Analyse

Netanyahu ziet trukendoos leger raken

Israël Protesten in Jeruzalem tegen de premier en zijn coronabeleid zwellen aan. Zijn positie verzwakt met de dag.

De politie arresteert vrijdag een vrouw tijdens een demonstratie tegen premier Netanyahu in Jeruzalem.
De politie arresteert vrijdag een vrouw tijdens een demonstratie tegen premier Netanyahu in Jeruzalem. Foto Ammar Awad / Reuters

‘Ik ben moeder van drie kinderen, ik heb niks gedaan”, gilt een vrouw met felrode lippenstift terwijl agenten haar een arrestantenbus in slepen. Ze is een van de tientallen die afgelopen week zijn gearresteerd bij demonstraties tegen de Israëlische premier Benjamin Netanyahu.

Het wil maar niet rustig worden op Balfour Street, de straat in Jeruzalem waar de officiële residentie van Netanyahu staat. Vrijwel dagelijks zijn er protesten. Een klein groepje demonstranten verzamelt zich hier al jaren om zich te verzetten tegen wat zij zien als afbraak van de rechtsstaat door Netanyahu, tegen wie drie corruptiezaken lopen. De afgelopen weken zijn daar nieuwe en jongere groepen bijgekomen, met een mengelmoes aan eisen en doelen. Met één gemene deler: de premier moet weg. „Wij geven niet op totdat Bibi opstapt.”

Lees ook: Israël stevent stuurloos af op nieuwe coronagolf

De grote katalysator is de coronacrisis en de daarmee samenhangende economische malaise. Werd de premier oorspronkelijk geprezen om zijn aanpak, inmiddels ziet iedereen dat het gehoopte herstel van de economie verder buiten bereik drijft. De werkloosheid blijft torenhoog, bedrijf na bedrijf gaat failliet. De beloofde steunpakketten zijn ontoereikend.

De demonstranten eisen meer dan financiële tegemoetkoming; ze willen sociale gerechtigheid. „Mensen worden wakker”, zegt binnenhuisarchitecte Moran Raif (35). „Nu armoede voor iedereen dichterbij komt, kunnen ze zich inleven in degenen die al langer protesteren.” De directe aanleiding voor de demonstratie waaraan zij donderdag deelneemt, is een nieuwe wet die het kabinet ongekende macht geeft om het parlement te passeren bij coronabeslissingen. Demonstranten vrezen een dictatuur.

„Kom erbij, dit is van ons allemaal”, staat op een spandoek. Dat probeert Bibi nou net te voorkomen. De verdeel- en heerstactiek waarmee hij al zo lang verkiezingen wint, past hij ook nu toe. Hij loopt pas echt gevaar als de economische demonstraties van verschillende beroepsgroepen samensmelten met de anti-Bibi-demonstraties, zoals deze week gebeurde toen boze restauranthouders gratis maaltijden gingen uitdelen.

Het aantal Likudstemmers op de Balfourdemonstraties is tot nu toe zeer beperkt; om dat zo te houden, schildert hun leider de demonstranten af als linkse anarchisten. Kleine groepjes Bibi-aanhangers belagen actievoerders die er „links” uitzien.

Het harde politieoptreden waarmee Netanyahu deze demonisering combineert, lijkt averechts te werken. De protesten wonnen aan momentum nadat eind juni een 66-jarige veteraan werd gearresteerd. Na het recordaantal van vijftig arrestaties op donderdag, kwamen zaterdag niet vier- maar vijfduizend demonstranten naar Jeruzalem.

De positie van de premier verzwakt met de dag. Sommige analisten weten al zeker dat Bibi uit is op een vierde verkiezingsronde, voordat in januari 2021 de bewijsfase van zijn strafzaak begint. Nieuwe verkiezingen uitschrijven is voor Netanyahu echter riskant. Hij heeft weliswaar zijn grootste rivaal Benny Gantz en diens partij uitgeschakeld door ze in te lijven bij de coalitie, maar Likud maakt ook een flinke duik in de peilingen.

Vooral Naftali Bennett van het rechtse Yamina profileert zich als iemand die wél actie onderneemt. Hij valt de premier aan op diens coronabeleid, maar ook op het plan om delen van Palestijns gebied te annexeren, door Netanyahu groots aangekondigd. Waarschijnlijk haalt Netanyahu’s rechtse droomcoalitie, waarmee hij aan vervolging hoopt te ontkomen, de vereiste 61 Knessetzetels niet. Ook binnen Netanyahu’s eigen partij groeit de muiterij.