Gebrekkige controle arbeidskrachten: ‘Het is alsof bedrijven wegkijken van misstanden’

Arbeidsmigranten Uitzendbureaus spelen een cruciale rol in hoe er met arbeidsmigranten wordt omgegaan. Bedrijven die de migranten inhuren, voeren daar vaak geen controles op uit. „Ze zijn daar niet mee bezig.”

Arbeidsmigranten in het Duitse Weeze werden met te veel mensen in busjes van uitzendbureaus vervoerd. Foto Merlin Daleman
Arbeidsmigranten in het Duitse Weeze werden met te veel mensen in busjes van uitzendbureaus vervoerd.

Foto Merlin Daleman

‘Ik heb geen geld, kan ik niet nog een weekje werken?” sms’t Cosmin, een 27-jarige Roemeen begin januari naar zijn manager van uitzendbureau Reyhan. „Ik heb niet eens iets om aan mijn voeten te doen, mijn schoenen zijn gestolen. Heb je geen werk, zelfs niet in een ander slachthuis?” Het antwoord, in het Roemeens: „Nee, je bent uit het uitzendbureau gegooid.”

Een andere Roemeen, 31 jaar oud, vertelt hoe hij èlke weer in een ander slachthuis moest werken; uitzendbureau Reyhan verplaatste hem steeds. Totdat hij vroeg om een kleine opslag: 12 euro per uur in plaats van 11 euro. Hij kreeg te horen dat hij niet meer nodig was, hij moest zijn woning verlaten en vertrok met zijn bagage naar het treinstation van Den Bosch. Met de 10 procent aan batterij die hij nog over had, belde hij een vriend, waar hij die nacht terechtkon.

Vanuit de Roemeense stad Arad vertrok dit voorjaar de 27-jarige Claudiu naar Nederland om meer geld te verdienen. Ook hij kwam terecht bij uitzendbureau Reyhan, dat hem woonruimte aanbood in een oude flat met elf anderen. Op een maandag zou hij beginnen. Maar niemand haalde hem die dag op. „Drie weken lang zeiden ze: je kan binnen een paar dagen beginnen.” Hij had geen geld en stal aardappelen bij een boer om te kunnen eten. Toen hij naar de politie dreigde te gaan, zette het uitzendbureau hem op straat. „Ik heb de nacht buiten doorgebracht, nog altijd schaam ik me daar kapot voor.”

Ze zijn boos, de veertien Roemeense arbeidsmigranten met wie NRC de afgelopen maanden contact had. In mei sprak een aantal van hen zich uit over de arbeidsomstandigheden in de vleesindustrie. Ze werden in volle busjes vervoerd naar het werk, sliepen met meerdere mensen op een kamer, kregen overuren nauwelijks uitbetaald en waren bang: wie zijn mond opentrekt, kan vertrekken. De arbeidsmigranten willen niet met hun achternaam in de krant, uit schaamte, of omdat ze bang zijn hun baan te verliezen.

Lees het onderzoek van NRC: Hoe Roemenen onder barre omstandigheden werken in Nederlandse slachthuizen

De klachten van de arbeidsmigranten richten zich vooral op de uitzendbureaus: de bedrijfjes die hen werven en die hen als tussenpersoon in Nederlandse fabrieken en bedrijven plaatsen. Uitzendbureaus spelen een cruciale rol in het plaatsen van de naar schatting 400.000 arbeidsmigranten die delen van de Nederlandse industrie en land- en tuinbouw overeind houden. In Nederland zijn ruim 14.000 uitzendbureaus, 1.000 van hen zijn lid van een brancheorganisatie.

Geen controle op uitzendbureaus

Hoe het werkt: een arbeidsmigrant komt in contact met een uitzendbureau, dat hem een werkcontract laat tekenen en dat huisvesting en een zorgverzekering voor hem regelt. De arbeidsmigrant werkt dan voor een bedrijf, (‘inlener’ in jargon) maar alle contacten gaan via het uitzendbureau. Vaak is de contactpersoon van dat bureau, zo vertellen meerdere arbeidsmigranten, iemand uit hun eigen land. Iemand die de slechte boodschappen doorgeeft: dat je geen werk meer hebt, of je het huis uit moet.

Een op de vijf bedrijven die werken met flexibele arbeidskrachten, geven aan geen controles te doen bij het selecteren van een uitzendbureau en de arbeidskrachten. Ze weten vaak niet wie voor hen werken en of er misstanden bij het uitzendbureau bekend zijn. Dat blijkt uit een enquête onder ruim vijfhonderd mensen die verantwoordelijk zijn voor het personeelsbeleid in hun bedrijf, gedaan door marktonderzoeker Team Vier, in opdracht van FairWork, een ngo die arbeidsmigranten adviseert over hun rechten en die klachten bijhoudt.

