Reportage

Chaos, regen en valpartijen op de glibberige wegen rond Nice

Tour de France De start van de Tour verliep chaotisch, voor renners, pers en andere volgers. Het coronavirus is nooit ver weg.

Het peloton, mondkapjes nog op, voor de start van Tour de France.
Het peloton, mondkapjes nog op, voor de start van Tour de France. Foto Stephane Mahe/Reuters

Hij deed zijn best, Marc Chavet, speaker van dienst, maar toen hij de namen van belangwekkende renners zaterdagmiddag over het Place Massená van Nice liet rollen in een poging iets van een opgewonden sfeer te creëren zoals dat hoort bij een Grand Départ, vervlogen zijn goede bedoelingen zonder door publiek met gejuich te worden beantwoord. Dat stond er namelijk niet, werd door dranghekken op afstand gehouden.

Lees ook: Op weg naar Parijs: deze Tour de France kan elke dag zomaar voorbij zijn

Hier hadden duizenden mensen moeten staan, maar in plaats daarvan ging het om een paar honderd, die door jongelui met reservoirs op de rug van desinfecterende handgel werden voorzien. Geen van hen zag een kwartiertje daarvoor hoe de Amerikaanse renster Lizzie Deignan titelverdedigster Marianne Vos in de eindsprint van La Course aftroefde, in de eendaagse vrouweneditie van de Tour, over twee jaar een volwaardige Tour Féminin met meerdere etappes, werd deze week bekend. Vos vond het maar een vreemde gewaarwording om daar zo te staan, aan de Promenade des Anglais, omdat het er leeg was, in een wedstrijd die anders toch zo groots is, waar mensen op af komen bovendien. Gauw naar huis, zei ze, weg uit de brandhaard, en tien dagen in quarantaine. Ze vond het al met al maar een vreemde situatie.

Microfoons op een selfiestick

Ondertussen wachtte aan de zuidkant van het genoemde plein een leger journalisten, dat zich daar toegang had verschaft via een zwart hekwerk van twee meter hoog. Het gros had de vrouwenwedstrijd links laten liggen. Men moest er hesjes dragen, als afgevaardigden van een land, en monteerde opnameapparatuur op een selfiestick om op twee meter afstand te kunnen blijven. Het weer was broeierig, maar in Nice mocht in de buitenruimte het mondkapje niet af. Zelfs het standbeeld van La Fontaine du Soleil droeg er een voor neus en mond.

Prins Albert II van Monaco en zijn vrouw prinses Charlene bij de start van de Tour in Nice.

Foto Sebastien Nogier/EPA

Lees ook Jumbo-Visma dicteert de koers, het grootste gevaar schuilt in overmoed

Er heerste een gespannen sfeer bij de lieden van de media, vijandig bijna, omdat niets was hoe het is geweest. Televisiemensen vonden dat ze op de verkeerde plek waren neergezet, schrijvende eenlingen probeerden met pen en kladblok langs de hekken van een geïmproviseerde finishstraat te glippen. Ze keken wat kon, en onmogelijk was. Ineens moesten concurrerende media elkaar helpen, omdat quotes van renners niet zomaar meer te verkrijgen waren. Bij de mensen van de organisatie regende het klachten. Zij vingen de frustratie af. Moest maar, in het jaar dat de Tour tegen alle verwachtingen in toch door ging.

Onherkenbare renners

Vanaf een podium zwaaiden de hoofdrolspelers maar wat, via camera’s naar de mensen thuis. Ze waren onherkenbaar geworden door de maskers die ze droegen. In combinatie met de helmen en de zonnebrillen bleef er bijna geen herkenbare wielrenner meer over. Ze zouden weldra beginnen aan een Tour de France die elk moment ook weer kan eindigen als code rouge in een confinement evolueert, en een wielerwedstrijd wel het laatste is waar men nog op zit te wachten. Is niet ondenkbaar in het land dat zevenduizend nieuwe coronabesmettingen registreerde in het etmaal voor de Tourstart.

