Woningnood, leenstelsel, flexibilisering en nu corona: ‘jongere altijd de klos’

Jongerenwerkloosheid Op de arbeidsmarkt treft de coronacrisis vooral jongeren. Vakbond FNV Young & United bepleit extra hulp om ze aan werk te helpen. Maar is een generatiepact de oplossing?

Max den Hartog verloor zijn werk, maar is optimistisch. Als recruiter vindt hij mogelijk geen werk meer, maar hij heeft HR-ervaring en wil een nieuwe opleiding volgen.
Max den Hartog verloor zijn werk, maar is optimistisch. Als recruiter vindt hij mogelijk geen werk meer, maar hij heeft HR-ervaring en wil een nieuwe opleiding volgen. Foto Roger Cremers

„Ik dacht: dat gebeurt mij niet. Een beetje naïef.” De 24-jarige Max den Hartog uit Alphen aan den Rijn werkte tot voor kort „met veel plezier” bij een groot mediabedrijf, waar hij recruiter was en administratieve HR-taken had. Een fijne werkgever, waar een „familiesfeer” heerst, vandaar dat hij het bedrijf liever niet bij naam noemt.

Dit voorjaar werd Den Hartogs flexcontract opgezegd. En hoewel hij het niet gek vindt dat flexkrachten er in crisistijd als eerste uitvliegen, kwam het nieuws toch onverwacht. „Het mediabedrijf is afhankelijk van advertentie-inkomsten. Door de crisis hebben grote adverteerders zich teruggetrokken en moesten er bezuinigingen worden doorgevoerd om een reorganisatie te voorkomen.”

Zo kwam hij terecht in een groep die sinds het begin van de coronacrisis almaar uitdijt: die van jonge werklozen. In februari dit jaar waren er in Nederland in de categorie 15- tot 25-jarigen 94.000 werklozen. In juni was hun aantal al gestegen naar 165.000 – op een totaal aantal werklozen van 404.000.

Het aantal toegekende WW-uitkeringen nam onder jongeren dan ook flink toe, zag uitkeringsinstantie UWV: eind maart lag dat 45 procent hoger dan in februari. In april was er zelfs een stijging van 81 procent in vergelijking met de maand ervoor. Daarmee kwam het absolute aantal nieuw verstrekte WW-uitkeringen aan 15- tot 25-jarigen uit op ruim 28.000. Ter vergelijking: in de leeftijd vanaf 25 jaar was die stijging tussen maart en april ‘slechts’ 12 procent.

Veel jongeren werken in horeca en detailhandel – branches die nu het meest lijden onder de crisis

Ook in de groep werknemers die de Tijdelijke Overbruggingsregeling voor Flexibele Arbeidskrachten (TOFA) ontvangt, zijn jongeren oververtegenwoordigd. De afgelopen vijf weken konden flexwerkers, oproep- en uitzendkrachten die door de coronacrisis hun inkomen verloren, een beroep doen op die regeling. Ruim 23.000 mensen vroegen de TOFA-uitkering aan. Van de goedgekeurde aanvragen gaat 70 procent naar werknemers tussen de 18 en 27 jaar, liet het UWV deze week weten.

Dat jongeren zo hard getroffen worden, komt vooral doordat zij zwaar oververtegenwoordigd zijn in horeca en detailhandel – de branches die het meest lijden onder de crisis.

Jongeren het eerst getroffen

„Of het nu gaat om woningnood, het leenstelsel voor studiefinanciering of de doorgeslagen flexibilisering op de arbeidsmarkt: jongeren zijn altijd de klos.” Voorzitter Bas van Weegberg van vakbond FNV Young & United maakt zich zorgen: „Jongeren hebben nauwelijks een buffer of spaargeld. Als er nu nog een tweede coronagolf aankomt, dan breekt de pleuris uit.”

UWV-arbeidsmarktadviseur Freek Kalkhoven blijft optimistischer. „In iedere crisis worden jongeren het eerst getroffen, dat is een vast patroon. Maar onder deze groep lost de werkloosheid ook weer het snelst op. Juist 55-plussers zitten uiteindelijk langer zonder werk.” Dat jongeren op den duur weer sneller bij werkgevers in trek zijn, komt voornamelijk doordat ze vaker een flexcontract hebben en dus een stuk goedkoper zijn dan hun oudere collega’s.

En hoewel het niveau van vóór de corona-uitbraak nog lang niet in zicht is, neemt het aantal vacatures voor het eerst sinds de crisis ook weer iets toe, zegt Kalkhoven. „Bovendien is driekwart van de jeugdwerklozen student of scholier en die zijn meestal niet volledig afhankelijk van hun (bij)baan, zoals ouderen. Het is nog steeds vervelend, vooral als je net van school komt, maar het is wel een andere situatie.”

