Opinie

Schaal maar gewoon op, GGD

Rosanne Hertzberger

Het is augustus. Er is bijna geen maand waarin er minder mensen grieperig zijn en snotteren. De omstandigheden zijn buitengewoon ongunstig voor corona: we begeven ons voornamelijk in de open lucht met de ramen zo ver mogelijk open, de scholen zijn dicht, kantoren zijn rustig. Andere verkoudheids- en griepvirussen wachten rustig af tot de R weer in de maand zit. En zelfs nu loopt het bij een kleine opleving al over de randen. In juli konden GGD’s in Rotterdam en Amsterdam het bron- en contactonderzoek niet langer meer volhouden.

Dat is ronduit angstaanjagend. Testen en contactonderzoek vormen de dijk die nieuwe corona-uitbraken in Nederland moeten voorkomen. We willen niet hoeven genezen, behandelen, beademen, we willen voorkomen. En de beste, minst ingrijpende, minst maatschappij-ontwrichtende, goedkoopste manier om dat te bereiken is door gevallen te identificeren en te isoleren.

De GGD heeft aan alle kanten de mogelijkheden om op oorlogssterkte te komen. De testcapaciteit is inmiddels op volle kracht. Voor de financiën is er carte blanche. Wat loopt er dan in vredesnaam mis? Waarom is het ook bijna een half jaar na de uitbraak nog steeds niet gelukt om voldoende capaciteit te creëren om stevige oplevingen aan te kunnen?

Laat ik voorop stellen dat het hardvochtig is om tegen keihard werkende mensen te schreeuwen dat ze harder moeten werken. Of dat ze het verkeerd doen. Ik weet tenslotte niet of ik het in hun positie veel beter had gedaan. Liever laat je zien wat goed is gegaan: de teststraten die overal zijn opgetuigd, het nieuwe handige portaal om uitslagen door te geven.

En toch: in de communicatie zien we een aantal verontrustende signalen bij onze volksgezondheidsorganisatie. Ten eerste zie je hoe sterk de Nederlandse cultuur van zuinigheid en bezuinigingen in ons dna is geworteld. Sjaak de Gouw, baas van de overkoepelende GGD-GHOR organisatie beschrijft in een interview met Trouw hoe alle contactopspoorders die begin juni waren opgetrommeld en klaargestoomd, weer werden uitgeroosterd en hoe de capaciteit werd afgeschaald. Reden? Ze zaten duimen te draaien, hun tijd te verdoen bij gebrek aan besmettingen.

Een paar weken later, eind juli, vertelt de Gouw, werd hij „verrast” door de snelle opleving. Werkelijk elk land ter wereld waar corona onder controle werd gebracht ziet regionaal plotselinge uitbraken en een disporportioneel grote invloed van superverspreiders. Maar De Gouw is verrast en legt uit hoe moeilijk het is om weer op te schalen.

Vergelijk die strategie met de dijken afgraven wanneer het eb is. De brandweer naar huis sturen bij gebrek aan brand. De GGD zou permanent een enorme berg aan testcapaciteit en een leger aan contactopspoorders paraat moeten hebben. Er zouden een heleboel mensen moeten zitten duimen draaien, wacht houden, tot er ergens een uitbraak is.

Maar dan volgt de vraag of het landelijke bestuur van de GGD daar ook van overtuigd is. Eind april vertelde De Gouw in deze krant dat iemand hem het nut van een leger aan contactopspoorders nog moet uitleggen. Let wel: ook toen was al duidelijk dat ruwweg de helft van de coronabesmettingen plaatsvindt voordat er sprake is van symptomen. Wie met corona besmet is, kan onbewust een ravage aanrichten onder vrienden en familie, met soms dodelijke afloop. Contactonderzoek en quarantaine zijn dus cruciaal. Eén van de essentiële wapens tegen een infectieziekte zonder behandeling of vaccin. Maar de baas van de volksgezondheidsorganisatie ziet het belang niet.

De GGD’s wijzen liever naar de twintigers die nu feesten, roekeloos (doodnormaal) gedrag vertonen, terughoudend zijn met mondkapjes. „Soms hebben mensen wel 40 of 50 contacten”, bromden de GGD-bazen hoofdschuddend. Hoe moeten we dan bron- en contactonderzoek volhouden?

Schaal maar gewoon op, het zal moeten, want de maatschappij moet door. Straks hopen we dat tieners weer gewoon zoals vanouds een dertigtal contacten hebben op een dag, of zestig, omdat de scholen weer opengaan. We willen weer opgeleid worden, naar stage en college, naar concertzalen, naar kerk/sjoel/moskee, naar festivals, verjaardagen, bruiloften, begrafenissen. We willen door met ons leven. Daarvoor zijn we met zijn allen voor een belangrijk deel afhankelijk van het functioneren van de GGD. Die organisatie kan zich geen enkele misstap, geen enkele verrassing, en geen excuus meer veroorloven.

Rosanne Hertzberger is microbioloog.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.