Opinie

Homo’s en de Here

Danielle Pinedo

‘Demonstratie tegen Nashville-dominee Visser’, meldde persbureau ANP deze week. Het is alweer even geleden dat het ‘homohaatmanifest’ in het nieuws was, dus ben ik benieuwd wie de man is die zondag voor de Grote Kerk in Gorinchem op fel protest kan rekenen, omdat zijn preken zouden leiden tot ‘ontwrichting in families, uitsluiting en suïcidale gedachten bij jonge mensen’.

Marten Visser – een kalme veertiger met baard en bril – vertelt dat hij vijftien jaar als ‘kerkplanter’ in Thailand werkte voor hij in 2015 vanuit Wezep het evangelie via internet begon te verkondigen. Toen ze hem vroegen de Nederlandse vertaling van de Nashville-verklaring te ondertekenen, twijfelde hij niet. „Ik wilde mijn visie op het christelijke huwelijk geven”, zegt hij. „En die sluit een – in Gods ogen – foute verbintenis tussen twee mensen van gelijk geslacht uit.”

Visser geeft toe dat hij over één zin in het manifest „struikelde”: ‘Wij ontkennen dat het in overeenstemming met deze heilige bedoelingen is wanneer mensen zichzelf bewust willen zien en positioneren als personen met een homoseksuele of transgenderidentiteit.’

Met die zin wordt bedoeld, zegt hij, dat de identiteit van christenen niet in hun seksualiteit besloten ligt, maar in hun relatie met de Here God. „Al is het logischer om hem te lezen als: je mag geen homoseksuele gevoelens hebben of uiten. Daarom vind ik de formulering ongelukkig. Die zin ga ik niet verdedigen.”

Waarom hij het manifest dan toch heeft ondertekend, vraag ik, ondanks zijn gestruikel. „Omdat de hoofdboodschap is dat seksuele relaties thuishoren in een huwelijk tussen man en vrouw. Een boodschap die in de kerk onder druk staat. Als er dan één zinnetje in zo’n manifest staat waarover je struikelt, wat voor meerdere uitleg vatbaar is...”

Maar met dat zinnetje wordt wel een hele bevolkingsgroep uitgesloten, zeg ik. Dáár zet hij ook zijn handtekening onder. En dat staat weer haaks op die andere boodschap van de kerk: heb uw naaste lief.

„Zeker”, zegt Visser, „maar toch trek ik mijn handtekening niet terug. Dan lijkt het of ik – onder druk van demonstranten en journalisten – mijn keutel intrek. Bovendien laat ik mensen in de steek. Maar als u mij vraagt of ik weer mijn handtekening zou zetten, zeg ik: nee.”

Heeft het met zelfbehoud van een gedecimeerde groep kerkgangers te maken, vraag ik. Gaan jullie er daarom met gestrekt been in?

Hij zwijgt even, weifelt. „Er staan goede dingen in het manifest, maar we kunnen het beter herzien.”

Op dat ene punt?

„Op dat ene punt.”

Danielle Pinedo schrijft tijdens de zomer enkele columns op deze plek.