Voor concurrenten als Uber is Jitse Groen niet bang. „Als je 50 miljard hebt, wat ga je dan doen? Je kan ons niet meer verslaan in landen als Nederland, het Verenigd Koninkrijk of Duitsland. We zijn te groot.”

Foto Annabel Oosteweeghel

Interview

Takeaway-topman Jitse Groen: ‘Je kan toch niet meer van ons winnen’

Takeaway Het bedrijf van Jitse Groen groeit dit jaar uit tot de op een na grootste maaltijdbezorger ter wereld. Groot zijn vindt Groen het allerbelangrijkst. In robots, zoals bezorgdrones, gelooft hij dan weer niet. „En áls ik het fout heb, dan kopen wij de meeste robots. Want dan zijn wij de grootste.”

Als Jitse Groen vanuit zijn kantoor de gang inloopt, ziet hij een reusachtige pizza met ananas. Het gerecht hangt, in posterformaat, aan de wand naast een van de werkplekken voor zijn personeel. Pizza is een terugkerend thema op de hoogste verdieping van het hoofdkantoor van bestelplatform Just Eat Takeaway.com in Amsterdam. Hokjes en zaaltjes dragen er namen zoals Pizza Salami en Pizza Hawaii.

Ook andere etages staan in het teken van eten. Op de vierde verdieping zitten werknemers tussen de noedelgerechten, de zesde etage staat in het teken van bowls. Uitzonderingen zijn de kantoren van de top en de grote zaal waar de raad van bestuur vergadert, die allemaal uitkijken op het IJ. De vergaderzaal, met zijn grote ovale tafel en „stoelen van tweehonderd, driehonderd euro” heet simpelweg de boardroom.

Vanuit deze vertrekken sturen oprichter Groen en zijn medebestuurders een bedrijf aan dat een groot deel van Europa, en binnenkort ook de Verenigde Staten, van warme maaltijden voorziet. Dat begon twintig jaar geleden in Nederland met het domein Thuisbezorgd.nl. Het was een tijd waarin de Noord-Hollander al zijn werknemers nog kende.

Zo overzichtelijk is zijn bedrijf allang niet meer. Just Eat Takeaway heeft nu dertig kantoren en meer dan achtduizend werknemers wereldwijd. Vroeger stond Groen zijn personeel „ergens op een bierkratje” toe te spreken. Nu is de afstand tussen de top en de bedrijfsvloer groter. Dat maakt het belangrijker om goed te communiceren, stelt hij. „We nemen nu zoveel mensen aan. Als ik twee maanden niks van me laat horen dan zijn er weer een paar honderd man die denken: wat is hier aan de hand?”

Als we alleen in Nederland waren gebleven, bestonden we niet meer

Voor Groen, die graag getutoyeerd wil worden, is 2020 het jaar waarin hij uitgroeit tot het op één na grootste maaltijdenplatform van de wereld, na het Chinese Meituan. Een jaar geleden was Takeaway.com marktleider in vijf landen: Nederland, België, Duitsland, Polen en Oostenrijk. Door een fusie met het Britse Just Eat, waarin Takeaway het voortouw nam, werd zijn bedrijf plots vier keer zo groot.

Kort nadat de krachtenbundeling dit voorjaar werd afgerond, breidde Groen opnieuw uit. In juni, midden in de coronapandemie, kondigde hij de overname van zijn Amerikaanse concurrent Grubhub aan, voor 6,4 miljard euro. Als die aankoop door toezichthouders wordt goedgekeurd, ontstaat een bedrijf met meer dan zeventig miljoen klanten, dat vorig jaar bijna zeshonderd miljoen bestellingen verwerkte.

De afgelopen maanden zat iedereen thuis. Jullie zullen een goed halfjaar gehad hebben.

„Dat zou je denken. Het weekend dat in Nederland maatregelen werden aangekondigd, ging onze omzet met 30 procent omlaag. Dat zagen we eigenlijk in heel Europa. Iedereen begon te hamsteren en zat omringd door eten thuis. Dan hoef je natuurlijk niet te bestellen. Later trok het trouwens wel weer aan, en op dit moment gaat het weer heel erg hard.”

