Na de feestvakantie kan oma beter niet worden geknuffeld

Coronavirus Vooral jongeren lopen nu het coronavirus op. Hoe kunnen landen voorkomen dat de feestgangers na de zomervakantie oudere familieleden aansteken?

Toeristen op Mallorca. Spanje legt het nachtleven stil nu het virus vooral jongeren besmet.
Toeristen op Mallorca. Spanje legt het nachtleven stil nu het virus vooral jongeren besmet. Foto Joan Llado/AP

Een jogger die in het bos zwaar hijgend langs twee wandelaars scheert. Een klant die in de supermarkt een pak melk uit het zuivelschap grist, terwijl onder hem een andere klant gehurkt kaas uitzoekt. Een treinpassagier op vol balkon die zijn mondkapje alleen over de mond draagt, en zich als eerste naar buiten dringt.

Angst en walging in coronatijd ervaren veel mensen vooral in de openbare ruimte. Tegelijkertijd vinden de meeste besmettingen in de thuissituatie plaats, laat bron- en contactonderzoek al weken zien. Het waren vooral barbecues, begrafenissen, bijeenkomsten en feesten met familie en vrienden die vorige week tot 1.329 nieuwe bevestigde coronagevallen leidden in Nederland.

Elders in Europa gaat het harder en vreest men dat de ‘tweede golf’ op punt van uitbreken staat. Van Antwerpen tot Barcelona en van Madeira tot Mykonos werden extra maatregelen ingevoerd en reisadviezen aangescherpt. Na een voorjaar van lockdowns waarin vooral jongeren kampten met FOMO (Fear of Missing Out), is het motto deze versoepelde zomer weer YOLO (You Only Live Once). Er wordt uitgegaan in Albufeira, Knokke en Chersonissos, thuisblijvers vullen de festivalloze zomer met huisfeestjes. En in de moslimwereld begon vrijdag het Offerfeest, dat traditioneel gepaard gaat met uitgebreid familiebezoek.

Lees ook: Pandemie is nog lang niet over, wordt ‘erger en erger’

Het hervatte leven leidt tot een nieuwe trend: besmettingen worden vooral vastgesteld bij jongvolwassenen en oudere jongeren. Tieners, twintigers en dertigers die gemiddeld minder ernstig ziek worden van het virus of er zelfs helemaal niets van merken. Maar die het wel kunnen doorgeven aan kwetsbare anderen, zoals oudere familieleden. Onder meer de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) waarschuwde woensdag voor de stijging onder jongeren.

Kleinkind knuffelen

Om besmettingsketens snel te doorbreken wordt in Nederland gebeld met een positief getest persoon om diens recente contacten te traceren en ook hen te informeren. De GGD’en houden die gesprekken feitelijk, om mensen geen schuldgevoel aan te praten en wel zo veel mogelijk te weten te komen.

Daarom vragen medewerkers niet of een besmet persoon de risico’s van familiebezoek niet kende, zegt Putri Hintaran, arts infectieziekten bij GGD regio Utrecht. „Dat vragen we niet specifiek uit. Maar de perceptie lijkt vaak dat men bekende mensen meer vertrouwt. Men denkt dat die zich wel aan de regels hebben gehouden of gewoon minder risico vormen.” Samen met „de duidelijke behoefte om weer sociale interactie te hebben”, leidt dat deze zomer tot afnemende waakzaamheid.

Onze huidige perceptie van het virus lijkt daarmee op die van criminaliteit. Mensen voelen zich het vaakst onveilig ’s avonds en op plekken waar jongeren rondhangen. Statistieken over moord of verkrachting wijzen uit dat je thuis het meest te vrezen hebt – van de eigen partner of een familielid. Die voordringer bij de kassa of op het perron wordt gezien als enge man in een donker steegje, maar het is waarschijnlijk riskanter een kleinkind te knuffelen dat net terug is van feestvakantie.

De sociale keten die moet worden nagebeld blijkt bij jonge coronagevallen een stuk langer, vertelt GGD-arts Hintaran. „Zij hebben een veel intensiever sociaal leven, met meer wisselende contacten – niet alleen seksueel.” Het voedt de vrees dat zij aanjager kunnen zijn van een tweede golf, na de zomervakantie en in het najaar. „Als we weer meer op elkaar gaan zitten en de ramen vaker dicht houden.” Zij pleit ervoor nu al aan gedragsverandering te werken. „Zodat we dat voor zijn.”

