Analyse

Rutte: ‘Pas op, anders zijn we terug bij af’

Coronavirus Het aantal coronabesmettingen neemt toe. Met een fermere toon van Rutte tot gevolg.

FOTO ANP BART MAAT
FOTO ANP BART MAAT

Nu moeten ook de kringverjaardagen en polonaises eraan geloven. Als er een beetje gedronken is op een feestje ontstaat „toch het risico dat Tante Sjaan en Ome Han gaan knuffelen en dat mag niet meer”, vertelde premier Mark Rutte (VVD) de Nederlandse bevolking dinsdagavond. Want dan kan het coronavirus zich toch weer gemakkelijker verspreiden.

Die Ruttiaanse jovialiteit verhulde de zorgelijke boodschap van het kabinet tijdens een persconferentie niet. „Als we niet oppassen, zijn we binnen afzienbare tijd terug bij af”, waarschuwde Rutte. „Terug bij overbelaste zorg, terug bij het land op slot, terug daar waar we niet willen zijn.”

Lees ook: Liberaal Rutte heeft moeite met strenge rol in coronacrisis

Rutte en vicepremier Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) zeiden beiden met „de deur in huis te vallen”: het virus verspreidt zich nog steeds snel, vooral in familiekring. Dinsdag werd bekend dat de afgelopen week 4.013 mensen positief testten, ongeveer gelijk met de week ervoor. Nadat het virus zich de laatste weken eerst onder jongeren sneller verspreidde, is er nu ook een toename onder oudere groepen – met een stijging van ziekenhuisopnames en doden tot gevolg.

Strenge taal, lichte maatregelen

Net als bij de persconferentie twee weken terug was de toon van het kabinet ferm, maar bleven strenge landelijke maatregelen uit. Het is vijf voor twaalf, leek het kabinet te waarschuwen, maar het is vooral aan de burger om te voorkomen dat de klok doortikt. Het adagium van het kabinet blijft: pas als burgers zelf te weinig doen, treedt de overheid op.

De belangrijkste ‘maatregel’ die het kabinet dinsdag aankondigde was in feite dan ook vooral een „dringend gedragsadvies”. Burgers werden opgeroepen voortaan maximaal zes mensen thuis uit te nodigen. De Jonge: „Je vraagt mensen iets niet te doen wat ze het liefste wel doen: bij elkaar zijn.”

Lees ook: Virus waart vaak rond in kleine kring

De terughoudendheid van het kabinet komt voort uit het geloof dat maatregelen „proportioneel” moeten zijn. Rutte wil „zoveel mogelijk lokaal uitstampen en waar dat niet kan: nationaal”. De vrees is dat bij te strenge landelijke maatregelen de economische schade ook groot is op plekken waar de virusverspreiding beperkt is. Anders gezegd: dat het virus in Amsterdam flink rondgaat, vindt het kabinet geen reden om de kroegen in Groningen te sluiten.

Dat lokale uitstampen moet in Amsterdam bijvoorbeeld gaan gebeuren door extra toezicht op de horeca, bleek uit maatregelen die burgemeester Femke Halsema later op de avond aankondigde. Al waren het vooral waarschuwingen voor extra maatregelen: blijft het virus zich zo rap verspreiden in de stad, dan kan er onder meer een avondklok komen in de horeca. Zo’n avondklok of zelfs preventieve sluiting van kroegen bleef uit, vanwege „disproportionele benadeling” van bedrijven. Maar Halsema riep dagjesmensen, toeristen en mensen die niet „noodzakelijk” in Amsterdam hoeven te zijn, wel op om weg te blijven.

Lees ook: hoe problemen met het bron- en contactonderzoek over het hoofd werden gezien

Het toont hoe de overheid, vijf maanden na de ‘intelligente lockdown’, zoekt naar een balans tussen noodzakelijke maatregelen om de virusverspreiding te stoppen, en de onvermijdelijke schade van die maatregelen. Vrijdag bleek de economische schade van de eerste lockdown een historische krimp van 8,5 procent in het tweede kwartaal. Bij een tweede lockdown kan de schade nóg groter zijn, waarschuwde De Jonge dinsdag. Tussen de jovialiteit, ferme taal en het gedragsadvies zat dan ook een ongemakkelijke waarschuwing verscholen: dat het ergste mogelijk nog moet komen.