Betrokkenen hebben vooral ruzie over het lot van de meisjes van de Goede Herder

Meisjes van de Goede Herder De vertegenwoordigers van de uitgebuite meisjes van de Goede Herder zijn al maanden verwikkeld in een machtsstrijd.

In het Jaarbeursgebouw bood minister Sander Dekker (Rechtsbescherming, VVD) namens het kabinet excuses aan voor het leed van de voormalige ‘meisjes van de Goede Herder’, die in gestichten jarenlang dwangarbeid moesten verrichten.

In het Jaarbeursgebouw bood minister Sander Dekker (Rechtsbescherming, VVD) namens het kabinet excuses aan voor het leed van de voormalige ‘meisjes van de Goede Herder’, die in gestichten jarenlang dwangarbeid moesten verrichten.

Over welgeteld één ding zijn ze het eens. De 5.000 euro, die vrouwen krijgen voor hun jarenlange dwangarbeid in gestichten van de Goede Herder, is een schijntje. Voor de rest is er vooral ruzie tussen slachtoffers onderling en tussen diegenen die voor hen opkomen, bleek tijdens de voorbereiding van een lotgenotendag, die dinsdag plaatsvond in Utrecht.

Minister Sander Dekker (Rechtsbescherming, VVD) was de hoofdgast in het Jaarbeursgebouw. Hij bood de tientallen aanwezige voormalige ‘meisjes van de Goede Herder’ 5.000 euro en erkenning. Dekker: „Namens het kabinet bied ik excuses aan voor het leed dat u heeft ondervonden en voor het feit dat er onvoldoende is gedaan om u te beschermen.”

De excuses volgen op recent wetenschappelijk onderzoek waaruit blijkt dat het opsluiten en gedwongen laten werken van minderjarige meisjes dwangarbeid was. Eerder, in 2018, berichtte NRC al dat tussen 1860 en 1978 zeker 15.000 meisjes en vrouwen in Nederland zonder betaling gedwongen waren om te werken in wasserijen en naaiateliers van katholieke nonnen in Tilburg, Zoeterwoude, Almelo en Velp.

Bekijk het NRC-dossier over de Zusters van de Goede Herder

De zustercongregatie kwam met dezelfde praktijken ook in Ierland in opspraak. De Ierse regering erkende schuld en betaalde 33.236 euro per slachtoffer. In Nederland weigerde Dekker dit aanvankelijk. Dat alsnog 5.000 euro wordt betaald, komt omdat nu wetenschappelijk is vastgesteld dat de overheid medeschuldig is aan het leed. Dekker: „Het bedrag is een gebaar van erkenning, het is geen compensatie voor het leed, het is geen schadevergoeding.”

„Het bedrag is veel te laag”, reageert Liesbeth Zegveld, advocaat van negentien van de 140 slachtoffers die zich tot nu toe gemeld hebben. Zegveld voert een rechtszaak tegen de nonnen. Ook gaat ze de overheid dagvaarden nu die niet meer wil betalen.

„Het is een karig gebaar. We hebben niet genoeg bereikt”, geeft ook Jan van Dijk toe. De emeritus hoogleraar victimologie is adviseur van de stichting Kinderdwangarbeid Meisjes Goede Herder (KMGH) die opkomt voor de vrouwen.

Al maanden ruzie

Ze hebben allebei het beste voor met de voormalige meisjes van de Goede Herder, en toch is het achter de schermen al maanden ruzie, zo blijkt. Het is het kamp-Van Dijk tegen het kamp-Zegveld. „Het was een hele nare tijd, nooit eerder meegemaakt”, verzucht Zegveld.

Het begon in oktober vorig jaar met het royeren van Annemie Knibbe als bestuurslid van de stichting KMGH. Knibbe was in 2017 de eerste die zich het lot van de vrouwen had aangetrokken. Ze vond als bestuurslid dat de stichting zich niet moest bemoeien met het werk van advocaat Zegveld, zegt ze.

