Protomartyr

Foto Trevor Naud

Interview

‘Ik schreef alsof het mijn laatste plaat was’

Protomartyr De Amerikaanse postpunkband Protomartyr leek de soundtrack te hebben gemaakt van de coronacrisis. Maar uiteindelijk bleek het toch te gaan over de gesteldheid van zanger-tegen-wil-en-dank (en hypochonder) Joe Casey.

‘WRAAAAOEGH!” Joe Casey (43) moet geeuwen. Voor de zoveelste keer. Het is kwart voor één ’s middags, maar de zanger is moe. Na drie kwartier skypen geeft hij het maar gewoon toe: „Bedankt dat je me wakker belde”, zegt hij gapend vanuit zijn keuken in Detroit. „Ik was er bijna doorheen geslapen.” Vandaar dus dat hij de eerste paar keren niet opnam.

Het komt allemaal door die verdomde pandemie, zucht de zanger van de Amerikaanse postpunkband Protomartyr. „Deze quarantaine herinnert me aan mijn oude leven: hele dagen niets doen, op de bank hangen, films kijken en vet worden. Alleen is het nu nóg net iets langdradiger en deprimerender dan toen.”

Tot zo’n tien jaar geleden deed Casey het liefst zo min mogelijk. „Ik had allerlei vreselijke klotebaantjes als barman of uitsmijter. Als je twintig bent, kan dat nog. Maar als dertiger hoor je je zaakjes op orde te hebben en figure shit out. Dan is het zielig om nog elke avond in de kroeg te zitten.” Tenzij je in een band zit, lacht hij. „Want dan is het opeens wel sociaal geaccepteerd om met je maten te hangen en bier te drinken. Je kunt je jeugdige losbandigheid verlengen en ook nog creatief zijn.”

Protomartyr

Foto Trevor Naud

Dat nieuwe leven – althans: in het oude normaal dan – had hij eerlijk gezegd niet zien aankomen. „Ik wilde nooit in een band zitten. Het is nooit mijn droom geweest om op een podium te staan, en dat is het nog steeds niet. Nog steeds vind ik het komisch om mezelf als zanger te zien. De jongens [gitarist Greg Ahee, drummer Alex Leonard en bassist Scott Davidson, red.] zijn ook nog eens tien jaar jonger dan ik. Dat ziet er raar uit.”

Maar het kwam er gewoon van, toen hij ‘de jongens’ zag spelen met hun vorige bandje Butt Babies en een poging waagde om wat zelfgekrabbelde teksten mee te zingen. „Gewoon een paar liedjes, dacht ik, verder niks. Dat het een tienjarige carrière zou worden, en vijf albums, had ik niet zien aankomen. Het was niet gepland, maar het is beter dan uitsmijter zijn.”

Dystopische klaagzang

Hij heeft het al vaker uitgelegd: zijn stem is niet gemaakt voor vrolijke muziek. Ook op de spaarzame momenten dat hij zich niet achter een zonnebril verschuilt, bekijkt Casey de wereld met een gitzwarte blik. Luister maar naar zijn dystopische klaagzang op ‘Processed By The Boys’, de eerste single van het vijfde album Ultimate Success Today, dat onlangs verscheen. Over een kil marsritme van beukende, marcherende postpunk waarin gek genoeg ook nog een frivole klarinet ronddartelt, vraagt Casey zich in een tierende onheilstirade af hoe het einde der tijden eruit zal zien:

When the ending comes, is it gonna run

At us like a wild-eyed animal?

A foreign disease washed upon the beach

A dagger plunged from out of the shadows

Inderdaad, geeft hij toe, met terugwerkende kracht zijn het profetische woorden. Zeker omdat hij twee regels later (all good laid low by outside evil, against belief, a riot in the streets) ook nog de Black Lives Matter-rellen lijkt te voorspellen. „Het was dom geluk”, zegt hij. „Of domme pech eigenlijk, want profijt heeft het nog niet opgeleverd.”

Integendeel zelfs, sombert hij. „Vlak voor de uitbraak wilde de BBC ‘Processed By The Boys’ draaien, maar alleen als we het één minuut zouden inkorten. Wij weigerden, tot zowel ons management als het label zei: het is BBC One, je moet het inkorten! Tegen onze wil zijn we gaan snijden – alsof je de vingers van je baby afhakt. En één dag later ontdekten we dat het nummer alsnog was verboden, vanwege de verwijzing naar ‘a foreign disease’. Niemand heeft het ooit gehoord.”

Schrale troost: „Er bestaat een lijst met ‘Songs Banned by the BBC’ en die is behoorlijk indrukwekkend. Dat was nog wel een eer.”

In plaats van de soundtrack van een doodzieke wereld is ‘Processed By The Boys’ toch vooral autobiografisch, geeft Casey toe. „Toen ik het schreef, voelde ik me zo slecht dat ik dacht dat ik doodging. Maar ik durfde me niet te laten onderzoeken: ik ben vreselijk bang voor dokters – het is een fobie – en ik heb ook geen goede zorgverzekering. Eerst vond ik het nogal zielig om die doodsangst te beschrijven, maar toen het telkens terugkeerde, dacht ik: dan moet ik deze plaat maken alsof het mijn laatste is. Op een vreemde manier was dat een heel goede motivatie. Het dwong een urgentie af die bij eerdere pogingen ontbrak.”

En, is hij inmiddels weer gezond? „Ik weet nog steeds niet wat het is geweest, want ik zou me uiteindelijk laten checken vlak voordat we op tour zouden gaan. Maar toen brak corona uit, en was het ziekenhuis de allerlaatste plek waar je wilde zijn. Mijn zelfdiagnose luidt: toeren is voor mij juist de enige manier om fit en gezond te blijven. Ik eet beter onderweg dan als ik alleen thuis ben. Ik keek er ook enorm naar uit om weer in mijn oude vorm te raken. Maar ik zie het jammer genoeg nog lang niet gebeuren.”