Reportage

Een T-shirt met Pride

Activisme Kleding kan veel meer zijn dan een fashion statement. Een tentoonstelling tijdens de Pride toont T-shirts die een diepe overtuiging uitdrukken.

Foto's Ari Versluis

‘Hey babe, you like our band?”, vraagt een van de Ramones in een meme die nu rondgaat op sociale media. „What band?”, vraagt het meisje in het Ramones-T-shirt op de foto eronder. T-shirts met opdruk zijn de laatste jaren vaak een nogal inhoudsloos medium geworden, meer fashionstatement dan uitdrukking van diepe overtuiging. Nee, dan de man die in de jaren zeventig rondliep in een T-shirt met het logo van Argos.

Met dat shirt, dat hij zo vaak waste dat er van de oorspronkelijke groene kleur bijna niets meer over was, liet hij zien dat hij een bezoeker was van wat in 1965 de eerste leerbar in Europa was, inclusief darkroom. Het was een milde versie van de outfits die in de bar werden gedragen, of juist niet: je durfde misschien niet in een leren broek en pet en ontbloot bovenlijf over straat, maar met het T-shirt was je toch herkenbaar voor je gemeenschap. Bijzonder detail: bij een slijtgaatje in de rug had de drager het woord ‘kogel’ geschreven, waarschijnlijk om het nog iets ruiger te maken.

Het Argos-shirt maakt tegenwoordig deel uit van de collectie van IHLIA LGBTI Heritage, het grootste LHBTQI+-archief van Europa, dat inmiddels bijna vierhonderd bedrukte T-shirts uit binnen- en buitenland heeft verzameld. Een groot deel ervan is vanaf eind deze week te zien in de openbare bibliotheek naast het Centraal Station in Amsterdam, waar ze deel uitmaken van de installatie LGBTshirtQIA+, gemaakt door gastcurator Leendert Sonnevelt. Sonnevelt liet ook een fotoserie maken door Ari Versluis, waarin jonge LHBTQI+’ers de T-shirts uit het archief dragen.

Op een van de opmerkelijkste shirts uit de IHLIA-collectie staat een advertentie van Nederlandse activisten in The New York Times, naar aanleiding van het zogenaamde Briggs Initiative uit 1978, waarmee senator John Briggs een referendum wilde houden om homoseksuele leraren weg te houden van openbare scholen in Californië. De message from people of Holland doet nu pijnlijk pedant aan: „Wij, in het land van Anne Frank, weten waar vooroordelen en discriminatie toe kunnen leiden.”

Van alle T-shirts die IHLIA heeft, is het grootste deel verbonden aan de aids-problematiek. Bekendste voorbeeld: het Stop Aids Now!- T-shirt van graffiti-kunstenaar Keith Haring, die in 1990 op 41-jarige leeftijd aan de ziekte bezweek.

Eind jaren negentig, toen de aidsmedicatie sterk verbeterde, werd de toon op de T-shirts lichter; veel shirts uit die tijd zijn gemaakt voor vrolijke evenementen als de Gay Games.

Er zit ook huisvlijt in de collectie, zoals een customized shirt uit vermoedelijk de jaren tachtig. ‘Nasty Girl’ staat erop, het eerste woord is er met sjablonen opgezet, het tweede met stift, verder staan er rode en roze driehoeken op, waarvoor een aardappelstempel is gebruikt.

Ondervertegenwoordigd zijn shirts die afkomstig zijn van ‘transgroeperingen’ of organisaties van mensen van kleur, iets dat volgens co-curator van de expositie Jim van Geel van IHLIA verklaard kan worden doordat het kunnen dragen van een LHBTQI+-shirt een privilege is. „Een witte cis homoman kan relatief veilig over straat in een regenboogshirt, terwijl het voor een zwarte trans vrouw al gevaarlijk is om in haar alledaagse kleding het openbaar vervoer te gebruiken.”

