Opinie

De ideale topturner hoeft geen robot te zijn

Sport Toen jong was en serieus turnde, leerde ze overleven door zich te voegen naar de harde codes van de training. Inmiddels weet ze beter.

Geblesseerde turnster (het meisje op de foto speelt geen rol in dit verhaal)
Geblesseerde turnster (het meisje op de foto speelt geen rol in dit verhaal) Foto Andy Cross/ The Denver Post

Haarscherp herinner ik me het moment: als 10-jarige turnster zat ik op bed. Ik nam een besluit: ik was klaar met het voelen van emoties. Emoties delen was al helemaal niet handig. Ik kon het voortaan alleen. Het kind in mij vormde zich tot een robot. De ideale turnster.

Slaan, schoppen, en aanranding worden gemakkelijk geïdentificeerd als grensoverschrijdend gedrag. Psychische mishandeling bevindt zich in een grijzer gebied, zonder afgebakende grenzen. Het gaat om mishandeling door woorden of juist door wat niet gezegd wordt. Het negeren of kleineren. Gevolgen zijn niet, zoals een blauwe plek, direct zichtbaar. De pijn die volgt is minstens zo ernstig. Die pijn wordt indirect zichtbaar over een periode van jaren, geïntegreerd in de persoonlijkheid van een turnster. Nu ex-turnsters met die pijn naar buiten durven te treden, is het de tijd om grenzen af te bakenen. Juist in een wereld die topsport heet, waar gestreefd wordt naar uitersten, zijn grenzen nodig. Grenzen om het kind te beschermen.

Een gebruikelijke reactie van een ambitieus kind dat sterk wordt bekritiseerd en onvoldoende gewaardeerd is het uitschakelen van emoties. Dat kind leert dat anderen haar niet meer kunnen raken als ze haar emoties uitschakelt. Zo kan ze zich richten op het perfectioneren van haar prestatie en tegelijkertijd kritiek verdragen. Ze leert overleven.

Recept voor trauma

Wat het kind niet leert, is voor zichzelf opkomen, grenzen aangeven, tevreden met zichzelf zijn. Het kind leert niet haar emoties te uiten, te delen en te verdragen. Het kind leert niet dat ze gewaardeerd wordt om wie ze is, maar om haar prestatie. Een ultiem recept voor complexe trauma’s, depressies, identiteitsproblematiek, eetstoornissen en langdurige psychische klachten.

Het kind heeft niet door aan welke arbeid ze begint en waar ze geleidelijk aan slaaf van wordt. Deze verantwoordelijkheid ligt bij de trainer, die gecontroleerd dient te worden door de turnclub en de Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie (KNGU).

Het is essentieel dat de trainers en KNGU blijk geven van erkenning van het misbruik en dusdoende hun verantwoordelijkheid nemen. Opmerkingen als ‘het hoort nou eenmaal bij topsport’ houden de huidige grensoverschrijdende cultuur in stand. Het risico bestaat dat de KNGU met een verklaring komt dat de genoemde mishandelingen niet meer van toepassing zijn op de huidige turnsters en tot het verleden behoren. Het is zeer de vraag of dit echt tot het verleden behoort, of dat turnsters van de huidige generatie niet durven te spreken in een zwijgcultuur waar zij nog steeds deel van uitmaken. Of dat zij zich pas realiseren in welke wereld zij zich bevonden wanneer zij, soms pas jaren later, te maken krijgen met de psychische gevolgen.

Het doel moet niet zijn om de desbetreffende trainers te veroordelen. Het gaat om trainers die vanuit hun eigen jeugd en opleiding nooit beter hebben geweten dan dat deze aanpak het recept is voor succes. Trainers die zich niet bewust zijn van de psychische gevolgen voor het kind. In de psychiatrie is het een bekend gegeven dat mensen die zelf als kind mishandeld zijn, een grotere kans hebben later zelf te gaan mishandelen. Dit betekent niet dat ze niet verantwoordelijk zijn voor hun gedrag, maar dat ook zij slachtoffer zijn, als gevolg van een onjuist referentiekader. Dit gaat uiteraard niet op voor seksueel misbruik zoals van Larry Nassar (uit de Netflixdocumentaire Athlete A) en andere trainers die zich bewust overgaven aan machtsmisbruik.

Lees ook: Ook toptalentjes hebben recht op plezier in hun sport

Betere opleiding nodig

Trainers op non-actief zetten geeft ex-turnsters misschien enige erkenning van hun pijn en de voldoening dat het ongeziene eindelijk gezien wordt, maar het schiet zijn doel voorbij. Zet in op cultuurverandering. Benoem per direct een psycholoog in de zaal voor observatie. De KNGU doet er goed aan om zich, afgezien van een onderzoek naar wat er mis ging, te richten op het ontwikkelen van een gedegen opleiding voor trainers, aangezien die nu zeer matig is. Een opleiding die zich niet alleen concentreert op het technische aspect maar waarin een pedagogisch en psychologisch referentiekader wordt geïntegreerd. Zodat trainers geen robots creëren die doen wat hun wordt opgedragen, maar die kinderen leren het beste uit zichzelf te halen zonder zichzelf onderweg te verliezen. Waarbij het kind de eigen grenzen leert kennen en hiervoor durft en mag opkomen, zonder dat het de mond wordt gesnoerd. Dit is niet alleen van belang om op een gezonde manier te kunnen turnen. Het is van belang om gezonde relaties aan te kunnen gaan en te kunnen functioneren in een baan in het ‘normale’ leven.

Straffen als methode voor het verkrijgen van de beste resultaten is al jaren achterhaald. Belonen helpt echt beter dan straffen, is in gedragstherapeutisch onderzoek aangetoond. Blindelings de ideeën van voorgangers volgen past niet meer bij onze maatschappij. Ook de turnsters die zich nu uitspreken horen beloond te worden voor hun moed, niet gestraft, zoals nog veel te vaak het lot is van een klokkenluider.

Toen ik 14 was besloot ik over te stappen naar een andere vereniging. Bezwaar maken leverde mij alleen straf op. Jaren later kreeg de desbetreffende trainer alsnog ontslag en kreeg ik mijn erkenning. Maar pas toen ik volwassen was leerde ik hoe ik weer een mens kon zijn, geen robot meer. Een mens die zijn kwetsbaarheid durft te laten zien, niet als teken van zwakte, maar van kracht.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.