Twee daarvan werden gevonden in het hart van het peloton, ín de hermetisch afgesloten racebubbel nog wel, bij de Belgische ploeg Lotto Soudal. Een staflid testte positief, de ander ‘niet-negatief’, dat was iets tussen positief en negatief in, wist de woordvoerder te vertellen. Volgens de regels die tot donderdag golden had het hele team naar huis gemoeten. Vrijdag werd dat te streng bevonden en mochten de Belgen toch blijven. Zaterdagochtend, uren voor de start, greep de Franse overheid zelf maar in. Twee keer positief betekende toch uitsluiting. Boodschap: volksgezondheid is belangrijker dan sport, zelfs in de Tour. De koers staat niet boven de wet. Gelukkig voor Lotto Soudal bleek de tweede test vals alarm.

Wie in maart had gezegd dat het er eind augustus van zou komen was voor gek verklaard. Goed dat het toch is doorgegaan, zei een mannelijk lid van de Police Nationale, dat uit de Bourgogne werd opgeroepen om de gendarmerie in Nice bij te staan. Hij wilde zijn naam niet geven, politiemensen worden niet geacht met pers te praten. Maar, zei hij: „We moeten doorgaan met het leven. En de Tour is daar een uiting van.”

Om halfdrie hing koersdirecteur Christian Prudhomme uit het dakraam van een rode Skoda en wapperde hij met een witte vlag, om 176 renners in de straten van Nice op pad te sturen voor de 107de Tour de France. Het hoofd in de wind, de mondkap voor het gezicht.

Zodra de eerste etappe op gang was gekomen, was het coronavirus naar de achtergrond verdreven. Het ging nu om de wedstrijd, tot het begon te regenen, en renners bij bosjes tegen de grond klapten. Dat kon er nog wel bij, op een dag waarin de wielersport liever een rimpelloze rentree had willen maken, na al die maanden zonder koers.

Wout Poels ligt op de grond na een valpartij in de eerste etappe van de Tour.

Foto Marco Bertorello/AFP

De wegen rond Nice waren glibberig geworden door olie en uitlaatgassen die in de zomermaanden in het asfalt waren gesmolten, en door het regenwater werden verspreid. Weinig renners bleven overeind, op flinterdunne banden zonder het geringste profiel. Het Russische talent Pavel Sivakov was een van de grootste slachtoffers. Hij kwam dertien minuten na etappewinnaar Aleksander Kristoff over de finish. John Degenkolb haalde zelfs de tijdslimiet niet en lag na één dag uit de wedstrijd. Ook Thibaut Pinot schoof onderuit, maar dat gebeurde net binnen de laatste drie kilometer, waardoor hij geen averij opliep in het klassement. Evengoed was de chaos groot.

Als misschien wel sterkste ploeg van het peloton besloot Jumbo-Visma de wedstrijd te neutraliseren. Op 53 kilometer van het einde ging Tony Martin aan kop van het peloton rijden en maakte hij met armbewegingen duidelijk dat vol doorkoersen gevaarlijk zou zijn voor iedereen. Alleen Astana wilde niet luisteren. Even later gleed Miguel Angel Lopez namens die ploeg tegen een verkeersbord. Zijn verwondingen vielen mee. „Lekker voor ze”, zei Tom Dumoulin na de rit. „Dat snap je toch niet?”

Het peloton is onderweg, in de regen.

Foto Anne-Christine Poujoulat/AFP

Veiligheid was na een boel valpartijen de afgelopen weken een belangrijk thema in de sport geworden, en dan vooral de gebrekkige regie door bepalende instanties. Maar Dumoulin verweet de wedstrijdjury in dit geval niets. Hij zei: „Zij kunnen die gladheid niet voelen. Wij renners zijn er goed mee omgegaan.”

Belangrijkste was dat hij en ploegmaat Roglic op hun fiets waren blijven zitten. En dat de Tour daadwerkelijk begonnen was.