Noors staatsfonds verliest miljarden

Coronacrisis Het Noorse staatsinvesteringsfonds beleefde een turbulent halfjaar. Het verlies kwam uit op 17,8 miljard euro.

Trond Grande, plaatsvervangend topman van de Noorse fondsbeheerder NBIM, waarschuwde dat beleggingen in het najaar weer „enige turbulentie” kunnen doormaken. Foto Odin Jaeger/Bloomberg
Trond Grande, plaatsvervangend topman van de Noorse fondsbeheerder NBIM, waarschuwde dat beleggingen in het najaar weer „enige turbulentie” kunnen doormaken. Foto Odin Jaeger/Bloomberg

Grote jongens krijgen soms grote klappen tijdens de coronacrisis. Zo ook de grootste belegger ter wereld, het staatsinvesteringsfonds van Noorwegen. Het Government Pension Fund Global, onder de Noren ook bekend als ‘het oliefonds’, verloor in de eerste helft van dit jaar 188 miljard Noorse kronen (17,8 miljard euro). Bovendien zijn de vooruitzichten onzeker voor de beleggingen van het fonds, dat onder meer verantwoordelijk is voor de pensioenen in het Scandinavische land.

Het beleggingsfonds verloor in het eerste kwartaal 1.350 miljard kronen (128 miljard euro). Daarmee beleefde het fonds, dat in 1990 werd opgericht om de enorme olie- en gaswinsten van Noorwegen te vermeerderen, zijn slechtste kwartaal ooit. Van april tot eind juni won het echter 1.162 miljard kronen (110 miljard euro) terug, toen de beurzen stegen na de sterke daling in maart.

Magische grens

Ook na het verlies in het eerste halfjaar, heeft het fonds nog meer dan 10.000 miljard kronen in kas – een magische grens die vorig jaar werd doorbroken. Toen boekte het oliefonds nog een recordwinst op jaarbasis. De Noren verdienden in 2019 omgerekend ruim 150 miljard euro met fonds, dat wordt beheerd door een divisie van de Noorse centrale bank, Norges Bank Investment Management (NBIM).

Omgerekend zit er bijna 180.000 euro voor alle 5,3 miljoen Noren in het fonds, dat publiek bezit is. De spaarpot is daarmee grofweg drie keer groter dan het jaarlijkse bruto nationaal product van Noorwegen.

Het Government Pension Fund Global bezit aandelen van zo’n 9.200 bedrijven, waaronder grote namen als Shell, Microsoft, Apple, Facebook en Nestlé. Ze hebben 1,5 procent van alle verhandelbare aandelen wereldwijd in handen. Om de risico’s te spreiden investeren ze ook in vastgoed en staatsobligaties.

Lees ook dit artikel over Norges Bank, een van de invloedrijkste beleggers wereldwijd: Eerst gaan de Noren, dan volgt de rest

Mede door druk vanuit de Noorse politiek en maatschappij investeert het NBIM niet langer in kolenbedrijven. Ook tabaksfabrikanten en makers van clustermunitie en nucleaire wapens staan op de zwarte lijst.

Ironisch genoeg werd het oliefonds het afgelopen halfjaar vooral geraakt door de koersval van de oliesector. De beleggingen in internationale oliebedrijven, waaronder het Nederlands-Britse Shell, daalden in het eerste halfjaar ruim 33 procent. Investeringen in technologiebedrijven als Amazon en Alphabet, het moederbedrijf van Google, stegen daarentegen met ruim 14 procent.

De Noorse regering mag geld uit het oliefonds halen, tot maximaal 3 procent van het vermogen per begrotingsjaar. In de eerste zes maanden werd 167 miljard kronen (bijna 16 miljard euro) uit het beleggingsfonds gebruikt om de nationale economie te ondersteunen. Vorig jaar stortte de regering nog 18 miljard kronen in het fonds, uit de verdiensten van Equinor. De overheid bezit de meerderheid van de aandelen van het Noorse energiebedrijf, eerder bekend als Statoil.

In het najaar kunnen beleggingen weer „enige turbulentie” doormaken, waarschuwde Trond Grande, plaatsvervangend directeur van NBIM. „We hebben al een soort V-vormig herstel gezien op de financiële markten”, zei Grande tegen persbureau Reuters. „Ik denk dat er een kleine kloof bestaat tussen de reële economie en de financiële markten.” Ook als de pandemie aan kracht zou verliezen, kan er een beurscorrectie komen vanwege de wereldwijde economische crisis, aldus de Noor.