Lees ook: Burgers zijn coronamoe, is in heel Europa te zien

Meer landen zijn zich hiervan bewust. Nederland probeert het vooralsnog met een socialemediacampagne als ‘Slimmer chillen = is corona killen’. In België werd de ‘bubbel’ van sociale contacten verkleind en Antwerpen stelde een avondklok. In Noord-Engeland werd familiebezoek aan banden gelegd. Spanje, dat weer meer dan duizend nieuwe besmettingen per dag registreert, legt het nachtleven stil nu het virus vooral tieners en twintigers en dertigers besmet.

Familie als risicofactor?

Bij het begin van de epidemie, in maart en april, piekte vooral in Spanje en Italië de sterfte. Die twee landen zouden het mede zo zwaar te verduren hebben gekregen, omdat familiebanden er sterker zijn. Opa en oma wonen bij de kinderen en kleinkinderen, of dicht bij elkaar in de buurt. Men luncht elke zondag samen en er wordt meer op kleinkinderen gepast.

Deze maand gepubliceerd Italiaans statistisch onderzoek in wetenschappelijk tijdschrift PNAS plaatst vraagtekens bij de hypothese van la famiglia als risicofactor. In twintig Europese landen werd gezocht naar een statistisch verband tussen getelde coronagevallen en Covid-sterfte en het percentage huishoudens met meerdere generaties. Op landelijk niveau lijkt zo’n verband soms wel (Spanje, Italië), maar soms ook juist niet (Slovenië, Portugal, Griekenland) te bestaan. Op provinciaal niveau valt het vermeende familie-effect soms zelfs helemaal weg.

„Natuurlijk kunnen familiecontacten op individueel niveau riskant zijn, maar wij vonden in onze macrodata geen bewijs dat samenwonen met of samenzijn met familie risicovoller is. Er lijkt geen duidelijk patroon”, vertelt hoofdauteur Bruno Arpino per telefoon uit Florence. Hij wijst op Lombardije, dat voor Italiaanse begrippen relatief weinig huishoudens met meerdere generaties kent en toch een van de zwaarst getroffen regio’s van Italië was. „Daar wonen veel ouderen in verzorgingshuizen.”

Galicië

In Barcelona, dat momenteel opvlamt als brandhaard, doet de Nederlandse socioloog Diederik Boertien demografisch onderzoek naar sociaal-economische effecten van huishoudsamenstellingen. Tijdens de lange Spaanse lockdown rekende hij met collega’s uit welke provincies het meest kwetsbaar zouden zijn voor besmettingen in de huiselijke sfeer. Dat bleek vooral Galicië. De bevolking is hier vergrijsd en woont relatief vaak samen met jongere familieleden. Toch bleef de afgelegen noordwestelijke regio die eerste maanden gespaard en werden grote steden Barcelona en Madrid getroffen. Het wijst erop dat meer factoren een rol spelen, zegt Boertien vanuit de Catalaanse hoofdstad.

Familie is juist in deze crisistijd een belangrijk sociaal vangnet

„Bijvoorbeeld hoe dicht mensen op elkaar wonen, hoeveel ze op pad gaan en hoeveel ze forenzen met het ov.”

Familiebanden terugschroeven is sowieso lastig. In crisistijd fungeert familie, zeker in landen met een minder royale verzorgingsstaat, als sociaal vangnet. Net als tijdens de krediet- en eurocrisis zullen Zuid-Europese jongeren door de coronarecessie nog later het ouderlijk huis verlaten dan nu het geval is. „Meer zullen het willen, minder zullen het kunnen”, voorziet Boertien.

Lees ook: In ‘familieland’ Spanje stierven duizenden ouderen eenzaam in tehuizen

En in deze pandemie is familie ook medicijn tegen eenzaamheid en psychische klachten. Arpino vindt overheidspleidooien voor social distancing (sociale onthouding) daarom verkeerd. „In het begin van de uitbraak was dat nodig, maar het gebrek aan sociale contacten had ernstige gevolgen voor de mentale gezondheid van mensen.” Hij meent dat overheden nu moeten aandringen op physical distancing. „Men kan elkaar blijven zien, maar op gepaste afstand of desnoods via een schermpje.”

Daarbij is wel nodig dat met name jongeren zich niet onaantastbaar wanen. Hans Kluge, WHO-regiodirecteur Europa, stelde deze week dat zij met een positieve boodschap aangesproken moeten worden. „Hun de schuld geven is het slechtste wat we kunnen doen”, zei hij op Euronews.

Daar ze zelf vaak niet ziek worden, zullen voorlichtingscampagnes hen moeten aanspreken op de risico’s voor hun omgeving, denkt GGD-arts Hintaran. ,,Op wat wél belangrijk voor ze is. Iets van: ‘Je wilt toch niet dat je moeder en je oma ziek worden?’”