Een hoorzitting is vooral politiek spektakel, maar voor de techreuzen niet zonder risico

Huis van Afgevaardigden Hoorzittingen bieden politici een podium om zich in de kijker te spelen. Voor een groot bedrijf onder vuur is het belangrijk om vrienden te hebben op Capitol Hill.

James Johnston, topman van tabaksfabrikant R.J. Reynolds, tijdens een geruchtmakende hoorzitting in 1994.
James Johnston, topman van tabaksfabrikant R.J. Reynolds, tijdens een geruchtmakende hoorzitting in 1994. Foto J. David Ake/ AFP

Vanaf het moment dat de topmensen van de vier grootste techbedrijven woensdag in het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden hun rechterhand opsteken en beloven de waarheid te spreken, spelen ze mee in een spektakelstuk. En het is allerminst gezegd dat zij daarin de hoofdrolspelers zijn.

Hoorzittingen zijn een geliefd instrument in de Amerikaanse politiek. Ze bieden de politici een podium om zich in de kijker te spelen. Als het onderwerp omstreden genoeg is, bezorgen ze de tv-zenders hoge kijkcijfers. De vraag is alleen: hoe belangrijk zijn hoorzittingen voor het debat over de zaak zelf?

„Een hoorzitting is een show voor politici”, zegt Chuck Blixt aan de telefoon. „Ze zijn niet op zoek naar de waarheid.”

Lobbyist Blixt (68) zat op 14 april 1994 in de zaal tijdens een van de meest geruchtmakende hoorzittingen in de moderne Amerikaanse geschiedenis, die waarin zeven topmannen van tabaksfabrikanten werden ondervraagd. Die gebeurtenis is vooral in het collectief geheugen van de Amerikanen gegrift als de hoorzitting waarin de zeven, beëdigd en wel, zeiden te geloven dat sigaretten en nicotine niet verslavend zijn.

Blixt, destijds werkzaam voor tabaksfabrikant R.J. Reynolds (van de Camel-sigaretten), snuift hoorbaar. Tijdens de hoorzitting leek het niet eens een cruciaal moment, zegt hij. „Het was de verdraaiing achteraf die het tot zo’n belangrijke gebeurtenis verhief. Strikt genomen is dat niet wat ze zeiden.”

Wat Blixts toenmalige opdrachtgever betreft, klopt dat. James Johnston, topman van R.J. Reynolds, antwoordde: „Sigaretten en nicotine voldoen duidelijk niet aan de klassieke definitie van ‘verslaving’.” De zes anderen zeiden het ongeclausuleerd. Een maand later diende Mississippi als eerste staat een schadeclaim in tegen tabaksfabrikanten om hen te dwingen op te draaien voor de kosten van gezondheidsschade door roken.

Lees ook: De vijf zwakke plekken van big tech

Privéjets

De Financial Times waarschuwde de topmannen van Alphabet (Google), Amazon, Apple en Facebook alvast voor maandag: ja, een hoorzitting is vooral politiek theater, maar „theater weegt zwaar bij antitrustzaken. Onderzoeken daarnaar worden voortgestuwd door politiek momentum en publieke opinie (...) Politici die het belang van ingrijpen willen aantonen, krijgen wellicht geen betere gelegenheid dan deze.”

Beeldvorming kan daarbij doorslaggevend zijn. Op 18 november 2008, tijdens de financiële crisis, vroegen de topmannen van de drie grootste Amerikaanse autofabrikanten de Senaat tientallen miljarden staatssteun voor hun bedrijven. Maar het gevecht om de beeldvorming hadden ze al verloren voordat ze één voet op Capitol Hill hadden gezet. Ze waren alle drie per privévliegtuig naar Washington gevlogen.

De afgevaardigden en senatoren zijn al jaren bewerkt door lobbyisten, ze hebben soms geld van de bedrijven aangenomen voor hun verkiezingscampagnes

De New York Times beschreef destijds de twee niveaus waarop de hoorzitting zich afspeelde: voor de camera’s de zorgvuldig aangescherpte vragen van de politici en de nog zorgvuldiger voorbereide antwoorden. Buiten beeld „holden managers van de autofabrikanten en hun lobbyisten van kantoor naar kantoor om invloedrijke parlementariërs te vragen hun verzoek in te willigen”. De politici hadden voor zichzelf allang uitgemaakt dat „niets doen geen optie is”, zoals de voorzitter van de commissie zei. „We gaan alleen niet zomaar een cheque uitschrijven.”

Twee weken later keerden de drie autotopmannen terug om hun verzoek te herhalen. Ditmaal waren ze alle drie in een energiezuinige hybride auto naar Washington gereden. Ze kregen de miljardensteun waar ze om vroegen. Chrysler en General Motors deden het jaar erop hun privéjets van de hand.

Vrienden

Hoe hard het verhoor ook verloopt, als een bedrijf groot genoeg is, zal het altijd vrienden hebben op Capitol Hill. De afgevaardigden en senatoren zijn al jaren bewerkt door lobbyisten, ze hebben soms geld van de bedrijven aangenomen voor hun verkiezingscampagnes. En dan is er het gegeven dat een groot bedrijf een grote werkgever is, waar honderden, soms duizenden mensen uit het district van de afgevaardigde of de staat van de senator hun brood bij verdienen. Hoe hard ga je zo’n bedrijf dan aanpakken?

Dergelijke ‘vrienden’ hielpen in 1994 lobbyist Blixt en R.J. Reynolds zich voor te bereiden op de lastigste vragen uit de Senaat. Er was een groot verschil tussen Democraten en Republikeinen, herinnert Blixt zich. „De Democraten wisten allang wat ze vonden, de Republikeinen stonden meer open voor onze argumenten.”

Blixt verwacht dat ook de techbedrijven wel vrienden zullen weten te vinden onder de commissieleden, al is de afkeer van de vier monopolisten intussen een van de weinige zaken waar Amerikaanse politici het met elkaar over eens zijn. Voor Mark Zuckerberg, topman van Facebook, wordt het de derde keer in drie jaar tijd dat hij in de bankjes van het Huis plaatsneemt. Hij is alle keren om de oren geslagen door Democraten en Republikeinen.

Dit ziet Blixt als centraal probleem voor de verhoorden: „Het is heel lastig om een positief punt over het voetlicht te brengen.” Daarvoor moet je dan weer bij het spinnen na afloop zijn, zegt hij. Is dat in 1994 gelukt? „Wij konden na afloop de vraag opwerpen of de overheid Amerikanen mocht verbieden sigaretten te kopen, een legaal product, alleen te koop voor volwassenen. Ja, dat was wel een goed punt.”