Opinie

Sociale media mobiliseren wantrouwen tegen politie

Legitiem politiegeweld wordt op sociale media in een flits beoordeeld en meestal afgekeurd. Politieke mobilisatie volgt, het bestuur staat meteen op achterstand. Politie-expert Piet van Reenen in de Veiligheidscolumn.
Demonstranten zoeken de confrontatie met de politie bij het Centraal Station in Den Haag.
Demonstranten zoeken de confrontatie met de politie bij het Centraal Station in Den Haag. Foto Robin van Lonkhuijsen / ANP

Woedend waren de politiemensen die tijdens de rellen bij het Haagse Centraal Station - volgend op de demonstratie tegen coronamaatregelen op het Malieveld - dienst hadden gehad. Ook de minister, de korpschef en de vakbonden waren verontwaardigd over de manier waarop in de media en vooral door Baudet op sociale media verslag was gedaan van het optreden van de politie.

Die woede werd geëchood in hun televisieoptredens; stoom uit de oren. De politiechef van Rotterdam ging later die week publiekelijk voor zijn mensen staan toen die verweten werd racistisch op te treden tijdens een aanhouding in het Roel Langerakpark in zijn stad op 31 mei. Ook daarvan circuleerden filmpjes op sociale media en ook daar deed het slachtoffer haar verhaal in een televisieshow. „Trial by media” noemde die politiechef het en hij liet zien dat er meer aan de hand was geweest die avond.

Onverstoorbaar

Er staat veel op het spel, namelijk: het brede vertrouwen dat de Nederlandse bevolking heeft in de politie. Vertrouwen is van vitaal belang voor de politie, want het maakt geweld overbodig. Een negatief frame, eenmaal neergezet en versterkt door beelden, is lastig te veranderen - het bedreigt dat brede vertrouwen. Maar de politie, die redelijkheid, gematigdheid en een zekere onverstoorbaarheid in het vaandel voert, wordt door de opzettelijke vertekening van de werkelijkheid in diskrediet gebracht.

Vanwaar deze verontwaardiging juist nu? Al in 2012 ging ook al een filmpje viral van een agente die in de Rotterdamse Afrikaanderwijk een man in zijn kruis schopt. Snel onderzoek maakte toen duidelijk dat de actie van de agente viel te rechtvaardigen.

De politie begon zich vervolgens aan te passen aan sociale media: vooruit verdedigen zoals een voetballende politiechef het noemde, het initiatief nemen op sociale media, snel zijn met informatie, anticiperen op wat kan komen, bodycams voor politiemensen. Succesvolle aanpassingen, zou je zeggen. Dus waarom nu zo boos? Natuurlijk is er verontwaardiging over onterechte beschuldigingen waartegen de politieleiding zich terecht teweerstelde, maar er speelt meer.

Mobilisatie

Allereerst is daar het politieke element. Politiegeweld wordt weer politiek relevant en sociale media blijken uiterst effectieve middelen voor politieke mobilisatie. De korte video over de dood van George Floyd bewerkstelligde een wereldwijde protestbeweging tegen racistisch politieoptreden. Ook de manier waarop de leider van Forum voor Democratie de botsing van relschoppers en demonstranten met de politie in Den Haag op Twitter zette en van tendentieus commentaar voorzag, is een voorbeeld van hoe sociale media kunnen worden ingezet voor politiek gewin. Daarin speelt opzettelijke vertekening van de werkelijkheid een centrale rol. Snelle framing van gebeurtenissen, overdrijving, herhaling van beelden, nieuwscascades, interventies via sociale media, personalisering en dramatisering, zijn de ingrediënten. Ze hebben mobiliserend potentieel en daarin ligt een belangrijke verklaring voor de woede binnen bestuur en politie.

Verwarring

Een tweede ontwikkeling ligt in het verlengde daarvan. Het is de perfectionering van socialemediastrategieën, de opkomst van meer gecompliceerde politieke beïnvloedingsstrategieën waarin werkelijkheden worden gecreëerd of veranderd, verwarring wordt gezaaid, mensen of groepen worden bedreigd of beschadigd en groepen tegen elkaar worden opgezet. Sociale media als centraal onderdeel van de strategieën van de meest uiteenlopende statelijke en niet-statelijke actoren, van politieke partijen en actiegroepen. De meest geavanceerde methoden lijken door statelijke actoren te zijn ontwikkeld. „Overal in de wereld gebruiken statelijke actoren sociale media om consensus te fabriceren, om onderdrukking te automatiseren en het vertrouwen in de liberale, internationale orde te ondermijnen.” (The Global Disinformation Order - 2019 Global Inventory of Organised Social Media Manipulation. pdf)

Ongetwijfeld leren andere groepen gretig van deze voorlopers. Het is niet alleen een uitbreiding van het instrumentarium: het hele actieveld verbreedt zich van de straat naar een onbeperkte en oncontroleerbare ruimte online en vandaar weer terug naar de straat. Het gaat om hacken en onthullen, om bots, om bedreigingen en desinformatiecampagnes waarvan samenhang en oorsprong soms slecht kunnen worden achterhaald.

Het meest actueel en het heftigst zijn deze ontwikkelingen elders. In ons land lijkt het vooralsnog mee te vallen en is het voldoende wanneer nuchtere politiemensen uitleggen wat is gebeurd tijdens een incident en wat is fout gegaan, terwijl burgemeesters hun beslissingen en hun zorgen toelichten in gemeenteraden en media. Of dat voldoende blijft, valt niet te zeggen. In ieder geval is het de moeite waard de ontwikkeling van strategieën in het brede veld van sociale media, politieke mobilisatie en politiek protest en het overheids- en politiehandelen daarin, nauwgezet te volgen. Want je weet het nooit.

De Veiligheidscolumn wordt geschreven door deskundigen uit de politiewereld. Piet van Reenen was politieman, onderzoeker, directeur van de Politieacademie en hoogleraar politie en mensenrechten.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.