Thuiskok.

Huisbezoek

Er was eens een groot huis op de Granaatappelstraat. Daar woonden heel veel verschillende mensen in hun eigen appartement. Op een dag gingen ze allemaal koken. Koken zoals ze dat van huis uit ooit werd geleerd. En daarna gingen ze het samen opeten, aan een grote tafel in de tuin. Wat zal er allemaal op tafel gezet zijn?

Ziehier de strekking van Een huis vol lekkers, een kookboek van de Italiaans-Australische Felicita Sala. Sala is illustrator, wat verklaart waarom dit meer een schitterend plaatjesboek met recepten is geworden dan een kookboek.

Dit is een kinderkookboek zoals we ze zelden bespreken. Er verschijnen er weinig en ze vallen vaak tegen. De bewegingsvrijheid is beperkt als je rekening moet houden met spanningsbogen van een minuut en een smaakpalet dat bestaat uit ‘lekker’ en ‘vies’. Wat overblijft zijn kookboeken vol met herkenbare (tekenfilm)figuren, roze kleurtjes en uiteenlopende lekkernijen, volgestopt met suiker.

Dus hoe pak je het dan goed aan? Sala heeft een eenvoudige maar prachtige manier gevonden: een getekend verhaal waarin we bij alle kamers in het huis aan de Granaatappelstraat langsgaan. De bewoners hebben verschillende (etnische) achtergronden en dat zie je terug in de illustraties. Hun appartementen zijn zo gedetailleerd getekend, dat je alleen daar al uren zoet mee kunt zijn.

Sala geeft zo een inkijkje in andermans levens, en daar hoort eten ook bij. Meneer Ping roerbakt broccoli, Signora Sella kookt haar spaghetti en tomatensaus en Jeremiah bakt chocolate chip cookies. De recepten zijn niet alleen maar simpel en bekend: Mevrouw Ishida maakt oyakodon, Pilar bereidt salmorejo en Meneer Singh stooft dahl met kokosmelk.

Kinderen nieuwe dingen laten proeven is geen doel op zich, daar zijn al genoeg andere boeken voor, heeft Sala gezegd in interviews. Ze wil dat kinderen kunnen zien dat er andere mensen zijn, die van andere plekken komen en dus andere dingen kunnen eten. Misschien willen kinderen die gerechten wel proberen als ze die in dit boek hebben gezien.

Zo kent dit dunne boekje diepe gronden. En als je dan op de laatste bladzijde alle bewoners samen vrolijk in de tuin ziet dineren, besef je dat het kookboek een inclusieve boodschap bevat waar we in deze roerige tijden allemaal wat aan hebben.