‘Er is te lang gezegd: mondkapjes werken niet’

Mondkapjesplicht Overal in Europa worden mondkapjes op meer plekken verplicht. Maar het kabinet blijft er weinig in zien. Waarom wijkt ons beleid zo af?

Premier Mark Rutte met een mondkapje tijdens de laatste EU-top in Brussel.
Premier Mark Rutte met een mondkapje tijdens de laatste EU-top in Brussel. Foto Stephanie Lecocq.

Het Nederlandse kabinet lijkt onverzettelijk. Terwijl overal in Europa mondkapjes verplicht worden gesteld in binnenruimtes of zelfs op straat, komt er in Nederland geen bredere mondkapjesplicht dan in het openbaar vervoer. Het kabinet en de veiligheidsregio’s kondigden dat woensdag aan. Wel wordt er gekeken of burgemeesters er lokaal mee mogen experimenteren. Waarom blijft het Nederlandse mondkapjesbeleid zo afwijken van de rest van Europa?

De belangrijkste reden: de aanhoudende scepsis bij het Outbreak Management Team, de groep experts die het kabinet adviseert. Het kabinet vroeg het OMT vorige week of mondkapjes in de publieke ruimte „breder verplicht gesteld moeten worden”. Jaap van Dissel, chef infectieziektenbestrijding, zei woensdag in een toelichting op het advies dat het OMT bij haar standpunt blijft: het bewijs voor de effectiviteit van niet-medische mondkapjes, die nu ook in het OV verplicht zijn, is niet eenduidig. En dus is er geen dwingende reden om ze te verplichten.

Het kabinet volgde de adviezen van het OMT de hele coronacrisis bijna blindelings, ook al kijken de virologen met een puur wetenschappelijke bril. En wijken hun adviezen inmiddels sterk af van collega-virologen uit het buitenland, die in mondkapjes wel een nuttige aanvulling zien.

Amrish Baidjoe, veld-epidemioloog en microbioloog, riep het kabinet vorige week in een brief op mondkapjes in binnenruimtes te verplichten. Volgens hem lijkt het of Nederlandse beleidsmakers als premier Mark Rutte (VVD) en RIVM-coronachef Jaap van Dissel een imagoprobleem vrezen als ze omgaan. „Er is zo lang gezegd: mondkapjes werken niet. Dan wordt het lastig daarop terug te komen. Het past in de trend dat er met te veel stelligheid is gecommuniceerd over dingen waarover geen zekerheid was.”

Want het bewijs dat niet-medische mondkapjes kunnen helpen groeit, zegt Baidjoe. „De precieze effectiviteit laat zich lastig meten, maar een mondkapje filtert aan beide kanten altijd een fractie van de druppels. Of dit 5 of 50 procent is hangt af van de context. Maar is het 5 procent, dan is dat toch 5 procent, denk ik dan. Laten we het voorzorgsprincipe gebruiken.”

Lees ook: Bieden mondkapjes bescherming of creëren ze schijnveiligheid? Dit zegt de wetenschap

Soms lijkt het of het kabinet het mondkapje niet bij Nederland vindt passen. Premier Mark Rutte noemde Nederlanders in het begin van de crisis „een nuchter volkje” en zei in mei op een persconferentie, gevraagd naar mondkapjes, dat maatregelen „uiteindelijk ook bij je moeten passen”. Maar angst voor de publieke opinie lijkt het kabinet niet te hoeven hebben. Uit onderzoek van Maurice de Hond bleek afgelopen week dat een meerderheid van de Nederlanders een mondkapjesplicht in openbare binnenruimtes steunt.

Schaarste voorbij

In het begin van de crisis gebruikte het kabinet schaarste om de discussie over mondkapjes af te houden. Mondkapjes zijn nodig in de zorg, klonk het toen. Maar het debat gaat inmiddels over niet-medische mondkapjes, die toch niet in de zorg worden gebruikt en sinds 1 juni wel verplicht zijn gesteld in het openbaar vervoer. Het waren de ov-bedrijven die zich zorgen maakten over de veiligheid van hun medewerkers en eisten dat de mondkapjesplicht er kwam. Het kabinet ging daar uiteindelijk in mee, met het argument dat afstand in de voertuigen niet goed mogelijk is.

Door de toegenomen drukte is afstand houden intussen op veel meer plekken, zoals drukke winkelstraten, bijna onmogelijk. Waarom daar dan niet een mondkapje verplichten? Het kabinet en Van Dissel hebben steeds gewaarschuwd voor „schijnveiligheid”. Burgers zouden lakser worden met de andere regels, zoals de 1,5 meter, en verkeerd gebruik van mondkapjes zou zelfs tot meer infecties kunnen leiden, zei Van Dissel in de Tweede Kamer.

Maar Britse en Amerikaanse onderzoekers, die dat deze epidemie onderzochten, vonden nog geen enkel geval van besmetting door een „geïnfecteerd masker”. En voor het navolgen van andere regels geldt eerder het omgekeerde. De Corona Gedragsunit van het RIVM zelf concludeerde in mei dat mensen zich door het mondkapje, „een zichtbaar signaal en herinnering aan de pandemie”, juist beter hielden aan zaken als afstand houden en handen wassen.

Premier Rutte gaf onlangs bij Op1 overigens toe dat schijnveiligheid een ongelukkig woord was. „Dat was te stellig.”

‘Niet effectief’

Een argument dat de Nijmeegse burgemeester Hubert Bruls, tevens voorzitter van de veiligheidsregio’s, gebruikte: een mondkapjesplicht zou niet „effectief” zijn omdat veel besmettingen nu thuis, op feestjes of op het werk plaatsvinden. Allemaal geen plekken waar een mondkapje verplicht zou worden. Maar volgens Amrish Baidjoe is dat te kort door de bocht. „De helft van de gevallen is terug te leiden naar dit soort plekken, maar de andere helft niet. Dat zijn mensen die het gewoon ergens hebben opgelopen.”

Lokale verschillen in mondkapjesbeleid zullen verwarrend werken voor burgers, vreest Baidjoe. Hij vindt het jammer dat het kabinet niet landelijk de regie neemt, ook om de verschillen met de rest van Europa te dichten. „Consistentie van beleid is een sterk argument om het wel te doen, zeker nu middenin het toeristische seizoen.”