Voor 165 euro ben je ‘Certified Artist’

Kunstenaarscertificaat Een bedrijf biedt kunstenaarscertificaten tegen betaling. Helpt dat kunstenaars, of profiteert het van hun penibele situatie?

Erwin Olaf bekijkt zijn tentoonstelling in het Rijksmuseum.
Erwin Olaf bekijkt zijn tentoonstelling in het Rijksmuseum. Foto Koen van Weel / ANP

Marlene Dumas, Iris van Herpen en Erwin Olaf mogen sinds kort CA achter hun naam zetten. Ze zijn namelijk uitgeroepen tot ‘Certified Artist’, gecertificeerd kunstenaar. Dat goedkeuringsstempel kregen ze omdat ze een kunstopleiding volgden en al minstens vijf jaar kunst maken die gezien mag worden als „kwalitatief en authentiek”. Aldus het International Institute for Artist Accreditation, een deze zomer opgericht bedrijf dat in Waalwijk gevestigd zit op hetzelfde adres als schoonheidssalon Queens Care.

Dumas, Van Herpen en Olaf zijn net als diverse andere bekende kunstenaars als eerste opgenomen in het openbaar toegankelijke register van het Brabantse instituut. Daar hebben deze kunstenaars niet om gevraagd. Ze hebben in juni een mail ontvangen dat ze vanwege hun „uitzonderlijke prestaties als bekroonde Nederlandse kunstenaar” kosteloos en voor het leven zijn gecertificeerd.

Minder bekende kunstenaars, die ook door het instituut zijn aangeschreven, moeten betalen voor hun certificering. Voor een standaardcertificaat 164,56 euro en 212,96 euro voor wie een erkend International Certified Artist (ICA) wil worden. Zo’n certificaat krijg je volgens het bedrijf pas na toetsing. Een papieren versie voor aan de muur, verkrijgbaar in vijf talen, kost nog eens 46 euro. Na vijf jaar moet de registratie worden verlengd. Dertig kunstenaars hebben zich inmiddels ingeschreven.

„Dit ruikt naar oplichterij”, zegt fotograaf Erwin Olaf. „Wat moet je met zo’n certificaat? De tijd bepaalt of je een kunstenaar van betekenis bent of niet.” Zijn manager zegt het International Institute for Artist Accreditation op 14 juli telefonisch te hebben geïnformeerd dat Olaf niet in het register wil staan. Dat heeft niet geholpen, want tot woensdag stond zijn naam vermeld. Ook andere gratis gecertificeerde kunstenaars, zoals Ans Markus, Maartje Korstanje en Marc Mulders, zeggen nooit toestemming te hebben gegeven voor het gebruik van hun naam.

Op sociale media maken kunstenaars ironische grappen. Beeldhouwer Anne Wenzel op Facebook: „Dit is wel het meest absurde wat ik in lange tijd heb gezien. Hier kun je een certificaat kopen dat je gecertificeerd kunstenaar bent. Heel handig om te hebben. En het kost slechts 212 euro inclusief btw. Ik zeg: doen zo’n certificaat.”

Een telefonische rondgang langs kunstenaars die betaald hebben voor hun registratie, maakt duidelijk dat de economisch benarde tijd een rol heeft gespeeld. „In de galeriewereld loopt het niet meer en alle beetjes helpen”, zegt beeldend kunstenaar Foke Stribos uit het Zuid-Hollandse Dirksland. Hij heeft het certificaat dinsdag ontvangen en zal het, ingelijst, in zijn atelier ophangen. Wied Heyning liet zich net als haar man Diederik registreren. Ze doen er alles aan, zegt ze, om de loop te houden in hun gezamenlijke keramiekatelier in Zeist. „Door het coronavirus is het nogal stil”, zegt de pottenbakster.

Hesther van Doornum uit het Vlijmen, Noord-Brabant verkoopt haar geschilderde vrouwenportretten wereldwijd, en liet zich daarom als International Certified Artist registreren. „Mijn man zei nog: ‘Wat moet je met zo’n diploma?’ Maar op de site van het instituut zag ik al die bekende namen staan. Ik dacht: misschien helpt het logo van het instituut om mijn nieuwe website betrouwbaarder te maken. Hebben die bekende kunstenaars in het register geen toestemming gegeven? Soms maak je fouten die geld kosten.”

Wanhopige kunstenaars

Anne Wenzel, de beeldhouwer die op Facebook een discussie losmaakte over het kunstenaarscertificaat, zegt dat op grote schaal misbruik wordt gemaakt van wanhopige kunstenaars. De formule, zegt Wenzel, is steeds hetzelfde: een paar succesvolle kunstenaars als uithangbord om minder bekende kunstenaars over de streep te trekken.

Peter van den Bunder, van FNV Kunstenbond, houdt „een lelijke smaak in de mond” over aan het bekijken van de website van het certificeringsinstituut. „Het oogt misschien sympathiek, maar ik vind het een onsympathieke manier van zakendoen.”

Het Mondriaan Fonds, het publieke stimuleringsfonds voor beeldende kunst, zal bij de beoordeling van aanvragen geen enkele waarde toekennen aan de kunstenaarscertificaten. „Ze zeggen ons niets”, zegt een woordvoerder.