Bruno is eerlijk, Loes houdt het gezellig

Met het oog op de zeespiegelstijging kochten schrijver Bruno en academica Loes een woonschip. Een feuilleton van . Aflevering 10.

Ollie slaapt en Bruno zit met zijn theorieboek klein vaarbewijs I op schoot. Hij leest over het Binnenvaartpolitiereglement, de verkeerstekens, de lichtvoering. Voor hij met de Woutje kan gaan varen, moet hij een hoop examens afleggen. Eerst moet hij het klein vaarbewijs halen, deel 1 voor de rivieren en deel 2 voor de binnenzeeën. Vervolgens komen alle examens voor het Groot Motorschip, omdat hun boot langer dan 25 meter is. Ten slotte zal hij met de Woutje een praktijkexamen moeten doen. Dat betekent dat het schip uitgerust moet zijn met keuringscertificaten, scheepspapieren, marifoons, waterkaarten, reddingsvesten en alle soorten lichten.

De weg naar het vereiste vaarbewijs is moedeloosmakend lang. En de regels en tekens duizelen hem. Een foutje met een licht lijkt in een noodscenario nou niet de allergrootste ramp. Belangrijker is dat hij de motor snapt, het besturingssysteem, hoe je voor anker gaat. Vaargevoel moet hij krijgen, maar oefenen mag hij niet. Eerst de theorie-examens, hoe moeilijk het hem ook valt zich erop te concentreren. Zijn gedachten dwalen naar afgelopen dinsdag. Hij is niet honderd procent zeker van wat hij heeft gezien toen Job nieste. Niet dat zijn zicht werd belemmerd, maar omdat hij het niet kan geloven. Wat uit die broekzak kwam, was geen zakdoek. Het was een string. Wat anders is felrood en helemaal van kant?

Jobs obsessie met seks begint vervelend te worden. Bijna wekelijks brengt hij het onderwerp op een of andere manier ter sprake. Hij heeft de belegen opvatting dat het ontbreken van seks in een relatie een fundamentele misser is, de basis van alle andere problemen. Bruno heeft al gezegd dat hij daarover praten tijdverspilling vindt, maar het helpt niet.

Het is half zes. Loes zal zo wel genoeg hebben van het tentamens nakijken. Bruno staat op. Hij kookt vanavond. Dat wil zeggen, hij warmt op. Loes vindt het onzin, een vaarbewijs. Het moet nu maar eens klaar zijn. Zal het zeewater stijgen, dan stijgen zij mee. Prima, toch? Bruno was al helemaal bereid dit met haar eens te zijn, maar toen kwam corona, de ramp waar hij – zoals haast iedereen – nog nooit een gedachte aan had gewijd. Het opende zijn ogen voor gevaren waar hij met de rug naartoe staat. Elk moment kan er iets verschrikkelijks opdoemen, waar hij van weg moet kunnen varen.

Om te beginnen de tweede golf, die er zeer binnenkort aankomt, want de mensen accepteren de anderhalvemeter niet meer. En kijk naar andere landen, daar grijpt het virus woest om zich heen, en veel Nederlanders zijn gewoon op vakantie. Omdat Loes niet thuisblijft, lopen zij als gezin ook gevaar. Hij moet nu doorzetten.

Hij laat het studieboek expres op de salontafel liggen. Loes mag wel een beetje weten waar hij mee bezig is. In hun jaren van samenzijn hebben Loes en Bruno altijd een rolverdeling aangehouden: Bruno is eerlijk, Loes houdt het gezellig. Onlangs nog heeft ze hem in een van haar zeldzame minder gezellige buien „ziekelijk eerlijk” genoemd, en Bruno had het niet ontkend. Maar het is niet meer waar. Hij verbergt veel voor haar. Hij liegt niet, maar verzwijgen deugt ook niet, dat weet hij best. Maar is het wel verzwijgen als je vrouw zich doof houdt voor zaken die haar niet aanspreken?