Opinie

Transparante overheid? Vaak een lachertje

Thijs Niemantsverdriet

Voor wie het nog niet wist: het Amsterdamse stadsbestuur streeft naar maximale transparantie. „Het uitgangspunt ‘openbaar, tenzij’ is in de hele organisatie leidend”, schreef burgemeester Femke Halsema vorig jaar aan de gemeenteraad. „Deze openbaarheid beschouwt het college niet als een gunst maar als een recht.”

Dat klinkt goed, prijzenswaardig en helemaal in tune met de tijdgeest. Maar hoeveel komt er in de praktijk van terecht?

Een jaar geleden stuurde ik een verzoek naar de gemeente. Op basis van de Wet openbaarheid bestuur (Wob) vroeg ik om alle interne stukken over het ontslag van brandweercommandant Leen Schaap. Bij zijn vertrek had hij een aanzienlijke som geld meegekregen, zo had ik van een goede bron vernomen. Ik wilde wel eens weten hoeveel precies. Bovendien wist ik uit mijn eigen verslaggeving dat Schaaps ontslag gepaard was gegaan met de nodige bestuurlijke turbulentie. Daar bestond ongetwijfeld interne documentatie over.

In oktober 2019, vijf weken na het verlopen van de eerste beslistermijn, kreeg ik antwoord. En dat luidde: wij geven u nul documenten. Niets. Openbaarmaking van Schaaps vertrekregeling zou de „persoonlijke levenssfeer” van de oud-commandant namelijk „onevenredig raken”.

Ik diende bezwaar in. Er volgde een hoorzitting met een defensieve advocaat en een nerveuze ambtenaar. Ze waren bij nader inzien toch bereid, zeiden ze, om Schaaps contract openbaar te maken – zonder de geldbedragen uiteraard. Verder hadden ze niets gevonden.

Maar hé, een paar weken later bleken er toch documenten te zijn. Die waren over het hoofd gezien omdat ze „niet centraal gearchiveerd” waren. Excuses aan NRC en aan stadszender AT5, dat ook een Wob-verzoek had lopen. Eind mei, we waren inmiddels tien maanden verder, kregen we de stukken: een handjevol e-mails tussen de advocaten van Schaap en de gemeente, grotendeels zwartgelakt.

Inmiddels kan ik u vertellen dat Schaap bij zijn vertrek 75.000 euro heeft meegekregen. Dat bedrag heb ik niet uit de Wob-stukken, maar uit de (openbare) jaarrekening van de Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland, formeel de werkgever van de brandweer. Blijkbaar gold die „persoonlijke levenssfeer” alleen bij informatieverstrekking aan de pers.

Ik weet dat Amsterdam nationaal kampioen traag- en vaagheid is als het om de Wob gaat. Toch is het zeker niet het enige bestuursorgaan dat modieuze teksten over transparantie produceert, om die meteen weer te vergeten zodra een politiek belang of het eigen imago om de hoek komt kijken. Denk maar aan die zwartgelakte dossiers die de slachtoffers van de toeslagenaffaire van de Belastingdienst kregen.

De volgende keer dat u de overheid een plechtige belofte hoort doen over transparantie, wees dan op uw hoede.

Thijs Niemantsverdriet (t.niemantsverdriet@nrc.nl) schrijft tijdens de zomer enkele columns op deze plek.