De commercialisering van het bedrukte T-shirt is ook terug te zien bij LHBTQI-shirts. Een van de eerste activistische shirts die ook een winkelhit werd, was het Legalize Gay-shirt van American Apparel, gemaakt naar aanleiding van een referendum uit 2008, dat het homoseksuele stellen (weer) onmogelijk maakte om te trouwen in Californië. Van Geel: „Tegenwoordig zien we shirts van ontzettend veel grote commerciële merken zoals Levi’s, Hema, Calvin Klein en Nike. Rond het Pride-seizoen kleuren winkelstraten zich in regenboogtinten en lanceren merken speciale capsulecollecties. Het uitdragen van progressiviteit loont.”

Wat vindt hij daarvan? „Dat hangt af van wat een bedrijf de rest van het jaar doet, en of het zich intern sterk maakt voor LHBTQI+’ers. Als dat niet zo is, betekent zo’n shirt niks.” 

Foto Ari Versluis

T-shirt: herkomst onbekend.

Gedragen door: Zoë Eleni Bab (33), activist (Black Queer & Trans Resistance NL), producer, student mariene biologie. „Dit shirt vertegenwoordigt voor mij unity en community, het is een ode aan alle BIPOC [Black, Indigenous and People Of Color] voorouders, activisten en strijders die mij voor zijn gegaan. I’m black and I’m proud!”

Foto Ari Versluis

T-shirt van: Argos (jaren zeventig) in Amsterdam. De eerste Europese bar voor leermannen sloot in 2015.

Gedragen door: Raoni Muzho Saleh (29), multidisciplinair kunstenaar. „Het mooie aan een shirt als dat van Argos vind ik de knipoog naar elkaar: ‘Wij waren daar samen!’ Dat is iets dat tegenwoordig niet of minder bestaat. Ik heb het gevoel dat veel van onze cultuur nu op het internet beleefd wordt.”

Foto Ari Versluis

T-shirt van: grootschalige gedenkmars in 1994 ter nagedachtenis aan de Stonewall-protesten 25 jaar daarvoor. De Stonewall Inn is een gay-bar in Christopher Street in New York, waar in 1969 een inval werd gedaan. Toen sommige aanwezigen weigerden zich te identificeren, werd iedereen gearresteerd en braken er rellen uit.

Gedragen door: Jayden Stark (26), Nieuw-Zeelander die zijn weg aan het zoeken is in Amsterdam. „Het T-shirt komt uit hetzelfde jaar als ik. En roze en lichtblauw zijn de kleuren van de transgendervlag. Transgenders van kleur als Marsha P. Johnson, die een grote rol speelde bij de Stonewall-protesten, hebben eraan bijgedragen dat ik in een liberated space leef.”

Foto Ari Versluis

T-shirt van: ACT UP (1991). De organisatie werd in 1987 in New York opgericht, met als doel de lakse houding van de Amerikaanse overheid en de farmaceutische industrie ten opzichte van de aids-problematiek aan te kaarten. Later werden ook afdelingen opgericht in Berlijn, Amsterdam en Parijs. De Amerikaanse en Franse ACT UP zijn nog altijd actief.

Gedragen door: Robin Ramos (21), interdisciplinair kunstenaar (films, muziek, een ‘holistische’ kledinglijn). Vanwege vakantie niet bereikbaar.

Foto Ari Versluis

T-shirt van: Strange Fruit (datum onbekend) , een Nederlandse zelfhulporganisatie van vooral LHBTQI+’ers van Surinaamse, Antilliaanse en Arabische komaf die tussen 1989 en 2013 actief was. Naast ontmoetingsavonden had Strange Fruit een maandelijks radioprogramma, werden activiteiten als buikdansen georganiseerd, en werd aan aids-preventie gedaan.

Gedragen door: Isjed Hussain (37), sociaal werker, projectleider en directeur van Stichting Prisma Groep, die zich inzet voor biculturele en/of islamitische LHBTQI+’ers. „Door het dragen van dit T-shirt laat ik zien dat ik dankbaar ben voor wat onze voorgangers hebben gedaan.”

Van 31 juli en met 1 november zijn de T-shirts te zien in de Centrale OBA, Amsterdam. Zie: ihlia.nl