Ook blijkt uit het onderzoek dat slechts een kwart van de ondervraagde inleners, dus de bedrijven die uitzendkrachten inhuren, bekend is met de checklist Werken met Uitzendbureaus van de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW). Deze checklist is in 2017 in het leven geroepen om bedrijven te helpen bij de beoordeling of zij op een gezonde, eerlijke en veilige manier met uitzendkrachten werken. Van de bedrijven die bekend zijn met de checklist, geeft 45 procent aan er nooit gebruik van te maken.

Volgens Francien Winsemius woordvoerder van FairWork, zijn „de problemen misschien nog wel groter dan we dachten.” Ze zegt dat het lijkt alsof Nederlandse bedrijven soms bewust wegkijken van de dingen die misgaan. „Het is van belang dat bedrijven weten met welk uitzendbureau ze samenwerken en of daar sprake is van misstanden. Maar we zien in de enquête terug dat veel bedrijven daar niet mee bezig zijn, of soms zelfs niet zeggen te weten dat ze bijvoorbeeld de identiteit van arbeidsmigranten volgens de wet moeten controleren. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat veel bedrijven door het inhuren van arbeidsmigranten via een uitzendbureau ook hun verantwoordelijkheid uitbesteden.”

Naar aanleiding van de misstanden onder arbeidsmigranten vroeg het kabinet een commissie onder leiding van oud SP-leider Emile Roemer voor de zomer om advies. Een opvallende bevinding in het advies van Roemer is dat niet alle uitzendbureaus de contactgegevens van arbeidsmigranten registeren. Vaak is niet bekend waar iemand precies woont en werkt.

Volgens Roemer zorgen „malafide uitzendbureaus” voor oneerlijke concurrentie op de markt. Als er misstanden ontdekt worden, is vaak onduidelijk wie verantwoordelijk is. Bedrijven die arbeidsmigranten inhuren wijzen naar het uitzendbureau en de uitzendbureaus leggen de verantwoordelijkheid bij het bedrijf. Daarom moet volgens Roemer de hele keten juridisch verantwoordelijk worden, waardoor de bedrijven, uitzendbureaus en tussenpersonen aansprakelijk worden voor de arbeidsomstandigheden. Ook moet het in de toekomst moeilijker worden om een uitzendbureau te beginnen. Sinds de afschaffing van de vergunningsplicht in 1998 kan iedereen een uitzendbureau beginnen. Roemer denkt na over een verplichte waarborgsom voor startende uitzendbureaus.

Eengezinswoning met 22 bedden

Bij veel arbeidsmigranten met wie NRC de laatste maanden sprak, werd een specifiek uitzendbureau genoemd: Reyhan, uit het Gelderse ’s-Heerenberg. Het familiebedrijf profileert zich als hét uitzendbureau voor de vleesindustrie, dat al 35 jaar ervaring heeft in die sector en jaarlijks zo’n 1.500 arbeidsmigranten aan het werk zet.

Vorig jaar kwam Reyhan in opspraak nadat in een eengezinswoning in ’s-Heerenberg 22 bedden voor arbeidsmigranten werden aangetroffen. Het bedrijf sprak toen van „een leermoment” in de Gelderlander. Maar een maand later bleken er nog tien bedden te staan - te veel volgens de gemeente. Daarop besloot de gemeente Montferland een dwangsom aan te zeggen van 200.000 euro bij een volgende overtreding.

De afgelopen jaren lag het uitzendbureau ook in de clinch met de vleesindustrie. In hoger beroep moesten ze aan twee vleesbedrijven in totaal bijna 50.000 euro betalen omdat zo’n honderd arbeidskrachten niet op kwamen dagen, nadat tariefonderhandelingen spaak liepen. En dit jaar kregen twee uitzendkrachten gelijk van de kantonrechter in een zaak over de uitbetaling van achterstallig salaris.

Tolunay Reyhan, manager van het gelijknamige uitzendbureau, herkent zich niet in de verhalen van de arbeidsmigranten. Hij stelt dat het uitzendbureau niemand zomaar ontslaat, maar bij werkweigering genoodzaakt zijn medewerkers te vervangen. Hij zegt dat hij meer dan duizend voorbeelden heeft van situaties waarin arbeidsmigranten schade toebrengen aan eigendommen van Reyhan of hun collega’s lastigvallen. Ze hebben dan volgens Tolunay Reyhan zeven dagen de tijd om een nieuwe baan te vinden. Werknemers die ontevreden zijn over hun salaris, wijst hij op de cao van de vleessector.

