Opinie

Komkom kinderen, het is maar een zandweg

Ontdekkingen als de locatie van de boomwortels van Van Goghs laatste schilderij zijn aantrekkelijk als anekdote maar verdwarrelen zodra je ze te serieus neemt, vindt Joyce Roodnat. Interpreteren mag, maar blijf dan wel bescheiden.

Joyce Roodnat

Het was wereldnieuws: een opmerkzame wetenschapper identificeerde via een oude ansichtkaart de plek waar Vincent van Gogh zijn laatste schilderij schilderde. Daar, op die zandweg in Auvers-sur-Oise, zat-ie dus en schiep het doek dat Boomwortels is gaan heten. Alhoewel… misschien stond hij. Niemand die het weet.

Het NOS Journaal bracht het nieuws en fabuleerde er een halve zwart-wit-romantische roman achteraan. En in een follow-up in Nieuwsuur stonden er twee partijen elkaar die paar meter berm te betwisten: de grondeigenaar (hij plaatste een schutting) en de burgemeester (gewapend met een meetlint). „Van wie zijn die bomen?” – dat is de vraag.

Ja, van wie zijn ze. Sommige dingen onttrekken zich aan die vraag. Die bomen en hun woekerende wortels zijn van zichzelf, en van wie ernaar kijkt. Van Vincent van Gogh die ze op 27 juli 1890 inlijfde voor een schilderij. Van de Van Gogh-fan die er een selfie maakt. Van niemand en van iedereen.

Vincent van Gogh: Boomwortels (1890). Beeld Van Gogh Museum, Amsterdam

Het probleem met dit soort ontdekkingen is dat ze aantrekkelijk zijn als anekdote maar verdwarrelen zodra je ze te serieus neemt. De localisering van Boomwortels zou de theorie onderuithalen dat Van Gogh met zijn allerlaatste schilderij op de valreep de abstracte kunst zou hebben geïntroduceerd. Die theorie was al met argumenten ontmanteld, maar de ontdekking van dit zandwegje als locatie zou „het ultieme bewijs” ertegen zijn. Komkom kinderen, het is maar een zandweg.

Want met of zonder die exacte locatie, realistisch wil dit doek niet worden. Die bomen en de wortels zijn herkenbaar als bomen en wortels – wat ze ook al waren toen we nog niet wisten waar ze precies groeiden. Nu kunnen we ze vergelijken en zien we dat de identificatie oppervlakkig is. De wortels, het kreupelhout, de stammen, niemand ziet ze zo, met zulke kleuren en die vlaagjes licht. Van Gogh wel. Gelukkig maakte hij dit schilderij, zo laat hij ons mee genieten van zijn wilde blik. Natuurlijk kunnen we interpreteren, maar laten we onze plaats kennen en bescheiden blijven.

Ik kijk naar het doek en vermoed de Franse zon. Ik ruik het warme hout, hoor cicaden. De wetenschapper die de locatie identificeerde ziet daarentegen in het schilderij „de strijd op leven en dood”. Ter ondersteuning citeert hij een sombere notitie van Van Gogh, ook al gaat die over ándere boomwortels. Dat kan. Maar alsjeblieft, slinger ons die observatie niet zo pertinent toe. Want vriend wetenschapper, zo heb je Van Goghs leven, werk en dood leuk rondgebreid, maar je weet het niet echt, hè. Wat we weten is dat Van Gogh leven schiep met dit geweldige schilderij. Wat we niet weten is wat er in hem omging toen hij later op de dag een korenveld inliep, schoot en de dood binnenliet.