Opinie

Het Apple-feestje dat de rijken rijker maakt

Menno Tamminga

Toen Apple op 12 december 1980 naar de beurs ging, was het bedrijf 1,2 miljard dollar waard. Afgelopen week brak de waarde (beurskoers vermenigvuldigd met aantal aandelen) door de grens van 2.000.000.000.000 dollar. Als Apple een land zou zijn, wat niet eens een raar idee is gezien de geslotenheid van zijn systeem en de pseudobelastingheffing op partijen die in de App Store hun waren aanbieden, dan zou het de negende economie ter wereld zijn. Net na Italië, ruim vóór Brazilië.

Lees ook: ‘Verlaag belasting op werk, verhoog die op vermogen

Het miljardenfeest weerspiegelt de intense onzekerheid in de economie en de gegroeide ongelijkheid. Daarover straks. Eerst m’n drie favoriete Apple-weetjes.

3. Bij de beursgang in 1980 mochten particuliere beleggers in de staat Massachusetts niet inschrijven op Apple-aandelen. De lokale toezichthouder vond dat te riskant. Men vond de koers ten opzichte van de winst per aandeel veel te hoog.

2. Als 12-jarige bouwde de latere oprichter van Apple, Steve Jobs (1955-2011), een frequentiemeter. Hij had wat onderdelen nodig, zocht in het telefoonboek en belde mede-oprichter en toenmalig topman Bill Hewlett (1913-2001) van Hewlett-Packard, schrijft Walter Isaacson in zijn biografie van Jobs. Hij kreeg de spullen én een vakantiebaan bij HP.

1. Bij zijn overlijden bestond het vermogen van Jobs grotendeels uit aandelen Disney. Die had hij verworven bij de verkoop van zijn filmstudio Pixar. Dat was zijn revanche na een verloren machtsstrijd bij Apple. Jobs had toen op een na al zijn Apple-aandelen verkocht uit zijn tijd als oprichter. Opbrengst: 100 miljoen dollar.

Apple’s mijlpaal afgelopen week is het resultaat van twee trends. Aan huis gekluisterde consumenten verwennen zich met een iPhone. En beleggers jagen op zekerheid. De ultralage rente maakt andere beleggingen dan aandelen onaantrekkelijk. Welke aandelen koop je dan? Bedrijven die zich bewezen hebben. Maar ook: aandelen die anderen ook kopen. Safety in numbers. Sterbelegger Warren Buffett zit al heel lang heel groot in Apple.

De lage rente is het antwoord van centrale banken op hún onzekerheid. Hoe lager de rente, hoe groter, in theorie, de kans dat overheden, consumenten en bedrijven geld blijven uitgeven. Met een beroep op economisch herstel ontwrichten centrale banken de beleggingsmarkten, de huizenmarkt en de wereld van sparen, verzekeren en pensioenen. Hoezo pandemie? Hoezo barre tijden? Beursrecords!

Bij Apple’s beursgang in 1980 werden zo’n driehonderd werknemers en financiers instantmiljonair. Hoeveel zouden dat er inmiddels zijn, beleggers meegerekend? Dertigduizend? Drie miljoen?

In de pandemie groeit de vermogensongelijkheid met de dag. De (aandelen)bezittende klasse wordt rijker, de kans dat anderen hun baan verliezen wordt steeds groter. De vraag is of en hoe die ongelijkheid zich vertaalt bij verkiezingen.

Wie zelf niet belegt, kan ook profiteren van de beurshausse. Voor de meeste werknemers is pensioen, naast eventueel een eigen huis, hun grootste vermogen. Het goede nieuws is dat Nederlandse pensioenfondsen Apple-beleggers zijn. ABP (leraren- en ambtenarenfonds) bezat op 31 maart voor 2,35 miljard euro Apple. Pensioenfonds Zorg & Welzijn 1,21 miljard euro (eind 2019).

Nu het slechte nieuws: de regels van de Nederlandsche Bank dwingen pensioenfondsen om hoge voorzieningen te treffen voor toekomstige pensioenen. Die voorzieningen zijn zo hoog dat de beleggers daar, zelfs met die Apple-aandelen, niet tegenop kunnen beleggen. Daardoor dreigen later dit jaar nog steeds verlagingen van de pensioenen.

Dat is de zure boodschap van het Apple-feestje.

Menno Tamminga schrijft op deze plaats elke dinsdag over ondernemingsbeleid en economie.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.