Opinie

De verleidelijke nostalgie van presidentskandidaat Biden

Biden wil dat de VS weer de leiding nemen in de wereld. Dromen van een oude man, of een nieuwe dageraad voor samenwerking, vraagt

Michel Kerres

Als krasse zeventigers over ‘vroegguh’ beginnen, berg je. Je weet dat dan snel de woorden ‘alles beter’ volgen en jongeren met hun ogen draaien. Met een roze bril terugblikken op het hoogtepunt van je carrière is een aandoenlijke menselijke eigenschap. Maar of je er ook de toekomst mee kunt vormgeven?

Joe Biden is 77. Het hoogtepunt in zijn carrière was het vicepresidentschap onder Obama. Toen was zeker niet alles geweldig, ook niet in de ogen van Biden. Maar het was een stuk beter dan onder president Trump. Trump, stelt Biden, heeft de positie van de VS in de wereld verkwanseld, democratische bondgenoten verwaarloosd en autocraten het hof gemaakt. Biden belooft de oude luister te herstellen.

In toespraken en essays over zijn buitenlanddoctrine grijpt hij terug op Amerika’s finest hour: de triomf van democratie over fascisme en autocratie. Het gevecht tegen autocratie definieert niet alleen ons verleden, schrijft Biden. „Het definieert ook onze toekomst.”

Biden wil terug naar de situatie waarin democratische landen samen optrekken. Waarin de VS aandacht besteden aan bondgenoten en multilaterale samenwerking. Waarin de waarden van de vrije wereld worden verdedigd, grensoverschrijdende problemen gezamenlijk worden aangepakt. En die operatie kan maar één land leiden: „Het komt op de VS aan om voorop te lopen. Geen enkel ander land is daartoe in staat. Geen ander land is gebouwd op dat idee.”

De gospel van Amerikaanse voortreffelijkheid is bij Biden in elk geval in goede handen. Maar slaat dat Amerikaanse pathos in het buitenland nog aan? De wereld is in drieeneenhalf jaar Trump veranderd. Door Trumps toedoen, maar óók omdat de wereld nu eenmaal zijn gang gaat. China is opgekomen en geeft die positie niet meer uit handen. En ook onder Obama-Biden waren de VS al zoekende naar een gepaste rol in de wereld. Eindeloze oorlogen duidden toen al op imperial overstretch.

Bidens hersteloperatie begint in elk geval op de juiste plek: thuis. De VS kunnen geen democratisch verbond leiden als ze zelf het recht op asiel niet serieus nemen, vrouwen en minderheden geen gelijke kansen hebben in het onderwijs of in het strafrecht, schrijft hij. Maar al in zijn eerste jaar wil Biden ook gelijkgestemde staten bijeenbrengen in een democratische topconferentie.

Een overwinning van Biden zou dus een aanzienlijke breuk met het huidige Amerikaanse beleid betekenen. Het zou veel meer zijn dan een verandering van toon, zoals twee Amerikanisten in NRC stelden. Grote geopolitieke verschuivingen als de opkomst van China gaan weliswaar gewoon door en ook Biden ambieert een front tegen China. Ook Biden zal, terecht, eisen dat Europese NAVO-partners meer investeren in hun krijgsmacht, een van Trumps lievelingstwisten. Maar het maakt nogal verschil als de EU in het Witte Huis als partner wordt gezien en niet als een project tegen de VS. Het maakt verschil als Berlijn en Washington vriendschappelijk met elkaar omgaan. Het doet er toe als het VN-Klimaatakkoord, hoe imperfect ook, Amerikaanse steun krijgt.

De ‘terugkeer van het Westen’ dus? Een restauratie van het ancien regime, van Amerikaanse hegemonie, zit er niet in. Dat kan Biden vergeten. Maar een internationaal democratisch reveil dat is aangepast aan de eisen van 2021 , verdient alle steun. Het zou een verademing zijn.

Redacteur geopolitiek Michel Kerres en Oost-Europa-deskundige Hubert Smeets schrijven hier afwisselend over de kantelende wereldorde.