Fietsenbouwer Accell profiteert van forse ‘inhaalvraag’

Fietsenbouwer De vraag naar fietsen stortte eerst in, om in mei en juni ongekend op te veren. De verschillen binnen Europa waren wel groot.

Fietsenproducent Accell Group, met het hoofdkantoor in Heerenveen, de productie-afdeling, voor de merken Batavus en Sparta.
Fietsenproducent Accell Group, met het hoofdkantoor in Heerenveen, de productie-afdeling, voor de merken Batavus en Sparta. Foto Sake Elzinga

Het „bizarre” jaar van fietsenbouwer Accell, zoals bestuursvoorzitter Ton Anbeek het eerder deze maand typeerde, zet zich voort. Vrijdagochtend maakte het beursgenoteerde bedrijf, dat merken als Batavus en Sparta produceert, bekend dat de omzet over de eerste helft van 2020 is gegroeid: met 4 procent naar 677 miljoen euro. Dat is opmerkelijk, aangezien Accell in eerste instantie uitzonderlijk hard werd geraakt door de coronacrisis. In maart en april verkocht het bedrijf nauwelijks fietsen, en waren er forse problemen met de levering van onderdelen uit Azië.

Na die crisis volgde voor Accell (3.400 werknemers) in mei en juni een ongekende verlossing. Toen het dieptepunt van de Europese lockdowns – het continent waar het bedrijf het grootst is – gepasseerd was, bleek de fiets verrassend populair. Niet alleen bij consumenten die bijvoorbeeld nauwelijks nog konden sporten, ook bij beleidsmakers: diverse overheden kwamen met fiscaal gunstige regelingen om geld te besteden aan fietsen – zij wilden zo ‘groen herstel’ faciliteren.

Inhaalvraag groter en eerder

Dat merkte Accell in mei en juni. De totale verkopen van onderdelen en fietsen lagen in juni zelfs meer dan de helft hoger dan in diezelfde maand een jaar eerder. Het precieze aantal verkochte fietsen maakt Accell niet bekend, maar jaarlijks produceert het bedrijf er ongeveer een miljoen.

„We wisten allemaal dat als de lockdown afgelopen zou zijn, er een inhaalvraag zou komen”, zegt topman Anbeek telefonisch vanuit het hoofdkantoor in Heerenveen. Maar dat deze zó groot zou zijn zag hij niet aankomen. „En we wisten ook niet dat het al in juni zou gebeuren. We dachten toen: het kan ook augustus zijn.”

Opvallend is dat er veel regionale verschillen zijn bij de verkopen. In de Benelux en in het Verenigd Koninkrijk verkocht Accell, dat met name in Europa actief is, bijvoorbeeld ongeveer 6 procent méér fietsen dan vorig jaar, maar in Centraal-Europa – waaronder grootste afzetmarkt Duitsland – daalde de verkoop met 10 procent. „We zagen daar relatief grote effecten van de lockdown”, vertelt Anbeek. Bleven in Nederland en het VK winkels bijvoorbeeld open, in Duitsland was dat niet zo. „We hebben toen ook besloten om fietsen voor die markt met iets meer korting in andere regio’s te verkopen.”

De onderdelentak groeide het afgelopen half jaar met 27 procent

Uiteindelijk verkocht Accell in totaal zo’n 2,4 procent minder rijwielen dan in de eerste helft van 2019 – maar dat werd ruimschoots goedgemaakt door de onderdelentak. Die is goed voor bijna een kwart van het bedrijf, en groeide het afgelopen half jaar met 27 procent. Want ook als mensen geen nieuwe fiets nodig hadden tijdens de coronacrisis, gaven ze hun huidige tweewieler vaak wat extra liefde.

Meer kosten: verstoring in keten

Voor Accell is het allemaal een flinke opluchting. Eerder dit jaar moest het bedrijf nog nieuwe afspraken maken met banken om de bedrijfscontinuïteit te garanderen. Zonder vraag en zonder cruciale onderdelen als naven en frames ging de Batavus- en Sparta-fabriek in Heerenveen terug naar 30 procent van de capaciteit.

Lees ook dit verhaal over verstoorde toeleveringsketen van Accell: Dan halen we de frames maar met het vliegtuig uit China

De verstoringen in de keten hebben Accell wel op kosten gejaagd: sommige onderdelen zijn bijvoorbeeld met het vliegtuig uit Azië gehaald, wat al gauw vijf keer zo duur is. De winst ligt daarom nog wel zo’n twintig procent lager dan een jaar eerder, op 45 miljoen euro. Accell blijft mede vanwege die hogere kosten voorzichtig, aldus Anbeek. Bij een tweede golf kan Accell aanspraak maken op een tweede deel van een voor 80 procent door de overheid gegarandeerde lening: een extra 55 miljoen euro.

Correctie (24-07-2020): in een eerdere versie van dit stuk stond dat Accell aanspraak kan maken op een extra lening van 60 miljoen euro. Dit moet 55 miljoen euro zijn.