Volgens Cornel Gojnea, attaché arbeidszaken bij de Roemeense ambassade in Den Haag, ontvangt de ambassade al meer dan twee jaar klachten over Reyhan. De klachten komen soms wekelijks binnen. Gojnea zegt de Inspectie SZW op de hoogte te hebben gesteld van de misstanden. Hij vindt dat er te weinig mee is gebeurd. „Ik heb het idee dat het de Nederlandse overheid aan mankracht ontbreekt. Want bedrijven zoals Reyhan, waarover wij tientallen klachten krijgen, kunnen gewoon verder gaan. Het kan toch niet zo zijn dat er al jaren Roemenen worden uitgebuit en er niks tegen lijkt te gebeuren.”

In een reactie laat de Inspectie weten uitzendbureau Reyhan al tweemaal beboet te hebben, vanwege niet betaald loon (11.500 euro) en illegale arbeid (8.000 euro). Ook lopen er nog onderzoeken naar het uitzendbureau, waarover de Inspectie lopende het onderzoek geen verdere mededelingen doet.

In een reactie zegt Tolunay Reyhan dat „wij natuurlijk ook van vlees en bloed zijn” en dat het kan dat er soms mensen ontevreden zijn. „Vorig jaar hebben wij een speciale helpdesk opgestart, waarin medewerkers die klachten melden binnen 24 uur reactie krijgen van een onafhankelijk iemand bij ons op kantoor.”

Gestrand op straat

Bij sommige arbeidsmigranten gaat het al mis nog voor ze een euro hebben verdiend. Vlak voor het uitbreken van de coronacrisis staat er een groep van achttien Roemenen op straat in Amsterdam. Ze werden in hun thuisland benaderd door een Roemeense man via een Roemeense site, om aan de slag te gaan voor uitzendbureau Reyhan. Ze zouden in een magazijn voor groenten en fruit gaan werken. Ze moeten allerlei documenten klaarleggen, en vertrekken naar Nederland. Ieder van hen betaalt de chauffeurs 150 euro, een bedrag dat ze bij elkaar krijgen door te lenen bij dorpsgenoten. De contactpersoon van Reyhan zou een dag later komen, dus verblijft de groep een nacht in een Amsterdams hotel.

Emile Roemer: ‘Je wil geen tweederangs burgers’

Hun contactpersoon appt af en toe. Eerst zegt hij dat hij nog tien kilometer moet rijden en er om 10.00 uur is. Daarna: nog zeven kilometer. En dan reageert hij niet meer. De telefoon van de contactpersoon staat uit. Ze zijn opgelicht, er is geen baan voor hen geregeld in Nederland. Een stichting vangt de achttien gestrande mensen op. Volgens Reyhan heeft het uitzendbureau de groep van achttien personen niet naar Nederland laten komen.

Het is volgens ambassademedewerker Cornel Gojnea een deel van het probleem: transportbedrijven die zich opstellen als recruiters, maar dat niet zijn. „Wij vermoeden dat deze chauffeurs betaald krijgen van uitzendbureaus om mensen te vervoeren. Dat is illegaal, omdat het geen officiële recruiters zijn. Maar het is bijna niet te bewijzen dat het gebeurt.”

Tolunay Reyhan zegt dat het uitzendbureau alleen werkt met eigen werving en selectie en geen invloed heeft op mensen die met eigen vervoer vanuit Roemenië naar Nederland komen.

Volgens Francien Winsemius zou het een goede stap zijn om te verbieden dat mensen in te huren zijn via een uitzendbureau, zoals in Duitsland mogelijk gaat gebeuren. Na grootschalige corona-uitbraken onder arbeidsmigranten in de Duitse slachterijen besloot de regering recentelijk dat vanaf 2021 alleen nog in die vleesfabrieken gewerkt mag worden met een vast contract.

De 27-jarige Claudiu is inmiddels barman in Brussel. „De zon schijnt weer”, appt hij. Hij gaat in Roemenië aan niemand vertellen wat hem in Nederland is overkomen. Hij schaamt zich ervoor dat de werkelijkheid zoveel rauwer was dan de droom. „Ik heb in Nederland de ergste maand van mijn leven beleefd.”

Luister ook NRC Vandaag over hoe arbeidsmigranten in Nederland leven, wonen en werken.