Een plons, en daar gáát je trouwring

Trouwringfluisteraar De stichting gevonden-verloren helpt mensen die een geliefd metalen voorwerp kwijt zijn geraakt. „Martin heeft een soort zesde zintuig.”

Martin van Hees zoekt naar de verloren trouwring van de man van Xia Robbers. De reacties op zijn vondsten „werken verslavend”.
Martin van Hees zoekt naar de verloren trouwring van de man van Xia Robbers. De reacties op zijn vondsten „werken verslavend”. Foto Walter Herfst

‘Hebben jullie de ring al gevonden? Nee? Wat erg!” In een plantsoen in Purmerend staan voorbijgangers te kijken naar Martin van Hees (42). Die staat in zijn duikerspak in een smoezelige sloot onder een bruggetje – en heeft met zijn metaaldetector tot nu toe alleen scooteronderdelen, frisdrankblikjes en wat munten opgeduikeld.

Van Hees is oprichter van de stichting gevonden-verloren, die mensen helpt om in het water, op het strand of in het bos verloren items met metalen erin terug te vinden: dierbare ringen, armbanden, oorbellen. Stephan van Uden (46), secretaris van de stichting, staat even verderop onder een boom te schuilen voor de stromende regen. Af en toe loopt hij naar de rand van de sloot, om de troep aan te pakken die Van Hees van de bodem vist.

Xia Robbers (39) heeft de hoop op een goede afloop al verloren, zegt ze, als ze de twee mannen een blikje cola komt brengen. Haar man vond het leuk om hun dochter, Evi (2), te laten horen dat het hout op de brug anders klinkt dan de metalen bouten. Dat deed hij door er met zijn trouwring op te tikken. Een gouden ring zonder fratsen was het, die ze in Hongkong hadden gekocht voor hun bruiloft in China, bijna tien jaar geleden.

Gisteren liepen ze weer over de brug, op weg naar de supermarkt. „Tiktiktik”, zei Evi – en wees naar de ring.

Voordat Xia Robbers haar man kon tegenhouden, had hij het sieraad al afgedaan en aan Evi gegeven. Die had niet lang nodig om de ring te laten vallen, die een paar keer over de planken stuiterde voordat hij via een van de spleten in de sloot viel.

Tiktiktik. Plop.

Het verhaal kwam dezelfde dag nog in de mailbox van gevonden-verloren binnen. Van Hees keek meteen wie van de 46 vrijwilligers het dichtst bij Purmerend wonen en vroeg hen naar het bruggetje te gaan. Maar na een paar uur moesten zij de zoektocht opgeven. Hier was iemand voor nodig die duikersspullen heeft.

Martin van Hees kan het niet verkroppen als een zoektocht niet slaagt. Dus is hij vanochtend met Stephan van Uden in de auto gestapt, die ervan overtuigd is dat Van Hees de ring gaat vinden: „Martin heeft een soort zesde zintuig.” Het zal ook helpen dat zijn achterbak is gevuld met metaaldetectors, vissersmagneten, pinpointers en andere hulpmiddelen voor een trouwringfluisteraar.

Sinds Van Hees de stichting vier jaar geleden begon, zijn er ongeveer 1.500 trouwringen teruggevonden. Elke dag komen er wel paar meldingen binnen van mensen die een sieraad in een slootje, op het strand of in de tuin zijn verloren. Of, dat komt ook voor: tijdens een echtelijke ruzie hebben weggesmeten.

De vrijwilligers die naar de voorwerpen zoeken, hebben zelf vaak gewoon werk. Voor hun speurwerk krijgen ze niet betaald, de stichting vraagt alleen om een reiskostenvergoeding. Nieuwe opdrachten krijgen ze onder meer door hun kaartje aan nieuwsgierige omstanders uit te delen. En sinds ze een keer bij presentator Beau van Erven Dorens aan tafel hebben gezeten, ging het hard met de aanvragen.

Laatste foto’s overleden vader

De stichting heeft daarom een selectiecriterium ingesteld: de items moeten een emotionele waarde hebben voor de eigenaar. En dat hoeven dan niet alleen trouwringen of ashangers te zijn, zegt Van Hees. Zo heeft hij ooit iemand geholpen die zijn telefoon was verloren waar de laatste foto’s van diens onlangs gestorven vader op stonden. En hij werd eens huilend gebeld door een man die een sleutelhanger tijdens een boswandeling was kwijtgeraakt. Er zat een geknoopt touwtje aan dat zijn dochter had gemaakt. Zij was aan leukemie overleden. De sleutelhanger met touwtje werd teruggevonden.

Zijn ze zelf ook wel eens iets waardevols verloren?