Dat was tegen de zin van KMGH-voorzitter Anita Suuroverste en haar adviseur Jan van Dijk. Die eisten dat Zegveld zou stoppen met haar voorbereiding van de rechtszaak tegen de nonnen. Suuroverste: „Wij wilden eerst een akkoord met minister Dekker. Een rechtszaak tegen de nonnen had de minister kunnen aangrijpen om af te wachten.”

De stichting wilde dus nog geen proces, maar Zegveld wilde de zaak wel voorbereiden en een dagvaarding opstellen. Zegveld: „De redelijke termijn om te dagvaarden zou gaan verstrijken.” Dus stuurde de advocaat oktober vorig jaar aan alle lotgenoten een e-mail met het verzoek om te laten weten of ze wilden meedoen.

‘Lastercampagne’

Het was het startsein voor een campagne tegen Zegveld, blijkt uit een reeks e-mails en nieuwsbrieven waarover NRC beschikt. De vrouwen kregen van de stichting het advies „af te zien van haar diensten als advocaat”. Voorzitter Suuroverste schreef dat Zegveld en Knibbe alles deden „om ons onderuit te halen”. Er worden allerlei verhalen verteld door Zegveld, waarschuwde de voorzitter. En Knibbe „doet ook hier vrolijk aan mee”. En: „Het kan niet zo zijn dat Liesbeth Zegveld processen gaat voeren tegen de Goede Herder of de overheid zonder dat onze stichting daarin wordt gekend.”

Zegveld: „Het was een lastercampagne. Het bestuur van de stichting wilde bepalen of ik wel of niet naar de rechter kon en zo ja, wanneer. Daar voelde ik niets voor. Ik treed op voor individuele cliënten, niet voor een stichting die een bestuurslid eruit gegooid heeft omdat ze te kritisch was.”

Terwijl lotgenoten die het voor Zegveld en Knibbe opnamen uit de besloten Facebookgroep werden gezet, dreigde adviseur Van Dijk met een klacht tegen Zegveld. Het leidde tot een gesprek tussen hem en Zegveld bij de deken van de Amsterdamse Orde van Advocaten. Ook dat bood geen soelaas.

Minister Dekker zegde uiteindelijk december vorig jaar toe dat er erkenning en compensatie zou komen van de overheid. In april verstuurde Zegveld haar dagvaarding naar de nonnen, namens negentien slachtoffers. De rest had zich teruggetrokken na de indringende adviezen van Suuroverste. In de rechtszaak is het Bureau Clara Wichmann, dat opkomt voor vrouwenrechten, mede-eiser. Geclaimd wordt een vergoeding van de materiële en immateriële schade, en nabetaling van loon.

Een fijne bijeenkomst

En toen diende zich de lotgenotendag aan, georganiseerd door het ministerie van Sander Dekker en de stichting KMGH. Tijdens de bijeenkomst mochten lotgenoten geen „negatieve aandacht vragen”, mailde Suuroverste vooraf. „We zullen je anders moeten verzoeken om te vertrekken.” En: „Het ministerie zit ook niet te wachten op vervelende toestanden die dag.”

Een ambtenaar van minister Dekker schreef vorige week aan Zegveld en Knibbe dat er voor hen „vanwege het oplaaiende corona-virus” geen plaats was op de lotgenotendag. Eerder was al duidelijk dat het duo niet welkom was. Hun komst zou, schreef Suuroverste in een e-mail aan lotgenoten, „het doel van een fijne bijeenkomst – die bedoeld is voor jullie die de erkenning willen – behoorlijk veranderen”.

Uiteindelijk zat Annemie Knibbe deze dinsdag toch in de zaal. Eén dag voor de bijeenkomst kreeg ze alsnog een uitnodiging. Suuroverste: „Inmiddels had iemand afgezegd. Ik zei tegen het ministerie: doe Annemie Knibbe er dan maar bij”.

Lees ook: De meisjes van de Goede Herder, dwangarbeid bij de nonnen