoon inbinden?

Ik kan me, zij het met moeite, na lezing van het vonnis, het juridische verschil van mening nog wel voorstellen. Maar welke dwaas gaat er met dwangsommen aan de slag, wetende dat het louter om het verschuiven van geld uit de Rijkskas gaat? Dat is betekenisloos, een farce, een toneelspel, gevolgd door een togadans in de rechtbank.

Alleen advocaten worden er beter van – de belastingbetaler draait ervoor op. Ook voor de tijd van de rechter en de griffier, die deze flauwekul moeten aanhoren, de ‘spoedeisendheid’ ervan mogen beoordelen, de kernvragen filteren en dan tenslotte een voorlopig oordeel vellen. Dat natuurlijk in het voordeel van Defensie uitvalt. Pfff.

Dit schijngevecht binnen de macht speelde zich hartje zomer af – de beslissing viel op 13 augustus en werd op 21 augustus gepubliceerd. Die werd daarna alleen opgemerkt door een twitterende rechter die als militair jurist rechtspraak bijhoudt die Defensie raakt. De kortgedingrechter maakt over het zandbakgehalte van de procedure één korte opmerking. „Het gaat om twee belangrijke instellingen van de centrale overheid die hun verschillen van inzicht toch primair door goed overleg zouden moeten kunnen oplossen”. Waarvan akte. En vonnis dus.

Als je trouwens van Defensie naar Infrastructuur wandelt kom je langs Justitie waar minister Sander Dekker (Rechtsbescherming, VVD) zich zorgen zegt te maken over „onnodig procederen”, ook door overheidsinstanties. Om overheden zover te krijgen vaker van procederen af te zien, heeft hij een ambtelijke „aanjager” in Den Haag op expeditie gestuurd. De Kamer is toegezegd het „procedeergedrag” van instanties „inzichtelijk te maken”.

Die opdracht kan dus makkelijk uitgebreid worden met overheden (en ministers) die tegen elkaar procederen. Buiten dit voorbeeld bestaat er een uitgebreide praktijk van overheden die enthousiast bezwaar maken tegen elkaars beslissingen en de bestuursrechter daarna te hulp roepen. Denk aan de fiscus en ruimtelijke ordening. Daar zou ook wel eens in gesneden mogen worden.

Folkert Jensma is juridisch commentator. Twitter: @folkertjensma

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.