Opinie

Hoe handhaaf je die anderhalve meter?

Ben Tiggelaar

Het aantal coronabesmettingen loopt weer op. Belangrijke oorzaak: we vinden het lastig om ons langdurig aan de voorzorgsmaatregelen te houden. Wat nu? Wat voor support hebben we nodig? De populairste ingreep is ‘de oproep’. Bestuurders en artsen roepen op tot thuisblijven, handen wassen en afstand houden. Heel begrijpelijk, maar niet zo effectief. Een oproep richt zich vooral op twee psychologische fenomenen: aandacht en motivatie. We vragen mensen goed op te letten en dragen rationele en emotionele motieven aan. We zeggen: als je geen afstand houdt, gaat het mis. Of: doe het voor je oma.

Het probleem is dat aandacht en motivatie vluchtig zijn. Het is moeilijk om je aandacht lang op iets te richten, zeker op iets onzichtbaars als een virus. Als je niet meteen ziek wordt, vervliegt ook de motivatie al snel. Bovendien krijgen we tegenstrijdige signalen: de meeste mensen om ons heen houden zich ook niet aan die anderhalve meter.

Een andere populaire aanpak om burgers te beïnvloeden is het inzetten van vriendelijke nudges. Een klassiek voorbeeld is de pianotrap in het metrostation Odenplan in Stockholm. De grijze traptreden werden in 2009 vervangen door gigantische pianotoetsen die geluid maakten als je erop stapte. Bedoeld om mensen te verleiden tot traplopen in plaats van het nemen van de roltrap. Het YouTube-filmpje waarin forensen melodietjes speelden door van traptree naar traptree te springen, trok meer dan 23 miljoen kijkers. Maar volgens de Deense gedragsonderzoeker Christina Gravert, die bij verschillende van dit soort experimenten betrokken was, is het effect van zo’n nudge na een paar weken alweer verdwenen. De positieve emoties leiden in het begin tot mooie gedragseffecten. Maar na een tijdje treedt gewenning op of zelfs irritatie. Ook hiermee gaan we het coronatij niet keren.

Wat blijft er over? Onlangs schreef ik over de inzet van gedragstechnieken door defensie en over de vraag hoe ver je daarmee mag gaan. Een populair standpunt in deze discussie is dat ‘zachte’ nudges, die ons veel keuzevrijheid laten – zoals die pianotrap dus – oké zijn. Maar ‘harde’ nudges, waarbij we worden beïnvloed zonder dat we dit merken of waarbij geen keuzevrijheid is, vinden we niet zo leuk.

Het is moeilijk je aandacht lang te richten op iets, zeker op iets onzichtbaars als een virus

In de praktijk blijken echter juist die harde nudges effectief. Ook op de langere termijn. Een voorbeeld is de manier waarop ons verkeer wordt geregeld. Door een combinatie van regels, bewegwijzering en handhaving rijden we allemaal (meestal) rechts. Best handig. En je hoort er maar weinig mensen over klagen. Het grappige is: bij harde nudges werkt de vluchtigheid van aandacht en emotie juist in het voordeel van de gedragsveranderaar. In het begin ergeren we ons misschien, maar na een paar weken zijn we eraan gewend.

Thuisblijven, handen wassen en afstand houden zijn niet leuk om te doen. We hebben hulp nodig om dit vol te houden. Van stadsbesturen, ov-bedrijven, winkeliers en kantoorbeheerders. Oproepen en zachte nudges werken een beetje, maar ik vrees dat we niet zonder harde nudges kunnen. Zoals beperking van het aantal mensen dat tegelijk op een plek is, heldere bewegwijzering en voldoende menselijke ondersteuning, toezicht en handhaving. Niet fijn, wel nodig.

Ben Tiggelaar schrijft wekelijks over persoonlijk leiderschap, werk en management.