Reportage

‘Deze boomwortels verbeelden Van Goghs strijd op leven en dood’

Van Goghs sterfplaats In Auvers-sur-Oise, waar Vincent van Gogh zijn laatste zeventig dagen doorbracht, herinneren nog veel locaties aan de schilderijen die hij daar maakte. Ook de plek van zijn laatste doek is nu gevonden.

Montage die duidelijk maakt welke boomwortels Van Gogh schilderde.
Montage die duidelijk maakt welke boomwortels Van Gogh schilderde. Beeld Institut Van Gogh

Wouter van der Veen is altijd druk; zonder corona had hij zijn verrassende kunsthistorische ontdekking misschien wel nooit gedaan. Van der Veen (46) is wetenschappelijk directeur van het Institut Van Gogh in Auvers-sur-Oise, het kunstenaarsdorp iets ten noorden van Parijs waar Vincent van Gogh de laatste zeventig dagen van zijn korte leven sleet. Met lezingen en boek- en tijdschriftpublicaties ijvert Van der Veen voor het behoud van Auberge Ravoux. Dat is het voormalige pension waar de 37-jarige Van Gogh op 29 juli 1890 in een piepklein zolderkamertje in de armen van zijn broer Theo overleed, dertig uur nadat hij zichzelf in de borst had geschoten.

Sinds Auberge Ravoux in 1993 als bezienswaardigheid werd opengesteld, gingen steeds meer Van Gogh-liefhebbers op bedevaart naar Auvers. Vorig jaar zo’n 300.000. Ze komen voor een bezoek aan het lege kamertje, voor de begraafplaats waar Vincent en Theo broederlijk naast elkaar liggen, en voor het kerkje en de korenvelden die Van Gogh zo meesterlijk schilderde.

Eind maart hoeft Van der Veen zich even niet om de kunstpelgrims te bekommeren; de strenge Franse lockdownmaatregelen hebben zijn agenda leeg geveegd. Eindelijk heeft hij tijd om eens te kijken naar de scans van driehonderd oude ansichtkaarten van Auvers, een verzameling van een hoogbejaarde dorpsbewoner. Misschien zit er iets bij voor een nieuwe audiovisuele presentatie in Auberge Ravoux.

Tijdens een lang telefoongesprek staat een prentbriefkaart op zijn beeldscherm die vijftien jaar na de dood van Van Gogh is gemaakt. Een jongen loopt met zijn fiets aan de hand over de Rue Daubigny, een zanderige weg vlak bij het pension. Rechts van de weg is een heuvelrand met bomen, waarvan de wortels deels blootliggen.

Ansichtkaart van de Rue Daubigny in Auvers-sur-Oise uit circa 1910. Rechts van de weg de iepenbomen die Van Gogh schilderde.

Beeld Institut Van Gogh

Als hij de foto uitvergroot, ziet Van der Veen dat de achterband van de fiets lek is. Maar zijn blik blijft tijdens het telefoongesprek vooral hangen aan de grillige gevormde boomwortels. Niet zonder reden: twee dagen voor zijn overlijden begon Van Gogh aan een bosgezicht, een wirwar van grillige, abstract ogende vormen en bonte kleuren. Zijn allerlaatste schilderij. Andries Bonger, zwager van broer Theo, beschreef in een brief hoe Van Gogh „den morgen vóór zijn dood” een bosgezicht schilderde „vol zon en leven”.

Voetsporen

Auvers-sur-Oise is 130 jaar na Van Goghs dood weinig veranderd. Dankzij een route met informatieborden is het goed mogelijk om in zijn voetsporen te treden en stil te staan op de plekken in en rond het dorp waar hij ooit zijn schildersezel neerzette. Zoals bij het huis van dokter Paul-Ferdinand Gachet, de homeopaat voor wie hij, na zijn onfortuinlijke periode in de Provence, naar het noorden van Frankrijk was gereisd, op aanraden van zijn broer.

De kunstenaar en de dokter konden het goed met elkaar vinden. Gachets advies om veel te schilderen, om zo afleiding te vinden voor de demonen in zijn hoofd, volgde Van Gogh op. In koortsachtig tempo maakte hij minstens één schilderij per dag. Van al die werken is bekend waar Van Gogh ze schilderde. Alleen dus niet van Boomwortels.

Vincent van Goghs laatste schilderij: Boomwortels, 27 juli 1890 (olieverf op doek, 50,3 × 100,1 cm.) Collectie Van Gogh Museum, Amsterdam

Die onwetendheid heeft tot speculaties geleid over de betekenis. Vooraanstaande kunsthistorici hebben het doek bijvoorbeeld bestempeld als het begin van de abstracte kunst. Ook Van der Veen deed dat in een van de zes boeken die hij over de kunstenaar schreef.

