Kunstenaar Marc Mulders: ‘Ik ben druk in de weer als klokkenluider’

Marc Mulders (1958) ontwierp een mondkapje met de Groene Man.

In de serie Coronaweekboek Cultuur praat NRC wekelijks met mensen uit de cultuursector. Van kunstenaar en muzikant tot galeriehouder en theaterdirecteur: hoe slaan zij zich door de coronacrisis? Wat zijn de effecten op hun leven en werk? Hoe zal deze crisis de kunstwereld veranderen?


„Ik leid een klein en afgebakend leven, een luxe positie. Vijf weken geleden kwam ik voor het eerst sinds de coronacrisis weer eens in Amsterdam. Als jurylid van de Koninklijke Prijs voor Vrije Schilderkunst moest ik vergaderen in het Paleis op de Dam.

„Ik kom mijn landgoed, gelegen in een beschermd natuurgebied, nauwelijks af. Ja, soms ga ik naar het glasatelier, om te werken aan een tien meter hoog glas-in-loodraam, een opdracht van een particulier. Maar daar zijn meestal slechts een paar collega’s tegelijk aan het werk.

„Deze zomer heb ik op mijn boerderij wel drie keer een groep van twaalf bezoekers rondgeleid. Dan vertel ik over het landgoed en over mijn werk, en daarna maken we een tuinakkerwandeling. Feestjes vind ik zulke spirituele bijeenkomsten waar tussen wildvreemden een tijdelijk verbond ontstaat.

„Ik schilder stug door en ben ook een monografie aan het afronden, een overzicht van mijn werk van de afgelopen veertig jaar. Nee, geen oeuvrecatalogus, ben je gek. Bij testament heb ik laten vastleggen dat van mijn werk nooit een oeuvrecatalogus mag worden gemaakt, en ook geen museum. Ik ben geen genie als Vincent van Gogh of Willem de Kooning. Toen ik twee jaar geleden zestig werd, toonde het Kunstmuseum Den Haag één zaal met dertig doekjes van me, precies goed. Houd het klein, zeg ik vaak.

Ik ben geen genie als Vincent van Gogh of Willem de Kooning

„Dezer dagen ben ik weer eens druk in de weer als klokkenluider. Op de bospaden rond mijn huis, een aangewezen natuurgebied, is vervuilde grond gestort. Vijftien vrachtwagens met ongezeefde grond waarin plastic, pvc, ijzer, keramiek en ander bouwafval zit. Wekelijks ga ik er met mijn fiets met aanhanger opuit om zwerfafval te verzamelen. Ik woon paradijselijk en ik zie het als een morele plicht om een deel van mijn tijd te gebruiken om dit gebied schoon te houden voor wandelaars en anderen die van het landgoed willen genieten.

„Het maakt me dus verdrietig, en ook boos, dat het bos nu willens en wetens volgestort is met plastic en andere viezigheid. Ik heb boa’s laten komen en die gaan onderzoek doen en hebben de transporteur voorlopig verboden nog meer van deze ‘gratis’ grond uit te rijden.

„Ik heb ook een mondkapje ontworpen. Daarop heb ik The Green Man gezet, een mythologische figuur met takken en bladeren als baard- en hoofdhaar. De groene man is de beschermicoon van de duurzaamheidsbeweging. Hij komt ook voor in mijn recente glas-in-loodramen.”