Recensie

Recensie Boeken

Wie zou Hillary zijn als ze niet met Bill was getrouwd?

Curtis Sittenfeld

In haar roman Rodham fantaseert schrijver Curtis Sittenfeld wat we allemaal wel eens hebben gefantaseerd, namelijk wie Hillary zou zijn als ze niet met Bill zou zijn getrouwd.
Presidentskandidaat Bill Clinton en zijn vrouw Hillary in 1992 bij een verkiezingsbijeenkomst in North Carolina.
Presidentskandidaat Bill Clinton en zijn vrouw Hillary in 1992 bij een verkiezingsbijeenkomst in North Carolina. Foto Peter Turnley/Corbis/VCG via Getty Images

Al decennialang wordt Hillary Rodham-Clinton verweten ongenaakbaar te zijn, inauthentiek. De stapel boeken over en door haar is ontzagwekkend groot, bijna elke stap die ze zet is in de media beschreven, en toch is Hillary (1947) altijd iets van een enigma gebleven. In de recente documentaireserie Hillary vraagt regisseur Nanette Burstein aan de voormalige presidentskandidaat of het haar niet frustreert dat mensen nog steeds niet weten wie ze is, na dertig jaar in de politiek.

Intrat de fictieschrijver. Curtis Sittenfeld, die met American Wife (2008) al een nauwelijks verhuld portret van Laura Bush schreef, probeert nu de mens achter ‘Hillary’ te verkennen in de roman Rodham. Met één belangrijk verschil: in Rodham fantaseert Sittenfeld (1975) wat we allemaal wel eens hebben gefantaseerd, namelijk wie Hillary zou zijn als ze niet met Bill zou zijn getrouwd. In de roman maakt Hillary de relatie halverwege de jaren zeventig uit vanwege Bills seksuele escapades, en doet later alsnog een gooi naar het presidentschap.

Laatste keer seks

De scène waarin ze hem achterlaat is een van de mooiste uit de roman. In elk ander boek zou het misschien cheesy zijn geweest, of banaal, maar juist omdat de personages die voor het laatst seks hebben en huilend elkaar nog één keer omhelzen Hillary en Bill zijn, ontstaat er een vreemde lading. Het is het moment waarop de genoegdoening van de schrijver bijna van de pagina walmt, in de herhaalde bezwering: ‘de marge tussen blijven en weggaan was heel klein; het had echt beide kanten op kunnen gaan’. Het is het moment waar de fictie begint en de ketenen van de biografie waaraan de roman de eerste 160 pagina’s gebonden waren worden doorgeknipt.

‘O, Hillary’, zegt Bill, en zijn ogen schieten vol. En Hillary, die toch de Hillary blijft die we denken te kennen: ‘Soms denk ik dat ik door al die jaren van ijverig werken op school en van politiek idealisme het verkeerde idee had gekregen dat als één keus, één plan moeilijk en de andere mogelijkheid gemakkelijk was, het kiezen van de moeilijke optie per definitie beter – waardiger, fatsoenlijker was.’

Weggaan was de moeilijke keuze, want hoewel Bill ook in de roman geen fris figuur is, namelijk een aanrander en een narcist, is Hillary tot dan toe door alle mannen die ze leuk vond afgewezen, omdat ze te slim was en te serieus. Bill was niet alleen knap en charmant, maar ook de eerste die haar echt zag voor wie ze was, als zijn evenknie. Sittenfelds literaire verbeelding krijgt voor elkaar dat zowel de relatie tussen hen invoelbaar wordt, als dat de breuk onvermijdelijk lijkt.

Wat bovenstaand voorbeeld ook duidelijk maakt, is dat Rodham vooral betekenis krijgt tegen de achtergrond van de feiten. Het is in de ruimte tussen de geschiedenis en de fictie waar de leeservaring spannend en bijzonder wordt.

Geheime obsessies

Dat is niet louter een aanbeveling. Sittenfeld lees je niet voor stilistisch vuurwerk, ze is een schrijver van zakelijk, realistisch proza. Ze verleidt niet met onvergetelijke beelden (al zijn de beschrijvingen van Bills erectie die in Hillary glijdt redelijk onvergetelijk, om andere redenen).

Rodham werkt vooral door de toewijding van de auteur aan haar halsstarrig ploeterende hoofdpersoon, door het eindeloze geduld waarmee Sittenfeld de vertelling opbouwt en uiteindelijk geweldig laat ontsporen in een fantastisch slot, waarin Trump een nog bizardere rol speelt dan in het echt.

Het is moeilijk voor te stellen dat de roman ook goed was geweest als Hillary geen publiek figuur was van wie bijna elke grijze haar is geteld, maar dat is ook niet de meest relevante vraag. Toch is de roman an sich soms behoorlijk taai, vooral in het middendeel, de jaren zonder Bill, waarin ze professor is en zich voorbereidt op een gooi naar een senatorzetel. Hillary leeft het professionele, gedisciplineerde leven, en de roman bestaat dan ook vooral uit vergaderingen, briefings en campagnevoeren. Sittenfeld heeft Hillary niet met curieuze hobby’s, guilty pleasures of geheime obsessies verrijkt. Ze verraadt ook hier niet bijzonder veel ideologische overtuigingen. Haar voornaamste drijfveer is haar talent en haar werklust: ze wil president worden omdat het kán.

Toch slaagt Sittenfeld erin Hillary een authentieker gezicht te geven. Juist door de braafheid, de gewoonheid; dat is uiteindelijk wat de meeste mensen mensen maakt.