Die theorie over het loslaten van de figuratie door Van Gogh werd in 2012 overtuigend bestreden door een gezamenlijke publicatie van professor Louis van Tilborgh van het Van Gogh Museum en Bert Maes, een ecoloog gespecialiseerd in het verouderingsproces van bomen.

Maes, liefhebber van het werk van Van Gogh, reisde voor die publicatie naar Auvers. De dendroloog had in de grillige vormen van Van Goghs laatste schilderij een houtkapbos herkend: een verzameling iepenbomen die door regelmatig kappen en weer uitgroeien steeds grilliger wortels krijgt. Op de mergelafgravingen rond Auvers vond Maes tal van zulke bosjes waar de dorpsbewoners de brandstof voor hun kachels vonden. De grillige vormen op het schilderij zijn de grillige vormen van een hakhoutbos, legden Maes en Van Tilborgh uit, en géén abstracte kunst.

Maar het ultieme bewijs dat Van Gogh ook zijn laatste doek naar het leven had geschilderd, de locatie van zijn schilderij, ontbrak. Bijna onmogelijk om dat na zo’n lange tijd nog te vinden, zegt de ecoloog nu: „Sommige bomen zijn verder uitgegroeid, andere zijn vervallen.”

‘Zie je ook wat ik zie?’

Wouter van der Veen kan tijdens de lockdown terug in de tijd kijken; gebiologeerd blijft hij de oude ansichtkaart van de jongen met de fiets vergelijken met Van Goghs laatste doek. Heeft hij last van cognitieve vertekening, ziet hij iets wat hij graag wil zien? Onzeker vraagt hij aan zijn echtgenote: „Zie je ook wat ik zie?”

Pas na tien dagen intensief vergelijken, durft Van der Veen contact op te nemen met de bevriende specialisten van het Van Gogh Museum in Amsterdam, waar de bewuste ansichtkaart ook in de collectie zit. Hij meent te weten, vertelt Van der Veen hen voorzichtig, waar Van Gogh zijn laatste schilderij maakte: in de Rue Daubigny (in 1890 nog de Grand Rue), op slechts 120 meter van Auberge Ravoux.

Lees ook: Eerder dit jaar bleek een zelfportret van Van Gogh écht door hemzelf geschilderd

De museummedewerkers steunen zijn conclusie, net als Bert Maes, die Van der Veen ook raadpleegde. De bomendeskundige zegt: „De gelijkenissen zijn zo frappant. Het is hoogstwaarschijnlijk dat Van Gogh dicht bij zijn pension een heel realistisch bosgezicht heeft geschilderd.”

Toen Van der Veen in overleg met de eigenaar de deels met klimop overwoekerde boomwortels vrij liet maken, resulteerde dat in meer bewijsmateriaal voor zijn bevinding.

Heuvelrand

Wat betekent deze ontdekking voor de kennis over Van Goghs leven en werk?

Wouter van der Veen moet lachen. In de eerste plaats, zegt hij, bevestigt zijn vondst dat Van Goghs laatste schilderij beslist niet het begin van de abstracte kunst is. „Van Gogh heeft geen denkbeeldige plek geschilderd, maar een meter of tien heuvelrand met bomen.”

Hij greep terug naar een motief uit zijn Haagse tijd, zegt Van der Veen. Toen, in 1882, maakte hij een tekening van boomwortels. Een boer die hem een uur lang voor een oude boomstronk zag zitten tekenen, schreef Van Gogh destijds in een brief, zou denken dat hij gek was. Maar met die ‘zwarte knorrige wortels met hun knoesten’ probeerde hij iets uit te drukken ‘van den strijd des levens’.

Van der Veen duidt Boomwortels in samenhang met de zelfmoordpoging die Van Gogh later die dag deed, en die hem dertig uur later het leven kostte. „Over de boomwortels die hij eerder tekende schreef hij dat ze ‘als ’t ware krampachtig en hartstochtelijk vastwortelen in de aarde en toch half losgerukt zijn door de stormen’. Ze drukten voor hem dus een ultieme waarheid uit: ze verbeelden de strijd op leven en dood.”

„Bij Van Gogh is alles altijd eenvoudiger dan je denkt”

Dr. Wouter van der Veen, wetenschappelijk directeur van het Institut Van Gogh


Tweeënhalve week voor zijn dood gebruikte Van Gogh de wortelbeeldspraak nog in een brief aan zijn broer en schoonzus: „Mijn leven is aan de wortel aangetast, ook ik sta niet meer stevig op mijn benen.”