Je deed dit jaar twee grote overnames. Het kopen van bedrijven loopt als een rode draad door de geschiedenis van Takeaway.

Groen breekt in. „Dat is dus niet waar.”

Waarom niet?

„Wij zijn pas met overnames begonnen in 2014. Tot die tijd groeiden we organisch, dat heeft ons in de positie gebracht om bedrijven over te kunnen nemen. Uiteindelijk hebben we Duitsland gewonnen, omdat we een hele sterke basis in Nederland hadden.”

Groen zal het tijdens het gesprek meerdere keren herhalen: in de markt voor maaltijdbezorging kun je alleen succesvol zijn door de grootste te worden. De klant wil zo veel mogelijk te kiezen hebben, en restaurants willen zo veel mogelijk klanten. Wie eenmaal de grootste is, kan nauwelijks nog door concurrenten worden ingehaald.

De markt voor maaltijdbezorgers verandert in rap tempo in een spel tussen enkele wereldspelers. Tegen wie neemt Just Eat Takeaway.com het op?

In hun pogingen marktleider te worden zetten maaltijdbestelsites daarom alles op alles. Ofwel: veel geld uitgeven aan marketing en, vaak, grote verliezen lijden. Toch gaan groei en verlies niet per se hand in hand, zegt Groen. Ja, zijn bedrijf leed verlies in Duitsland toen hij dat land probeerde te „pakken”, maar dat kon alleen omdat hij in Nederland wél winst maakte. Het kostte Groen elf jaar om geld te verdienen in Duitsland.

Hoe gaat zo’n overname? Bel je? Stuur je een e-mail?

„Dat zijn hele lange trajecten. Het eerste contact met Just Eat had ik al in 2008.”

Je kocht in de eerste jaren kleine Nederlandse sites op: Emeal, Pizzaweb. Hoe ging dat?

„We werden te groot. Dat zagen zij ook. Daar kun je dan tegenin gaan, of je kunt zeggen: ik vind het wel best, geef me gewoon wat geld.”

Komen bedrijven naar jou toe?

„Dat is zo gegroeid. Maar als je nog een piepklein Nederlands bedrijfje bent, denken anderen: het zal wel, die bellen we niet. Just Eat kennen we al langer, omdat wij al in een vroeg stadium een interessante overnameprooi voor hen waren. Daarom hebben we ooit een telefoontje van ze gehad.”

Zij belden jou: kunnen we jullie niet kopen?

„Hun toenmalige directeur [Jesper Buch] is Deens. Denen zijn heel direct, hè? Dus hij zei niet eens hallo. Hij zei: ik wil België van je kopen, terwijl ik die vent nog nooit had ontmoet. Ik zei: ‘sorry, België is niet te koop’. Dat was geen aangenaam gesprek. Mensen bellen ook niet bij je thuis aan en zeggen: ‘ik wil je huis kopen’. Zo werkt het natuurlijk niet.

„Later heeft Just Eat vaker met ons gepraat, om te polsen of we iets samen konden doen. Ze hebben altijd een beetje aangehikt tegen ons Duitse avontuur. Want zij dachten: Duitsers bestellen niet. Maar ze bestellen dus wel.”

Na zo’n enorme fusie hadden veel ondernemers even pauze genomen. Jij koopt vijf maanden later Grubhub, de op twee na grootste maaltijdbezorger in de VS.

„Maar dat is allemaal heel logisch, hè? Doordat we de situatie in Duitsland onder controle kregen, wilde Just Eat met ons praten. En dankzij de fusie met Just Eat konden we Grubhub overnemen. Die kans heb je eens in de vijftien jaar. Natuurlijk is het dan ideaal om drie jaar even rustig aan te doen, maar ja…”

Als je het nu niet had gedaan, was de Amerikaanse markt verkeken?

