Opinie

Hoe zat het dan met die andere epidemie?

Mark Kranenburg

Dat is nog eens actueel. Museum Boerhaave in Leiden, altijd al een van de leukste musea van Nederland (het afgekloven begrip leuk is hier zeer bewust gebruikt) heeft een expositie over epidemieën door de eeuwen heen ingericht. Het plan bestond al voordat de coronapandemie uitbrak, maar heeft daardoor een wel zeer bijzondere dimensie gekregen. En extra interesse opgewekt. De tentoonstelling met de titel ‘Besmet!’ is voor de komende weken uitverkocht. Maar dat komt ook doordat er als gevolg van de coronamaategelen niet meer dan 24 bezoekers tegelijk in de twee zalen mogen worden toegelaten.

Hoe dicht bij het heden kan je komen? Het langs de vitrines en panelen schuifelen is een vervreemdende ervaring. De bezoeker is ten dele de tentoonstelling zelf. De directieve pijlen op de grond, de aansporingen om 1,5 meter afstand te houden, de pomp met desinfecterende gel; het mantra van premier Mark Rutte dat van een van de beeldschermen door de ruimte klinkt: houd afstand, was je handen stuk, nies in je elleboog; het draagt allemaal bij aan het museale Droste-effect. Ook heel waarheidsgetrouw: niemand die hier binnen een mondkapje draagt.

Met de ervaringen van de wereldwijde en nog almaar uitdijende epidemie van nu, ga je op zoek naar eerdere grootschalige uitbraken. De Spaanse griep dus die de wereld van 1918 tot 1920 teisterde. Toen waren het nog eens aantallen: 50 miljoen doden, zegt het overzicht aan het begin van de tentoonstelling. Zo ver is het dashboard van de Wereld Gezondheidsorganisatie waar de teller woensdag op 655.112 doden stond bij lange na niet. Of nog niet? De Spaanse griep sloeg ook pas echt toe bij de tweede golf.

Interessant is te kijken hoe het land er ruim honderd jaar geleden mee omging. Maar het land ging er niet mee om. Althans: niet openlijk. Tevergeefs zoek je naar sporen van bijvoorbeeld massale lockdowns in die jaren. Ze waren er wel, maar lokaal. Het had te maken met de wijze waarop de gezondheidszorg toen was georganiseerd: regionaal.

Dat vertaalde zich ook in de politiek. Als er al in het parlement werd gesproken over de Spaanse griep ging het meestal over individuele gevallen. Geen grote debatten met ministers over de aanpak van deze dodelijke ziekte. In de Troonredes uit die tijd werd er met geen woord over gesproken. De griep bestond niet in het collectieve gevoel terwijl deze toch bijna 40 duizend slachtoffers zou eisen.

Het werd totaal anders beleefd dan nu. Dat kwam natuurlijk ook door de Eerste Wereldoorlog die toen net voorbij was. De Spaanse Griep was „een voetnoot bij de grote gebeurtenissen van 1918’’, concludeert historicus Ivo van de Wijdevan in het Historisch Nieuwsblad van april.

Een voetnoot. Dat zal het coronavirus niet overkomen.

Mark Kranenburg schrijft tijdens de zomer enkele columns op deze plek.