Ieder land slaat op een ander moment alarm

Besmettingen Het aantal coronabesmettingen neemt toe, maar Nederland zit nog niet op het niveau van de buurlanden.

Terras in Amsterdam. Bezoekers van de horeca wordt gevraagd hun gegevens achter te laten voor contactonderzoek.
Terras in Amsterdam. Bezoekers van de horeca wordt gevraagd hun gegevens achter te laten voor contactonderzoek. Foto EVERT ELZINGA / ANP

Premier Mark Rutte (VVD) waarschuwde wel voor een tweede lockdown, afgelopen donderdag. Maar buiten wat kleine maatregelen (introductieweken van studenten mogen alleen in beperkte vorm en bezoekers van de horeca wordt gevraagd hun gegevens achter te laten) kwamen er geen nieuwe aanscherpingen bij – de lockdown is wat dat betreft nog ver weg.

Ondertussen lopen de cijfers op. Afgelopen week kwamen er gemiddeld ruim 450 nieuwe meldingen van coronabesmettingen bij het RIVM binnen. De week ervoor waren het er nog ruim 240. Een groot deel van die meldingen komt uit Amsterdam en Rotterdam, de twee grootste coronabrandhaarden van het land – ruim een derde van de gevonden besmettingen komen uit deze twee steden. Het aantal besmettingen loopt zo snel op, dat de GGD’s in de beide steden het werk niet meer aankunnen. Het bron- en contactonderzoek wordt er afgeschaald, mensen moeten zelf hun contacten waarschuwen dat ze mogelijk besmet zijn.

Lees ook: Liberaal Rutte heeft moeite met strenge rol in deze crisis

De groei van de epidemie is zorgelijk, stelden Rutte en De Jonge, maar nog geen reden om in paniek te raken. Ze wijzen naar het coronadashboard, waarop onder meer het aantal ziekenhuisopnames wordt bijgehouden. Het RIVM berekende daarvoor een ‘signaalwaarde’: als er minimaal 120 opnames binnen drie dagen zijn, beginnen de aantallen gevaarlijk groot te worden en moet er worden ingegrepen. Daar zijn we nog lang niet, aldus De Jonge.

Maar de ziekenhuisopnames lopen altijd een aantal weken achter op de groei van de besmettingen. Het RIVM berekende bovendien geen signaalwaarde voor het aantal nieuwe bevestigde besmettingen – daar gaan dus nooit alarmbellen rinkelen. Bovendien wil het kabinet een nieuwe opleving het liefst stoppen door regionaal maatregelen te nemen en niet weer het hele land op slot te gooien. „Of en waar dat nodig is”, stelde De Jonge donderdag, „zien we op het dashboard.” Maar op regionaal niveau zijn er ook geen signaalwaarden die alarm slaan als de groei te snel gaat.

Belgische ‘alarmwaarde’

Dat is in de buurlanden anders. Zo heeft België een waarschuwingssysteem op gemeentelijk niveau. Het slaat alarm als er aan drie voorwaarden is voldaan. De eerste is dat er in de afgelopen zeven dagen minimaal 20 besmettingen per 100.000 inwoners zijn gevonden. Daarnaast moeten er minimaal vijf dagen op rij nieuwe coronagevallen zijn gemeld. En in de afgelopen zeven dagen moet het aantal gevonden besmettingen minimaal vier dagen zijn gestegen. Aan die voorwaarden voldeed Rotterdam op 17 juli, Amsterdam kwam op 28 juli in de gevarenzone zoals die in België is gedefinieerd.

Dat wil niet zeggen dat er dan ook direct maatregelen worden genomen. Als een gemeente in België de ‘alarmwaarde’ aantikt, neemt Sciensano, het Belgische RIVM, contact op met de lokale gezondheidsautoriteit om de zaak verder te onderzoeken. Als het bijvoorbeeld om „enkele geïsoleerde gevallen” gaat, is er nog geen reden tot zorg. Zo bereikte Antwerpen op 13 juli de ‘alarmwaarde’, terwijl er pas op 28 juli maatregelen werden genomen. Toen werd er voor de hele provincie Antwerpen een avondklok ingesteld.

De piek in Antwerpen was aanzienlijk hoger dan in Rotterdam en Amsterdam. In de Nederlandse steden komen de waarden op de afgelopen zeven dagen – het voorlopige hoogtepunt – uit op 80 (Rotterdam) en 56 (Amsterdam) besmettingen per 100.000 inwoners in één week; in Antwerpen waren het er op het hoogtepunt, de eerste dagen van augustus, ruim 190.

Inmiddels heeft bijna de helft van de Belgische gemeenten meer dan 20 besmettingen per 100.000 inwoners. In verreweg de meeste gemeenten zijn geen strengere maatregelen genomen. In Nederland komen 38 van de 355 gemeenten boven de Belgische alarmgrens uit – naast Amsterdam en Rotterdam staan ook Bergen op Zoom, Gouda en Gorinchem in de top-5 van meeste besmettingen per 100.000 inwoners in de afgelopen week.

Duitse brandhaarden

In Duitsland is de signaalwaarde (Signalwert) een stuk hoger: in zeven dagen 50 besmettingen per 100.000 inwoners. Er wordt hier gekeken per Landkreis, een bestuurslaag boven de gemeenten. Sommige deelstaten vinden deze signaalwaarde te hoog en hanteren een eigen waarde; bijvoorbeeld 35 besmettingen op 100.000 inwoners in een week. Op dit moment zit maar één regio boven die signaalwaarde: Dingolfing-Landau, in de deelstaat Beieren.

In de plaats Mamming zijn ruim 160 seizoensarbeiders in een groentefabriek besmet geraakt. Het zijn met name zulke grote brandhaarden waardoor het aantal besmettingen in Duitsland boven de gevarengrens komt. Zo raakten eerder honderden medewerkers van een slachthuis in Noordrijn-Westfalen besmet.

In Nederland komen vijf steden boven de Duitse signaalwaarde uit: Bergen op Zoom, Rotterdam, Gouda, Gorinchem en Amsterdam. Daarnaast scoort het dorp Blaricum ook boven de waarde.

Maar ook in Duitsland leidt het alarmsignaal niet altijd tot een verscherping van de maatregelen. In Gütersloh werd een lockdown afgekondigd, die later door de rechter werd teruggedraaid. In Dingolfing-Landau bleef een lockdown achterwege, maar wordt geprobeerd om de uitbraak te stoppen door de besmette personen te isoleren. De betrokken fabriek is wel gesloten.

In Spanje gelden ook signaalwaarden, maar die verschillen per regio. Die leiden vaker dan in België en Duitsland tot een verscherping van de maatregelen: in sommige plaatsen is een lockdown, zoals in het stadje Aranda de Duero in de regio Burgos. In andere regio’s, zoals Catalonië, roept de overheid op om thuis te blijven of gelden reisbeperkingen.

Met medewerking van Erik van Gameren.

Coronavirus pagina 5, 11