Brieven

Nertsenfokkerijen

Een stoppersregeling voor nertsenmoordenaars

Foto ANP

In het artikel Stress bij nertsenhouders groeit (21/7) vertelt pelsdierhouder Marina Rutten hoe zwaar ze het heeft: door coronabesmettingen onder nertsen dreigen fokkerijen preventief gesloten te worden. Daarbij zegt zij: „Bovendien worden wij vaak neergezet als nertsenmoordenaars. Dat is niet prettig.” Maar als er iets feitelijk waar is, dan is het wel dat pelsdierhouders nertsenmoordenaars zijn. Dag in dag uit zitten deze wilde roofdieren, die normaal op land en water leven, opgesloten in krappe draadgazen kooien en moeten ze leven onder constante stress. Geen nerts laat zich daar vrijwillig in opsluiten. Geen nerts biedt zich vrijwillig aan om vergast te worden zodat zijn pels afgestroopt en verkocht kan worden. Moord dus, niet meer en niet minder. In 2012 al kwam het nertsenfokverbod tot stand. In 2017 bepaalde het Europees Hof voor de Rechten van de Mens dat het door de nertsenhouders aangevochten nertsenfokverbod definitief is. Al die jaren wisten zij dat ze moeten stoppen. En nu willen ze nog extra geld en compensatie van de overheid ook. Het artikel bespreekt een „fatsoenlijke stoppersregeling” die er zou moeten komen. Maar hoezo? De pelsdierenfokkers zijn in meerderheid echt niet straatarm, integendeel, er zitten heel wat miljonairs onder. Ze hebben bovendien al die jaren de tijd gehad om af te bouwen en zich voor te bereiden. Tranen met tuiten huilen en de zieligerds uithangen omdat hun nertsen nu wat eerder worden vergast. Een fatsoenlijke stoppersregeling hoort bij een fatsoenlijk beroep en voor mensen die het echt nodig hebben. Als men met honden en katten precies hetzelfde zou doen als wat met de nertsen gebeurt dan zou heel Nederland op zijn kop staan.