Recensie

Recensie Muziek

Het Grachtenfestival is een proeflokaal vol spelplezier

Het Grachtenfestival blijft een plek om de musici van morgen te ontdekken. Een generatie met onderscheidende verhalen en karakters.

Uit de voorstelling ‘Within Time’
Uit de voorstelling ‘Within Time’ Foto Melle Meivogel

Het Amsterdams Grachtenfestival is in mentaliteit weinig ‘gordeliaans’: hier geen hoofdstedelijke zelfgenoegzaamheid, maar een veilige haven voor jonge musici om te durven en om zichzelf uit te vinden. Muziek groeit hier uit tot een proeflokaal waar het talent zoekt naar spelplezier en naar nieuwe verhalen en symbolen.

Dat gebeurt bijvoorbeeld in de voorstelling Within Time over het omgaan met de angst en eenzaamheid die corona in ons oproept met stukken die zo’n drie eeuwen overbrugden: een reis van Henry Purcells O Solitude, via William Bolcoms Waitin’ naar Morgen van Richard Strauss.

Witte slierten liggen op de vloer van de Zuiderkerk als afgestroopte slangenhuiden, de musici en dansers trekken ze strak tot een web van afzonderlijke levensdraden. Tenslotte worden ze verbonden, zoals de stemmen van sopraan Brigitte van Hagen en bariton Dominic Kraemer in Monteverdi’s liefdesduet ‘Pur ti miro’: „zolang ik je omhels, zolang ik je omarm, zal er geen pijn meer zijn en geen verdriet”. Dat omhelzen zal alleen voorlopig nog wel – verwoordt het slotlied Morgen daarna – moeten doen met „elkaar in de ogen kijken”.

Emmy Storms & Cynthia Liem en het duo Ananta.

Behalve voor het zoeken van nieuwe wegen is het Grachtenfestival een plek waar muzikale beloften hun eigen stem kunnen laten ontluiken in het klassieke repertoire. In de serie Jong Talent in de Oude Wester gaf onder meer de 14-jarige celliste Donna van Leeuwen een prachtige vertolking van Max Bruchs Kol Nidrei, begeleid door het orgel. Lange zanglijnen sierden haar spel.

Indruk maakte ook de 20-jarige violist Leon Blekh in de Vondelkerk. Hij nam met Messi-achtig gemak virtuoze hindernissen – soms leek hij zelfs twee violen tegelijk te bespelen – zonder dat de noten aan betekenis verloren. Een intensiteit die ook het jonge pianokwintet De Formule kenmerkte in de Singelkerk.

Wat enigszins tegenviel, was Indian Nights in het Scheepvaartmuseum door artist in residence, violiste Emmy Storms, pianiste Cynthia Liem, Heiko Dijker op tabla en Lenneke van Staalen op de ‘Indiase’ viool. Dat had vooral te maken met de versterking. Het Indiase duo Ananta zat veel dichter op de microfoons, waardoor zij het klassieke tweetal bij tijd en wijle wegbliezen. Met name de vleugel sneeuwde onder. Een typisch geval van jammer, want een dialoog tussen twee zulke verschillende muzikale culturen blijft boeiend, maar nu was het door de techniek slechts eenrichtingsverkeer van oost naar west.