Recensie

Recensie Muziek

Rechttoe-rechtaan is Conor Oberst op zijn best

Voor wie het miste: de beste protestsong van de 21ste eeuw heet ‘When The President Talks To God’ (2005) en is een vlammende aanklacht tegen de vorige boeman in het Witte Huis die inmiddels bijna een heilige lijkt, George W. Bush. Afzender: Bright Eyes, een van de vele bands waarin de Amerikaanse singer-songwriter Conor Oberst zijn getormenteerde stembanden laat trillen. Sinds 2011 vulde hij zijn dagen met soloplaten, zijn oude punkband Desaparecidos en het zeer geslaagde uitstapje met zangeres Phoebe Bridgers in gelegenheidsformatie Better Oblivion Community Center. Op het tiende Bright Eyes-album laat Oberst voor de zoveelste keer horen dat hij een verdomd goede liedjessmeder is. Rechttoe-rechtaan is hij op zijn best, zoals in ‘Calais to Dover’ en ‘Persona Non Grata’. De meeste toeters en bellen zijn – zoals wel vaker bij Bright Eyes – onnodig. Het jubelkoor in ‘Dance and Sing’ is prachtig, maar de nepstrijkers, echodrums en slappende bassen in ‘One and Done’ hadden niet gehoeven.