Opinie

Huilen zal je, verdomme

Wilfried de Jong

Altijd maar weer die glimlach op je gezicht toveren in zo’n laaiende turnhal. Zelfs als je oefening mislukt is. Lachen zal je, verdomme. Het lichaam strekken tijdens de laatste groet naar de jury en dan naar je trainer hollen die het toneelstukje meespeelt. Een arm om je schouders en samen wachten op de score.

Turnen is een feeërieke sport. Vaak nog jonge kinderen doen dingen met hun elastieken lichaam die het publiek niet voor mogelijk houdt. Zo’n oefening is gracieus, krachtig en energiek. De glitters op de turnpakjes maken het feestje af. Zo lief, zo mooi.

Dat is de façade.

Op naar de doordeweekse training.

Al jaren gaan schrijnende verhalen over het drillen, het uitwonen van piepjonge lichamen, de militaire discipline waar niet aan te tornen valt.

Huilen zal je, verdomme.

Het Noordhollands Dagblad publiceerde dit weekend een interview met Gerrit Beltman (64), al meer dan drie decennia turncoach: „Ik schaam mij diep. Nooit heb ik bewust de intentie gehad om te slaan, om te schelden, te kwetsen of te kleineren, om ze monddood te maken, om constant denigrerende opmerkingen over het gewicht te maken. Maar het gebeurde wél.”

Veel (oud-)turnsters lieten van zich horen. Alwéér. Want hadden ze al niet vaker openlijk of via-via laten blijken wat er allemaal gebeurde dat het daglicht niet kon verdragen? Ze vertelden het weifelend, met trillende stem, wat de boodschap alleen maar harder deed aankomen.

Fysieke- en mentale geseling, jarenlang, dat was de samenvatting. En dat dit het topje van de ijsberg was. En dat de beerput open moest.

Lees ook: ‘Ik werd over de grond gesleurd, aan mijn nek omhoog getild, tegen de muur gesmeten’

Na zijn bekentenis – op een stoel in een tuin met een schutting op de achtergrond, wat het allemaal alleen maar killer maakte – vertelde de oude turncoach dat hij wel weer verder kon met trainen: „Ik ben niet meer wie ik was, ik vind dat ik het kan, door ervaring en pedagogisch vermogen.”

Hij schaamde zich voor veel, maar kennelijk niet voor zijn naïviteit.

Een van de kapotgemaakte oud-turnsters zat zich op te vreten. Ze wilde sancties, de foute trainers op non-actief stellen, ze verbieden om ooit nog met kinderen te werken.

Wie wil nog vanaf de tribune naar de glimlach kijken van een turnster zonder zeker te weten of het meisje doordeweeks veilig heeft kunnen trainen? Worden de turnsters niet op veel te jonge leeftijd blootgesteld aan topsport terwijl lichaam en geest er nog niet rijp voor zijn? Moet er niet overal cameratoezicht zijn?

Dringend werk aan de winkel. De KNGU maakte bekend een onafhankelijk onderzoek te willen naar de misstanden in het turnen. Een onderzoek. Waarom niet meteen handelen: bestuurders kunnen de turnsters die hun mond open doen toch niet weer zo lang laten wachten?

De bond werkt sinds vorig jaar met ‘Het Pedagogisch ABC’. Het zal wel. Meteen doorstromen naar de Z, zou ik zeggen: de bezem door de sport en trainingsmethodes, het recht laten spreken en Inez Weski aan de slag voor de turnsters.

Wilfried de Jong is schrijver en programmamaker.