Daar is Van Weegberg van FNV het niet mee eens. „Werkloosheid onder jongeren heeft wel degelijk negatieve gevolgen. Denk aan de impact op je mentale weerbaarheid, of dat je geen buffer kunt opbouwen. En als werkloze heb je ook weer minder kans op de arbeidsmarkt dan iemand die mét baan op zoek gaat naar iets anders. Je hebt immers een gat in je cv.”

Ook Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt aan Tilburg University, is bezorgd over de langetermijneffecten van jeugdwerkloosheid. „We weten helemaal niet hoelang deze crisis gaat duren. Bovendien worden door de coronamaatregelen structureel minder mensen aangenomen in sectoren als horeca, toerisme en evenementen. Bij uitstek sectoren waarin jongeren met een mbo-diploma werkzaam zijn.” Wilthagen wijst er ook op dat jongeren die nu aan hun eerste baan moeten beginnen, nog niet eens in de werkloosheidscijfers voorkomen. En voor hen wordt de kans op werk nóg kleiner naarmate de crisis langer duurt, doordat ze geen ervaring opdoen en geen netwerk opbouwen.

Generatiepact

De vakbond wil een structurele aanpak van jongerenwerkloosheid. Van Weegberg: „We hebben gesprekken gevoerd met premier Rutte [VVD] en minister Koolmees van Sociale Zaken [D66] en hun een tienpuntenplan voorgelegd.” Het plan moet de komende maanden op het ministerie vorm krijgen.

Eén van die tien punten is ‘evenwichtige generatiepacten’, wat zoveel betekent als ‘ouderen maken plaats voor jongeren’, bijvoorbeeld in fysiek zware beroepen. Ook kunnen ouderen gestimuleerd worden om een dag minder te gaan werken, om zo arbeidsplaatsen te creëren voor jongeren. Een ander voorbeeld uit het plan is vacatures met een leeftijdsgrens uit te zetten. Normaal gesproken is dat verboden, want: discriminatie op basis van leeftijd. Van Weegberg: „Daar kan een juridische uitzondering voor worden gemaakt. Dat is eerder gebeurd, bij de vorige aanpak van jeugdwerkloosheid, in 2014 en 2015.”

Hoewel Wilthagen voorstander is van een structurele aanpak van de jongerenwerkloosheid, heeft hij bedenkingen bij oplossingen als een generatiepact. „De arbeidsmarkt is geen blik met banen waar je twee jongeren in kan stoppen als er twee ouderen uitgaan. Vaak vragen vrijgekomen functies juist veel ervaring en dat hebben die jongeren nog niet. Wat ‘generatiepacten’ betreft, moet je heel precies te werk gaan, afhankelijk van de sector of het bedrijf.”

Belangrijk is dat je jongeren niet thuis laat zitten, zegt hoogleraar Ton Wilthagen

Wilthagen ziet meer heil in leer-werkbanen, gericht op ‘doorontwikkeling’ van jongeren. In samenwerking met de gemeente Tilburg ontwikkelde hij tijdens de vorige crisis een zogenoemde startersbeursregeling, waarbij bedrijven worden gestimuleerd jongeren maximaal zes maanden een ervaringsplaats te bieden. Zo kunnen ze nieuwe vaardigheden leren en hun netwerk uitbreiden.

Lees ook over mensen die jong waren in de crisis van de jaren tachtig: Verloren generatie? Na een aantal wanhopige jaren viel het allemaal wel mee

Een baan na drie maanden

Inmiddels hebben enkele duizenden jongeren door heel Nederland aan dit project meegedaan. Uit onderzoek van Tilburg University blijkt dat twee derde van hen al na drie maanden een baan had gevonden, aldus Wilthagen.

Belangrijk is dat je jongeren niet thuis laat zitten, zegt de hoogleraar. Want jeugdwerkloosheid heeft grote en langdurige negatieve effecten, voor zowel individu als maatschappij. „Wie geen werk heeft, kan niet sparen, geen huis kopen, geen gezin stichten en die bouwt schulden op.”

De 24-jarige Max den Hartog, die nu drie maanden een WW-uitkering ontvangt, is van plan in september te beginnen met een masteropleiding beleid-, communicatie- en organisatiewetenschappen aan de Vrije Universiteit Amsterdam. „Ik ben jong en optimistisch en ga niet bij de pakken neerzitten. En met een studie kan ik me tenminste nog verder ontwikkelen.”

Als hij niet tot de opleiding wordt toegelaten – Den Hartog moet eerst een zogeheten pre-mastertoets doen omdat hij een hbo-achtergrond heeft – wil hij weer solliciteren naar een baan. „De kans dat ik in deze crisis weer als recruiter kan werken is klein, maar ik heb ook ervaring met HR, dus dat komt wel goed.”