Opinie

Mondkapjes zijn een symbool maar niet slechts symbolisch

Mondkapjes

Commentaar

Wie de afgelopen twee maanden, sinds het mondkapje in het openbaar vervoer verplicht werd, het Nederlandse mondkapjesritueel aanschouwt, ziet dat het vooral is verworden tot een slabbetje om de nek. De slabbetjes gaan haastig op als de bus arriveert, omlaag als er een slok water of koffie wordt genomen, op de kin als er een (telefoon) gesprek wordt gevoerd, en met een zucht van verlichting af zodra – of zelfs vlak voor – de trein het perron heeft bereikt.

Op straat zijn er nauwelijks mensen die er een op hebben. Kappers en anderen met een contactberoep lijken ze ook niet te hebben omarmd.

Lees over de mondkapjes ook: Bieden mondkapjes bescherming of creëren ze schijnveiligheid? Dit zegt de wetenschap

De boodschap van het kabinet was dan ook een diffuse. Het beschermende nut van mondkapjes was gering, werd verteld – maar ze werden tóch in het ov voorgeschreven. Alleen mochten dat geen medische maskers zijn, waaraan een tekort was in de zorg, noch mondkapjes voorzien van een CE-keurmerk. Bleef over huisvlijt en papieren frutsels. Het kabinet motiveerde de plicht met het argument dat in het ov geen anderhalve meter afstand kan worden gehouden.

Maar zoals de burgemeester van Rotterdam, Ahmed Aboutaleb, terecht opmerkt: die anderhalvemeterregel is elders „sleets” geworden. Afstand houden blijkt moeilijker dan gedacht. Wie heeft zich er de afgelopen weken niet op betrapt dat familielid, die vriend, die al maanden niet is gezien tóch te willen omhelzen?

Het Outbreak Management Team, dat de ministers van Volksgezondheid en Veiligheid en Justitie adviseert over de coronastrategie, is bang dat mensen zich met een verplicht mondkapje nóg minder aan de anderhalve meter houden. Onderwijl blijkt uit RIVM-onderzoek dat mensen juist voorzichtiger zijn met een kapje op.

In de meeste Europese landen zijn de kapjes inmiddels verplicht in winkels en de openbare binnenruimte. Hier pleit de ene burgemeester (Aboutaleb) voor een gebod, terwijl de ander (Hubert Bruls, voorzitter van het overleg van de veiligheidsregio’s) dat „erg bezwaarlijk en vooral niet effectief” noemt omdat de besmettingen binnenshuis plaatsvinden.

Het RIVM meldt inderdaad dat waar de bron van de besmetting bekend is, het in meer dan de helft van de gevallen gaat om een feestje of huiselijke kring. Maar intussen kwamen vier deskundigen die door het kabinet zijn gevraagd om het coronabeleid tussentijds te evalueren donderdag sneller dan gepland met hun conclusies en riepen op tot een mondkapjesplicht in winkels en eventueel horeca.

Dat het kabinet een second opinion vraagt over nut en noodzaak van mondkapjes is met al die tegenstrijdigheden meer dan logisch. En als de uitkomst dubbelzinnig is – wetenschappelijk bestaan er immers geen grote bezwaren tegen een algehele mondkapjesplicht, noch doorslaggevende indicaties ervoor – dan nog zou het niet verkeerd zijn ze toch te verplichten. Al leveren ze schijnveiligheid, ze geven toch aan dat de situatie nog verre van normaal is.

En zoals de Belgische viroloog Marc van Ranst tegen NRC zei: „Het is ook beleefdheid.” Het mondkapje geeft immers aan dat jij de ander respecteert, zoals het omzichtig om elkaar heen bewegen dat in de eerste maanden was. Zo wordt het mondkapje ook in Aziatische landen gebruikt. Wie daar geen draagt, heeft kennelijk lak aan de ander en is een paria.

Lees ook een essay van Arjen van Veelen: Het mondkapje is geen muilkorf, draag het met flair

Aansluiten bij wat elders in Europa ook de norm is, geeft een duidelijk signaal. Ook aan elkaar. Zoals een goed Nederlands gezegde luidt: baat het niet, dan schaadt het ook niet.