Detailhandel kent grootste omzetgroei in vijftien jaar

Herstel Vooral in woon-, keuken- en kluswinkels was sprake van een opleving. Modewinkels blijven daarentegen aan omzet inleveren.

De recordgroei van juni is terug te leiden tot een handvol branches.
De recordgroei van juni is terug te leiden tot een handvol branches. Foto Robin Utrecht

Zo plotseling als winkelstraten dit voorjaar uitstierven, zo rap stromen ze nu vol. De Nederlandse detailhandel kende in juni een omzetgroei van 9,8 procent, meldde het CBS vrijdag. Dat is de snelste groei sinds het statistisch bureau in 2005 met de huidige manier van meten begon.

Opvallend is vooral hoe sterk winkels buiten de levensmiddelensector presteerden. Zij boekten gemiddeld in juni 8,5 procent omzetgroei in vergelijking met vorig jaar. In supermarkten en speciaalzaken, die de afgelopen maanden minder te lijden hadden onder de coronapandemie, groeide de omzet ook, maar minder sterk: 6,5 procent.

Toch is lang niet overal sprake van herstel. De recordgroei van juni is terug te leiden tot een handvol branches. Zo verkochten meubel- en interieurwinkels 25 procent meer dan vorig jaar, en groeide de omzet van keukenboeren, vloerverkopers en doe-het-zelfzaken met 24 procent op jaarbasis. Ook handelaren in elektronica en witgoed presteerden veel beter: zij verkochten 22 procent meer.

Geld over

Winkeldeskundige Tony Wijntuin ziet daarin het effect van de corona-uitbraak. „Mensen zitten veel meer in en rond hun huis. In alle branches die met wonen te maken hebben, zie je een opleving.” Daarbij speelt volgens hem mee dat Nederlanders deze zomer minder op vakantie gaan en dus geld overhouden voor andere uitgaven. Bij levensmiddelenzaken ziet hij hetzelfde. „Restaurants zijn minder toegankelijk, dus geven mensen meer uit aan thuis eten. Net een mooiere wijn, net een beter stuk vlees.”

Ook Frank Quix, oprichter van winkeladvieskantoor Q&A, denkt dat de omzetgroei van woon- en kluswinkels verband houdt met afblazen van vakantieplannen. Toch is hij door de CBS-cijfers verrast. Keukens, wasmachines en bankstellen zijn allemaal flinke uitgaven, merkt hij op. „Dat contrasteert enorm met de cijfers over het consumentenvertrouwen. Daaruit bleek de bereidheid tot grote aankopen bij consumenten heel klein.”

In modewinkels was van een opleving geen sprake. De kledingbranche verkocht in juni bijna 7 procent minder dan een jaar eerder, bij schoenenwinkels was de krimp 10,5 procent.