„Voor ons wel. We stellen hoge eisen aan een bedrijf. Het mag niet verlieslatend zijn en we kopen geen bedrijf waar we niets aan kunnen verbeteren. Met de andere spelers in de VS kunnen wij als Takeaway niks. Die verliezen honderd miljoen per jaar, soms per kwartaal. Ik zou niet weten hoe ik dat moet oplossen.”

Je gaat nu de strijd aan met de grootste spelers. In de hardste vechtmarkt, de VS.

„Dat moet je anders zien. Wij hebben de afgelopen twintig jaar concurrentie gehad van Jan en alleman. De enige reden dat wij dat hebben overleefd is omdat we winstgevend zijn, en omdat we groot zijn. Als we alleen in Nederland waren gebleven, bestonden we niet meer.”

Jitse Groen (1978) wordt geboren in Delft, en groeit als kind op in Kolhorn en ’t Veld, twee dorpen in Noord-Holland. Als middelbare scholier in Schagen en student bedrijfsinformatietechnologie aan de Universiteit Twente blinkt hij niet bijzonder uit, vertelt hij in eerdere interviews. Hij is „tamelijk lui” en mikt vooral op een goede vaste baan in het bedrijfsleven. Zijn studietijd bestaat uit „een beetje roeien, een beetje feesten en een beetje studeren”, zegt hij in 2016 tegen Het Financieele Dagblad.

Groen reist in het najaar van 1999 naar een familiefeest in ’t Veld. Het gezelschap heeft zin in Chinees en probeert online eten te bestellen. In de nabije omgeving blijken alleen pizzeria’s te bezorgen. Het brengt Groen op het idee om Thuisbezorgd.nl te starten – hij registreert de site een halfjaar later.

Het begon met honger, een goed idee en 11 bestellingen. Tegenwoordig bezorgt Takeaway bijna 100 miljoen maaltijden aan huis.

Het verhaal is vaak verteld en Groen heeft weinig zin om daar voor de zoveelste keer op terug te komen, zegt hij. „Hoe was dat dan twintig jaar geleden, vragen journalisten me dan. Dat zijn dingen, die heb ik al honderd keer uitgelegd. Je had het me vijftien jaar geleden moeten vragen. Toen wist ik het nog.”

Groen groeit op met computers, zijn vader werkt in de automatisering. Hij is niet van nature een programmeur, zoals gebruikelijk bij oprichters van techbedrijven. Als Groen na een gesprek met de slijter die bier rondbrengt op de universiteit de vraag krijgt of hij niet voor duizend gulden een site voor hem kan bouwen, heeft Groen geen idee hoe dat moet. Hij schaft het boek Programmeren voor Dummies aan en leert zichzelf hoe hij een site moet bouwen. In 2000 gaat Thuisbezorgd.nl online. De domeinnaam koopt Groen met 100 gulden van zijn studiefinanciering.

De eerste jaren verlopen moeizaam, maar met de komst van het breedbandinternet gaat het lopen. Tegenwoordig is Groen miljardair: hij is nog steeds voor ruim 10 procent eigenaar van het bedrijf en zijn vermogen wordt geschat op 1,4 miljard euro. Over zijn privéleven wil hij niet praten. Bekend is alleen dat hij van vliegen houdt en vliegles heeft gehad. Of Groen getrouwd is of kinderen heeft, daar doet hij „liever geen uitspraken over”, zegt zijn woordvoerder. „Hij heeft er niet voor gekozen om bekende Nederlander te worden.”

Veel ondernemers in jouw positie stoppen uiteindelijk met hun eerste bedrijf, om iets nieuws op te richten. Zie jij jezelf dat doen?

„Er zijn maar een paar mensen die meerdere bedrijven kunnen oprichten, die ook nog eens redelijk succesvol zijn. Ik denk dat het heel moeilijk is.

Je kan dit niet meer overtreffen, bedoel je?