Het is de eeuwige les bij Van Gogh, zegt Van der Veen. „Bij hem is alles altijd eenvoudiger dan je denkt. Om een ​​gevoel van existentiële diepte op te roepen, hoefde hij niet te reizen. Op 120 meter van zijn bed, langs de kant van een pad dat honderden mensen dagelijks gebruikten, vond hij een motief dat kunstliefhebbers vele decennia later nog weet te fascineren.”

Schietgrage jongens

Zijn ontdekking ontzenuwt volgens Van der Veen ook een opzienbarende hypothese uit de vuistdikke biografie Van Gogh: The Life (2011), geschreven door Steven Naifeh en Gregory White Smith. Deze Amerikaanse auteurs haalden de wereldpers met hun theorie dat Van Goghs dood het gevolg zou zijn van een uit de hand gelopen pesterij met twee schooljongens.

Op zondagavond 27 juli keerde de kunstenaar zwaargewond terug in Auberge Ravoux. Volgens getuigen zei Van Gogh zichzelf met een revolver in de borst te hebben geschoten. Tegen de dokters die zijn wond onderzochten, toonde hij zich fatalistisch. Als de artsen hem wisten te genezen, zei Van Gogh, „zou hij het nog een keer moeten doen”. Tegen de politie verklaarde hij: „Geef niemand de schuld, ik wilde mezelf doden.”

Allemaal niet waar, schreef het Amerikaanse biografenduo. Volgens hen wendde Van Gogh een zelfmoordpoging voor om de schooljongens die hem hadden neergeschoten te beschermen.

Deze onwaarschijnlijke theorie, zegt Van der Veen, wordt door zijn ontdekking nog veel onwaarschijnlijker. Nu duidelijk is waar Van Gogh zijn laatste schilderij maakte, kan ook worden bepaald op welk tijdstip van de dag hij het schilderde. Het zonlicht komt van links, wat impliceert dat hij ’s middags op de Rue Daubigny heeft gewerkt.

Van Gogh is dus niet, zoals de Amerikaanse biografen schreven, na het middagmaal in Auberge Ravoux vijf uur lang op schilderexcursie gegaan, om ’s avonds zonder zijn ezel, doek, verf en penselen, maar mét een schotwond in het pension terug te keren. Het is veel plausibeler, zegt Van der Veen, dat Van Gogh op 27 juli 1890 ’s middags de boomwortels schilderde, zijn spullen naar zijn kamertje heeft gebracht, en met een pistool het veld in is gelopen met de bedoeling een eind te maken aan zijn leven.

Hoe dan ook, naast de begraafplaats, Auberge Ravoux en het huis van dokter Gachet heeft Auvers-sur-Oise er dankzij Van der Veen een attractie bij: bezoekers kunnen op hun rondgang door het dorp ook op de plek gaan staan waar Van Gogh zijn laatste meesterwerk schilderde.

De boomwortels nu, 130 jaar nadat Van Gogh ze schilderde. De grote stronk rechts van het midden, ‘de olifant’, staat ook op Van Goghs schilderij.

foto Institut Van Gogh

De afgelopen maanden is de nieuwe toeristische attractie beschermd met een houten schutting en camerabewaking. Van der Veen: „Er zijn maar drie redenen om naar Auvers-sur-Oise te komen: Van Gogh, Van Gogh en Van Gogh. Zonder bescherming zullen souvenirjagers mogelijk hun naam in het hout kerven of proberen delen van de wortels mee te nemen.”

Eigenaar van het perceel met de boomwortels is Jean-François Selinger, een verhuurder van vakantiehuisjes die 26 jaar geleden speciaal voor Van Gogh naar Auvers verhuisde. Hij was blij verrast toen hij over de ontdekking hoorde. „Ik voel me verantwoordelijk voor de boomwortels”, zegt hij. Regelmatig kijkt Serlinger op zijn mobiele telefoon naar de beelden van de bewakingscamera. En toen hij afgelopen week een kettingzaag hoorde, snelde hij vanuit zijn huis naar de resterende boomwortels. „Ik was bang dat iemand ze aan het omzagen was.” Het bleek loos alarm; een buurman was bezig met onderhoudswerk.

Wouter van der Veen schreef over zijn ontdekking het boek: Attaqué à la racine. Enquête sur les derniers jours de Van Gogh, Arthénon, 128 blz., €15,00. Online staat een gratis beschikbare Engelse editie: Attacked at the very root Inl: arthenon.com