Opinie

Wapenbeheersing is uit, maar o zo nodig

Het Non-proliferatieverdrag had succes, maar nu lijkt geen akkoord de internationale wapenwedloop te kunnen intomen, stelt .
Ontploffing van een atoombom onder water, bij een proef van de VS bij het eiland Bikini in de Stille Oceaan, 1946.
Ontploffing van een atoombom onder water, bij een proef van de VS bij het eiland Bikini in de Stille Oceaan, 1946. Foto Photo12/Universal Images Group/ Getty

Het is 75 jaar geleden dat de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki de Tweede Wereldoorlog beslisten. De Little Boy en de Fat Man veroorzaakten direct 250.000 slachtoffers, door na-effecten (onder meer leukemie) zaaien de bommen ook nu nog dood en verderf.

Het effect was zo ontstellend groot dat de bouwers en de Amerikaanse president Harry Truman zich verbouwereerd afvroegen wat ze aangericht hadden. Invloedrijke denkers als Bernard Brodie verkondigden dat de Bom eigenlijk geen militair vechtwapen was, maar een politiek monster dat hoogstens betekenis kon hebben ter afschrikking. Truman probeerde het in de eerste jaren uit handen van de luchtmacht te houden, en er een mondiaal collectief goed van te maken dat voor vredesdoeleinden gebruikt zou worden. Dat zou hem niet lukken: het Amerikaans atoommonopolie werd al in 1949 door Stalin doorbroken en ook binnen de VS zorgden het Strategic Air Command en de broodnijd van andere krijgsmachtdelen ervoor dat het lustig als wapen in alle doelenlijstjes prolifereerde.

Op het macabere hoogtepunt rond 1970 konden 70.000 kernwapens de wereld vele malen totaal vernietigen. Alleen al de ‘gewone’ atoomproeven en de eerste waterstofbommen op het koraaleiland Bikini tussen 1946 en 1958 waren samen goed voor bijna 3000 keer de vernietigingskracht van de Hiroshima-bom – vele malen Beiroet – en hebben het eiland tot op de dag van vandaag onbewoonbaar gemaakt.

Lees ook: Na 75 jaar gaan de kinderen van Hiroshima eindelijk praten

Akkoord over non-proliferatie

Het is de verdienste van Ronald Reagan en Michael Gorbatsjov en hun opvolgers dat na de Koude Oorlog de arsenalen zijn gekrompen tot zo’n 14.000 atoomwapens, nog steeds genoeg voor de wederzijdse afschrikking overigens. Vanzelf is dat niet gegaan. Werd aanvankelijk wel gevreesd dat tientallen landen eigen kernwapens zouden maken, dan moet er toch iets van het besef in de geesten zijn geland dat niet-verspreiding in ieders belang was; en inderdaad, vijftig jaar geleden werd na moeizame onderhandelingen het Non-proliferatieverdrag van kracht.

Dat verdrag liet de haves hun kernwapens behouden, en de have nots beloven er vanaf te zien, in ruil voor twee dingen: overdracht van atoomtechnologie voor civiele toepassingen door de haves, en de belofte dat te goeder trouw over totale ontwapening zou worden onderhandeld, ook dus over kernontwapening. Er zijn nu niet ‘tientallen’, maar negen kernmachten op de wereld. Vele landen hebben in ruil voor een atoomgarantie afgezien van een eigen (duur) kernwapen en in zoverre zou je het Non-proliferatieverdrag een succes kunnen noemen.

Russen en Amerikanen (met 90 procent van de wereldvoorraad) hebben zich ondanks hun vijandschap kunnen vinden in het afschrikkingsbeginsel en een aantal bilaterale verdragen gesloten die de onderlinge stabiliteit hebben bevorderd. Zij nemen geen kernproeven meer, beperken hun strategische wapens, en laten expres gaten in hun verdediging vallen om de ander de zekerheid te geven zo nodig terug te kunnen slaan.

Lees ook dit opiniestuk: VS uit het Open Skies-verdrag: nog minder ruimte voor ontspanning

Maar in het succes is nu om diverse redenen de klad gekomen. De opkomst van neo-kernmachten, zoals China, die aspiraties hebben een supermacht te zijn, en zich ondanks hun handtekening onder het verdrag, niet willen onderwerpen aan een traditie (lees: dictaat) van twee oude supermachten. De opkomst van terroristen, die toch hier en daar raketverdediging noodzakelijk maakten voor het geval zij een privé-atoomwapen zouden lanceren (wat weer een zwengel aan de wapenwedloop gaf, enzovoort). De opkomst van kernmachten, Noord-Korea, Israël, India, Pakistan, die om verschillende redenen een eigen atoombom koesteren en zich niets aan het Non-Proliferatieverdrag gelegen laten liggen. Het ongeduld van landen die geen geloof meer hechten aan de discriminatoire deal van het verdrag en tot een tweede atoomgolf in staat worden geacht (Iran, Saoedi-Arabië, Turkije). En last but not least het tanende vertrouwen in de veiligheidsgaranties die vooral de VS lange tijd boden, waardoor landen nerveus worden en debatten over een eigen kernwapen oplaaien (Duitsland, Japan, Korea, Taiwan).

Nucleare dwerg groeit

President Trump zegt het nucleaire probleem het grootste probleem te vinden, maar handelt tegenovergesteld, door in 2018 de deal met Iran in te trekken, te dreigen dat hij de grootste rode knop heeft, in 2019 uit het INF-verdrag te treden, onlangs nog het Open Skies-verdrag te beëindigen dat wederzijdse controles met vliegtuigen toestond, en door vooralsnog verlenging van wapenbeheersingsverdrag New START te weigeren, dat samen met de Russen strategische middelen aan banden legt. China, nu nog een nucleaire dwerg maar wie weet over tien jaar niet meer, weigert aan te schuiven bij onderhandelingen over de verlenging. Poetin dreigt met nieuwe raketten, waarop Trump roept hem met gemak te kunnen ‘outspenden’. Ook zinspeelt het Witte Huis op hervatting van kernproeven. Europa kijkt vanaf de zijlijn toe: een Europese kernmacht is door een Duitse vinger in de pap een taboe, een Franse idem door oude weerstand, en niemand neemt Britse nucleaire afschrikking serieus, afhankelijk als zij is van de VS.

Nederland zag in de jaren vijftig af van een eigen atoomwapen, om West-Duitsland niet te isoleren en omdat het op de Amerikaanse (lees: NAVO-) garantie vertrouwde. Dat blijven we – wellicht tegen beter weten in – doen, wat de werkelijke verhoudingen geen recht doet. Onlangs werden in Washington documenten openbaar die duidelijk maakten dat Nederlands veiligheidsbeleid in de VS werd gemaakt en dat we niets over aan ons uitgeleende Amerikaanse kernwapens te zeggen hadden. Das war einmal? Wie de memoires van Trumps voormalige veiligheidsadviseur John Bolton goed leest, zal concluderen dat het nog altijd zo is en de NAVO in Trumps ogen op zijn best een fossiel is.

75 jaar na Hiroshima is wapenbeheersing uit. De Tweede Golf dreigt. Nederland zou nu, op de drempel van duizenden miljarden voor een nieuwe generatie atoomwapens, de aanzet kunnen doen voor een debat over transparantie (in Washington is minder geheimzinnigheid dan in Den Haag), over varianten van het principe No First Use (tegen niet-kernwapenstaten of tegen alle landen die hetzelfde beloven), of de meest vergaande maatregel die nu mogelijk is: verwijdering van de atoomwapens uit ons land (want die trekken vuur). Dat zou passen bij een Little Boy.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.