„Uiteindelijk is ondernemen een lange rij aan juiste beslissingen nemen. Het moment moet goed zijn. Ik startte mijn bedrijf toen de internetbubbel barstte. Niemand had geld, het speelveld was gelijk. Als je nu een bedrijf opricht heb je te maken met een of andere Chinees, die je bedrijf binnen drie seconden kopieert.

Zijn er ondernemers naar wie je opkijkt?

„Nee. Nooit mee bezig geweest.”

Kom. Echt níémand?

„Wat Elon Musk [topman van Tesla en SpaceX] doet door al die bedrijven te starten, dat vind ik heel knap. Maar tegelijkertijd: hij is gek.” Groen lacht. „Dan is het lastig om te zeggen: wat een goeie peer, maar het is wel knap wat hij doet.”

Over Elon Musk gesproken: jij gelooft niet dat er straks een drone aan de deur komt met een pizza hè? Waarom niet?

„Omdat het niet kan. Vertel mij maar hoe die drone hier binnenkomt.” Hij wijst naar het raam. „Kan zo’n drone op het raam tikken? Dat zijn vooral verhalen van bedrijven zonder winstmodel. Die op elke bestelling verlies maken en ondertussen zeggen: maak je geen zorgen, als de robots komen dan komt het allemaal goed. Neehee, jongens, áls er robots komen en ik heb het fout, dan kopen wij de meeste robots. Want dan zijn wij de grootste, en dan kan ik de meeste robots kopen. Maar ik denk niet dat ik het fout heb. Want ik zou niet weten hoe hier een drone de trap oploopt.”

Concurrenten zoals Uber investeren in bezorgdrones en zelfrijdende auto’s. Je hebt die behoefte niet?

„Nee. Je moet dingen doen waar je goed in bent. Ik snap dat hele principe niet. Het is afleiding. Vaak van bedrijven die mensen onderbetalen en dan zeggen: die robot van 50.000 euro kan het goedkoper. Klopt niet.”

Bedrijven in maaltijdbezorging krijgen steeds meer kritiek, met name over hoe zij omgaan met arbeidskrachten – doorgaans flexwerkers aan de onderkant van de arbeidsmarkt zonder zekerheid, pensioen of verzekering. De rechtbank in Amsterdam verplichtte concurrent Deliveroo vorige zomer al zijn medewerkers in dienst te nemen, waardoor ze recht krijgen op pensioen en vakantiegeld. De rechtszaak loopt nog: Deliveroo ging tegen de uitspraak in hoger beroep.

Is het een voor- of nadeel om een Nederlands bedrijf te zijn?

„We zijn wel heel netjes. We hebben onze koeriers in dienst. Dat doen onze concurrenten allemaal niet en dat is een nadeel voor ons, want het is veel duurder. Maar ik ga niet als groot internationaal concern allerlei schijnzelfstandigen inzetten. Dat vind ik gewoon niet passen bij waar wij vandaan komen.”

Je concurrenten doen dat wel.

„Ik ben heel benieuwd hoelang dat goed gaat.”

Hoe denk je dat het afloopt?

„Met een hele hoop boetes.”

Heb jij last van dergelijke negatieve verhalen?

„Nou, men veronderstelt dat ook wij onze bezorgers uitbuiten. Nee, dat doen we dus niet. Alleen doordat anderen dat doen, gaan mensen ervan uit dat wij zulke dingen ook doen.”

Arjen Lubach maakte vorig jaar een uitzending

„Dat is een goed voorbeeld!”

….over platformbedrijven, die monopolist werden door geld te verbranden. Takeaway werd daarin veel genoemd als voorbeeld. Hoe zit jij dan thuis op de bank?

„Het was humoristisch bedoeld, maar je zou toch verwachten dat hij de moeite neemt even de feiten na te gaan. Hij suggereerde dat wij venture capital [durfkapitaal] hebben gebruikt om een markt te veroveren. Zo herinner ik het me niet. Ik zat gewoon op mijn zolderkamer, met mijn studiefinanciering. Wij hebben zulke financiering niet gebruikt in Nederland. Dat is gewoon onzin. Wij hebben pas na twaalf jaar venture capital gebruikt, voor Dúitsland.”

