Analyse

Britten hebben vrienden nodig om de good guy te zijn

Geopolitiek Het Verenigd Koninkrijk wil na de Brexit graag een positieve rol spelen op het internationale toneel. Het merkt de afgelopen maanden, op ramkoers met China, dat daar wel enig gewicht voor nodig is.

Een groep demonstranten protesteert tegen maatregelen van premier Boris Johnson bij het Britse consulaat in Hongkong.
Een groep demonstranten protesteert tegen maatregelen van premier Boris Johnson bij het Britse consulaat in Hongkong. Foto Lam Yik / Reuters

Dominic Raab stond deze maand in het Lagerhuis te debatteren over zijn buitenlandbeleid zoals minister Dominic Raab altijd debatteert. Hij is niet de man van stemverheffingen of flauwe grappen zoals zijn baas Boris Johnson. Bij Raab, kind van een Joodse vader die in 1938 op het Kindertransport werd gezet van Tsjechoslowakije naar Engeland, is alles bloedserieus. En daarom meende Raab ieder woord toen hij schetste wat volgens hem de kern is van de rol die het Verenigd Koninkrijk dient te spelen op het wereldtoneel: „To be a force for good.

Dat is ambitieus. Maar wat het VK de komende jaren in het buitenland doet, is meer dan gewoon beleid. Het moet een rechtvaardiging zijn van het besluit uit de EU te stappen. Brexiteers als Raab zijn erop gebrand te laten zien dat verlost van de EU, het VK daadkrachtig waarden als tolerantie en openheid projecteert die Britten koesteren. Juist daarom zijn de ontwikkelingen van de afgelopen weken zo belangrijk.

Deze maand bood de Britse regering drie miljoen Hongkongers een route naar een Brits paspoort aan, weerde ze Huawei van het Britse 5G-netwerk en voerde de Magnitsky-wet in die het mogelijk maakt de bezittingen te bevriezen van buitenlanders die mensenrechten schenden. Op die sanctielijst zijn 25 Russen geplaatst betrokken bij de dood van Sergej Magnitsky, een Russische belastingadviseur, in een cel in Moskou.

De acties van de Britse regering zijn zeker niet gratuit. Als zelfs een bescheiden percentage van alle Hongkongers verhuist, zou dat een enorme verschuiving van het migratiebeleid zijn, politiek altijd gevoelig. Door Huawei te boycotten zal het twee tot drie jaar langer duren voor 5G landelijke dekking heeft. Daarmee breekt Boris Johnson een belangrijke verkiezingsbelofte: zo snel mogelijk het gehele land voorzien van de nieuwste communicatietechnologie. En door meer sancties op te leggen aan Russen, tast hij de aantrekkingskracht van Londen aan als veilige haven voor miljardairs met soms kwestieuze fondsen. Wat nog niet duidelijk is, is of de ingrepen van Johnson en Raab de Britse belangen op de lange termijn ten goede komen.

Een lakmoesproef voor Johnson

De eerste waarschuwingen klinken al. Op ramkoers liggen met China is niet in het Britse belang, waarschuwt de Confederation of British Industry, de belangrijkste werkgeversorganisatie. In een opiniestuk in de Financial Times zegt CBI-directeur Carolyn Fairbairn perplex te staan. Nú ruziemaken met China is schadelijk voor de Britse werkgelegenheid, aangezien er door het coronavirus al tienduizenden banen dreigen te verdwijnen, schrijft Fairbairn. „De juiste relatie met China is van levensbelang voor de Britse concurrentiepositie”, schrijft ze. „Dit is een lakmoesproef voor premier Boris Johnson en zijn ambitie voor een Global Britain.”

Volgens de cijfers heeft Fairbairn een punt. Twintig jaar geleden nam China de zesde plek in op de ranglijst van Britse exportlanden. Nu staat China op plek drie, na de EU en de VS. Aan Britse universiteiten studeren inmiddels 120.000 Chinese studenten die in totaal jaarlijks 1,7 miljard pond uitgeven. De miljoen Chinezen (toeristen, zakenlieden) die jaarlijks het VK bezoeken geven nog eens 1,9 miljard pond uit.

De schattingen lopen uiteen, maar er studeren ongeveer evenveel Chinezen aan Britse universiteiten als EU-burgers. Jaarlijks investeren Chinese bedrijven en staatsfondsen voor miljarden in de Britse economie.

Vanuit zijn werkkamer in Oxford beaamt Chris Patten tijdens een videogesprek dat de economische banden belangrijk zijn. De laatste Britse gouverneur van Hongkong, tevens Lord in het Hogerhuis, vindt echter niet dat dat betekent dat Johnson mild moet zijn.

„Dat er gedoe is, is niet onze schuld. Net zo min dat het de schuld is van India, Australië, Japan en Zuid-Korea dat ze problemen hebben met Xi Jinping. Dat er spanningen zijn, komt doordat China zich misdraagt, in het Himalayagebergte, op de Chinese Zuidzee en elders”, zegt Patten, gezeten voor een imposante boekenkast.

Patten is opgetogen over de maatregelen van Johnson en Raab, maar hij denkt dat de Britse regering uiteindelijk als EU-lid sterker had gestaan. „We moeten naar een situatie waarin we niet louter onderhandelen op China’s voorwaarden. We moeten niet denken dat wij zwak staan omdat China een economisch groeiwonder is.”

De collectieve macht van de Europese interne markt is groter dan de macht van slechts het VK, betoogt Patten. En als de Britten in Brussel aan tafel hadden gezeten, was dat een extra stem om streng te zijn voor China, zegt hij.

