Opinie

Vragen over de corona-app zijn nog niet weg

Pandemie Nederland beschermen tegen corona begint bij voldoende testcapaciteit, IC-bedden en investering in de organisaties en zorgverleners. Een app moet eerst zijn meerwaarde aantonen, zeggen en
Foto Rob Engelaar/ ANP

De digitalisering van de gezondheidszorg verliep met grote zorgvuldigheid. Bij de CoronaMelder-app lijkt dat principe over boord gezet, want belangrijke waarborgen voor de burger lijken nog niet op orde. Profilering, stigmatisering en ongewenste afhankelijkheid liggen op de loer.

Op 1 september moet de lancering van de CoronaMelder app een feit zijn. De belofte is dat de app gaat helpen bij het indammen van uitbraken door gebruikers te informeren over mogelijk contact met een besmet persoon. Er zijn al veel kanttekeningen geplaatst bij de toegevoegde waarde van de app zelf. Het ministerie van Volksgezondheid heeft ook al veel werk gemaakt van de technologische gegevensbescherming. Veel minder aandacht is er geweest voor de impact van het gebruik van de app op de rechten en positie van burgers op langere termijn.

De app is afhankelijk van gratis bouwstenen die Apple en Google aanbieden. In de huidige Data Privacy Impact Assessment van het ministerie staat dat deze bedrijven dit doen om hun reputatie te verbeteren. Hun commerciële belangen – zoals het maken van profielen van burgers – worden niet genoemd.

Dat Apple en Google niet volledig transparant zijn over hun systemen geeft wel te denken. Nu is niet onafhankelijk vast te stellen hoe ze werken en of ze veilig zijn. De techbedrijven zeggen niet uit te zijn op profielen, maar de kans bestaat wel degelijk dat zij straks weten wie risico loopt, wie ziek is, wie immuniteit heeft en wie wel of niet getest is. Informatie die tijdens deze pandemie goud waard is.

Waarborgen

Normaal zijn waarborgen voor de rechten van de burger en taken van de overheid opgenomen in inkoopvoorwaarden. Deze worden omzeild door het gegeven paard van Apple en Google. Zij stellen nu eenzijdig de voorwaarden op, en zijn vrij om die in de toekomst te wijzigen. Ook zijn ze niet aansprakelijk als er iets door hun schuld mis gaat. Na 1 september zitten we dus mogelijk voor lange tijd vast aan hun systeem zonder garanties.

Luister ook naar de podcast: Komt de corona-app er dan nu echt?

Dit alles staat in schril contrast met de afgelopen decennia waarin met de grootste zorgvuldigheid is gewerkt aan het elektronische patiëntendossier en toepassingen van kunstmatige intelligentie in de zorg. Die praktijk van voorzorg wordt nu bij het grofvuil gezet.

Andere corona-apps laten zien hoe het mis kan gaan. De OLVG-app (voor zelfrapportage van coronaklachten) is met een druk op de knop te koppelen aan de gezondheids-app van Apple. Ook zagen we dat het LUMC op basis van data uit haar Corona Radar-app de Leidse wijk Roomburg en binnenstad tot risicogebied bestempelt. Gezondheidsdiensten verliezen door de apps de controle over de communicatie en dit leidt nu al tot mogelijke stigmatisering.

De minister moet met Apple en Google wettelijke waarborgen vastleggen tegen profilering en stigmatisering

Nederlanders beschermen tegen het coronavirus begint bij een goede infrastructuur voor publieke gezondheid: voldoende testcapaciteit, IC-bedden en investering in de bijbehorende organisaties en zorgverleners. De app moet in die context passen, grondig worden getest en zijn meerwaarde aantonen.

De minister heeft nog tijd om te onderhandelen met Apple en Google. Ook kunnen wettelijke waarborgen worden vastgelegd die profilering en stigmatisering nu en in de toekomst voorkomen. Essentieel, want het gaat om onze gezondheid.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.