„Ik wel” , zegt Martin van Hees, met een oor half in het water zodat hij met zijn hand de bodem van de sloot kan bevoelen. „Ik ben een keer een hanger verloren bij een waterplas. Een ketting met een voetbal eraan, ik had hem op mijn verjaardag gekregen van mijn tante die op sterven lag. Zij was een soort moederfiguur voor mij.”

Hij heeft er zeven jaar lang naar gezocht. Toen nam hij zijn zoontje een keer mee naar die plas. „Hij ging met zijn metaaldetector de bosjes in, waar ik nog niet had gezocht. En kwam met een hanger met een balletje aanzetten. Is dit ’m?” Van Hees schiet vol en zwijgt even. „Dat gevoel wil ik andere mensen ook geven.”

Hij zegt „het een fijn idee te vinden” dat hij zich met de stichting nuttig maakt voor de maatschappij. „Gewoon werken” kan hij niet meer. Van Hees is afgekeurd vanwege een auto-immuunziekte die verschillende aandoeningen in zijn lichaam veroorzaakt, waaronder ontstekingsreuma en de ziekte van Crohn. „Ik had volgens de artsen allang in een rolstoel moeten zitten.” Hij kan daardoor minder vaak zoeken dan hij zou willen.

Als hij op pad gaat, is Stephan van Uden vaak zijn chauffeur, zodat hij energie kan besparen. De twee zijn vrienden, ze hebben elkaar leren kennen in hun woonplaats Spijkenisse. Van Hees was er in de bosjes naar een sieraad te zoeken, Van Uden vroeg of hij hem kon helpen. Eigenlijk zijn alle vrijwilligers van de stichting een hechte vriendenclub, zegt hij. In de periode dat hij chemokuren kreeg en er „best een beetje doorheen zat” – Van Uden: „Hij heeft vaak op het randje gestaan” – heeft de groep een ring voor hem ontworpen met het hartjeslogo van de stichting en zijn initialen erin gegraveerd. Ze deden uiteraard alsof hij een sieraad voor iemand anders moest opsporen – en begeleidden hem naar de plek waar ze de ring hadden verstopt.

De ring in de sloot laat zich vandaag iets moeilijker vinden. Hij zou ergens onder het rode touwtje moeten liggen dat Van Uden om een van de planken van de brug heeft gehangen, op aanwijzing van de man van Xia Robbers. Maar er ligt zoveel metaal onder de brug, dat het signaal van de ring waarschijnlijk wordt verstoord. Dus werpt Van Uden een vissersmagneet in het water om de grotere voorwerpen uit de sloot te trekken en maakt Van Hees het zoekveld groter. Stephan van Uden: „Hij zoekt altijd op andere plekken dan de opdrachtgevers aangeven.” Mensen verliezen hun spullen vaak ook eerder dan ze denken, zegt Van Hees. „En daarna horen ze bijvoorbeeld een plons, zien dat hun ring weg is, en denken dat het dan is gebeurd.”

Even otteren

Van Hees wil niet naar huis voordat hij de ring heeft gevonden, zegt hij, ook al begint hij moe te worden en krijgt hij het koud. De reacties op zijn vondsten „werken verslavend”. Het gaat altijd op dezelfde manier. Handen in het gezicht, ongeloof. En dan de ontlading.

Hoe vaak er wel niet mensen huilend om zijn nek hebben gehangen. Regelmatig willen ze ook iets voor hém betekenen. Hij had een keer een ketting van een vrouw teruggevonden die graag aan de stichting wilde doneren, maar het geld er niet voor had. Twee jaar later ontving hij een mailtje van haar: ze had kaartjes voor de Lion King gewonnen bij de Postcode Loterij. Of hij zijn adres wilde sturen, zodat hij met zijn vrouw en kinderen naar de musical kon.

„Let niet op mij, ik ga even otteren”, zegt Van Hees, die zich na ruim drie uur zoeken op zijn rug draait en onder het bruggetje gaat ronddobberen. Later zal hij zeggen dat hij wist dat hij dichtbij was, maar teveel gefocust was op het voelen. En dan voel je het dus niet. Meestal helpt het hem dan om even rond te drijven en „alles los te laten”.

Een paar minuten later schept hij zijn arm onder water, komt overeind en wijst zwijgend omhoog, alsof hij een olympisch record heeft gevestigd. Om zijn vinger hangt een gouden ring.

„Nee! Dat méén je niet!”

„Je hebt ’m gewoon!”

Gejuich. Geklap. Geknuffel.

„Ik zei het je”, zegt Van Uden trots tegen de verslaggever. „ Hier valt niks meer aan toe te voegen, dit spreekt voor zichzelf.”