Patten legt uit hoe het door de Brexit moeilijk voor de EU is om met een ferm China-beleid te komen. EU-leden die dat willen, worden tegengewerkt door collega-lidstaten die in de zak van de Chinese staat zitten, aldus de Conservatieve politicus.

„Zij zijn in de val getrapt van grote schulden met Chinese bedrijven en staatsfondsen aangaan en hechten minder waarde aan democratie en rechtsstaat. Ik had graag gehad dat de Britse premier in Brussel de afgelopen week zij aan zij had gestaan met premier Rutte tegen premier Orbán.”

Nu is het voor EU-leiders makkelijker om de verdeeldheid en dus een gebrek aan actie te aanvaarden, zegt Patten. „Bondskanselier Merkel weet uit eigen ervaring wat het verschil is tussen politiestaat en vrijheid. Zij weet dus wat er op het spel staat in Hongkong. Maar zij luistert naar het bedrijfsleven dat waarschuwt dat Volkswagen geen auto’s en Siemens geen elektriciteitscentrales meer verkoopt in China als Duitsland te kritisch is.”

‘Juist bevrijdend effect’

Niet meer aan de Europese tafel zitten, had juist een bevrijdend effect op het handelen van de Britse regering, constateert Bill Browder. De Amerikaans-Britse investeerder was de opdrachtgever van Sergej Magnitsky. Sinds diens dood strijdt Browder wereldwijd voor sanctiewetten. In 2012 voerden de VS al een Magnitsky-wet in en de EU loopt hopeloos achter, zegt hij. „Formeel mogen individuele lidstaten hun eigen sanctieregime instellen, maar de meeste zeggen dat ze het liever op EU-niveau doen. Daar loopt het al jaren vast omdat er unanimiteit vereist is en Hongarije, als Paard van Troje van Vladimir Poetin, traineert de zaak”, zegt Browder, eveneens tijdens een videogesprek.

Hij zit in zijn werkkamer met op de achtergrond een stemmige zwart-witfoto. „Het is geen toeval dat het Britse parlement al in 2018 de sanctiewet goedkeurde, maar dat de regering die pas deze maand, na de Brexit, uitvoerde.” Zijn conclusie: samen optrekken werkt alleen bij gelijke belangen.

De overeenkomst tussen China en Rusland is dat het twee landen zijn geleid door assertieve regimes die zijn gekant tegen liberale democratieën. Maar de verschillen zijn ook aanzienlijk. Waar China een economische grootmacht is, is Ruslands economische invloed beperkt. Die werkt in de Britse politiek en maatschappij door via extreem zichtbare bezittingen (zoals voetbalclub Chelsea in handen van Roman Abramovitsj) en netwerken (oligarchen die donoren zijn van politieke partijen).

Dat zijn zaken waar een nationale regering wellicht makkelijker antwoord op kan bieden, door overnameregels voor voetbalclubs eventueel aan te passen, het moeilijker te maken voor rijke Russen om visa te bemachtigen, hogere eisen te stellen aan controles op de herkomst van geld en partijdonaties aan banden te leggen.

Toch gelooft Patten dat Johnson en zijn ministers moeten nadenken hoe ze effectieve diplomatie bedrijven. „Hoe liberale democratieën omgaan met illiberale regimes is de grote intellectuele vraag van de 21ste eeuw”, zegt hij.

Brexiteers wijzen op de machtspositie die het VK nog altijd heeft in de naoorlogse wereldorde. De Britten zijn een kernmacht en een van de vijf permanente leden van de VN-Veiligheidsraad. Patten: „Dat is mooi, maar van beperkte waarde, aangezien China en Rusland een veto hebben.”

The Economist, vanouds voorvechter van vrijhandel, pleit voor een nieuwe mondiale handelsstructuur om de verhoudingen tussen China en het Westen in goede banen te leiden.

„Open samenlevingen staan sterker als ze gelijk optrekken”, concludeert het blad. Zonder overkoepelende regels zitten kleinere landen als het VK de komende jaren steevast klem. Bijvoorbeeld: Huawei tolereren is meewerken aan de Chinese politiestaat, Huawei blokkeren is buigen voor oneigenlijke Amerikaanse druk.

Browder komt tot een gelijkluidende conclusie waar het om Rusland gaat. „Poetin wil chaos zaaien en unies opbreken. Of dat nou de Europese Unie, de NAVO, Spanje of de Unie tussen Engeland, Schotland, Wales en Noord-Ierland is. In theorie zou het dus verstandig zijn voor al die unies om samen op te trekken.”

Dat is waar de Brexit-logica van Johnson en Raab in het gedrang komt. Brexiteers zoeken al jaren steun bij Trump. Een handelsakkoord met de VS moet een deel van de economische schade van uittreden compenseren. Maar zonder steun en deelname van de VS is uitzicht op een coalitie van democratieën of een nieuw mondiaal handelspact verwaarloosbaar.

De huidige Amerikaanse regering torpedeert zelfs internationale organen als de Wereldhandelsorganisatie die sinds uittreden voor Brexit Britain van levensgroot belang zijn.

Mocht Trump in november de verkiezingen verliezen, dan hoeft Joe Biden niet veel aandacht te hebben voor het Britse belang. Obama verkoos immers Merkel als belangrijkste Europese gesprekspartner. Als Raab werkelijk wil dat het VK de komende decennia a force for good is, moet de minister snel op zoek naar bondgenoten.