De kritiek op monopolievorming van bedrijven als Facebook of Amazon groeit. Hoe kijk je naar die trend?

„Ik vind dat Big Tech gereguleerd moet worden. Er is een aantal bedrijven gekocht door die grote jongens die nooit gekocht hadden mogen worden. Dat heb je zelf toegelaten als overheid. Dan moet je niet opkijken van de gevolgen.”

Hoe is dat anders bij jullie? In Duitsland hadden jullie de halve markt in handen, en je kocht de andere helft.

„Dat had met de grootte van het bedrijf te maken. Op dat moment waren die bedrijven gewoon klein.”

Het gevolg is wel: als een restaurant in Nederland of Duitsland wil bezorgen, dan is er nog maar één serieus platform. Dat van jullie. Is dat geen monopolie?

„Ik volg die redenering, áls de hele markt online zou zijn. Dat is nog lang niet zo. Je kunt echt wel op een andere manier aan je eten komen dan via Thuisbezorgd. Ik mag toch hopen dat mensen nog weten dat er supermarkten, restaurants en afhaalkiosken bestaan.”

Nu vergelijk je toch heel verschillende markten?

„Nee, niet volgens de concurrentieregels. Dan moet je die herschrijven. Onder de huidige regels is dit hoe het werkt.”

Horecavereniging KHN heeft meermaals kritiek geuit op jullie macht. Ooit betaalden restaurants 6 procent commissie, inmiddels is dat 13 procent.

„Dat is ook weer zo’n voorbeeld: de meeste restaurants die op onze site staan, zijn bedrijven die zijn opgericht in de laatste vijf jaar. Wanneer hebben die 6 procent betaald? Nooit! Die tarieven zijn van twintig jaar geleden, toen ik restaurants moest smeken om lid te worden. Dit bedrijf is groter geworden. Als wij niet zouden bestaan waren er waarschijnlijk veel meer restaurants failliet gegaan in deze hele coronasituatie. Ik vind dat zo makkelijk.”

We moeten niet in slaap vallen en fouten gaan maken

Het aantal etenbestelsites dikt door overnames snel in. Waar zie jij dit eindigen?

„In een aantal hele grote sites. Wij denken dat we een goed stuk van de wereld te pakken hebben. Ik hoef niet per se de hele wereld, maar sluit niet uit dat ons stuk nog groter wordt.”

Wie zie je als je grootste bedreiging?

„Onszelf. We kunnen in slaap vallen en fouten gaan maken.”

En extern? Uber? Meituan in China?

„Nee. Die partijen zijn heel erg afhankelijk van het uitrollen van zoveel mogelijk kapitaal. Dat betekent niet dat ze de beste zijn in wat ze doen. En wij zijn groter in landen waar we concurreren. Dus je kunt er net zo veel geld tegenaan smijten als je wil, je gaat toch niet meer van ons winnen. Als je 50 miljard hebt, wat ga je dan doen? Je kan ons niet meer verslaan in landen als Nederland, het Verenigd Koninkrijk of Duitsland. We zijn te groot.”

Gaat dat niet ten koste van innovatie, als alleen de grote bedrijven overblijven? Start-ups met goede plannen komen er niet tussen.

„Nee joh. Innovatie moet van de grotere bedrijven komen. De restaurants zelf kunnen het niet doen. Hoe ga je als klein restaurant een website ontwikkelen? Een app ontwikkelen? Reclame maken? Online betaalsystemen beheren? Compleet onmogelijk.”

Kan een restaurant over tien jaar nog bestaan zonder aangesloten te zijn bij een platform?

„Onmogelijk.”

Kan een restaurant in Nederland over tien nog bestaan zonder te zijn aangesloten bij Thuisbezorgd?

„Nee. Ik denk dat het nu al ontzettend dom is om niet aangesloten te zijn bij ons.”