Reportage

Hoe Chinese vissers de Noord-Koreaanse wateren leegvissen

Illegale visserij In Japan spoelen jaarlijks tientallen vergane Noord-Koreaanse vissersbootjes aan, vaak met de dode bemanning aan boord. Veel grotere Chinese boten blijken illegaal en op grote schaal de Noord-Koreaanse wateren leeg te vissen.

Maandenlang drijven ze op de Japanse Zee: gehavende houten ‘spookboten’ met als enige lading verhongerde Noord-Koreaanse vissers van wie alleen het skelet over is. Vorig jaar zijn in Japan meer dan 165 van deze lugubere schepen aangespoeld, ruim het dubbele van het jaar ervoor.

Jarenlang stelde het gruwelijke verschijnsel de Japanse politie voor een raadsel. Vermoed werd dat de inktvis waarop ze vissen verder van de Noord-Koreaanse kust werd gedreven, mogelijk door de klimaatverandering. Wanhopige vissers zouden zich daarom gevaarlijk ver de zee op hebben gewaagd en door ontbering zijn omgekomen.

Maar op grond van nieuwe satellietgegevens hebben onderzoekers een waarschijnlijker verklaring gevonden dan klimaatverandering: China stuurt een tot dusver onopgemerkte vloot van grote boten naar de Noord-Koreaanse wateren om daar illegaal en op industriële schaal te vissen. De kleinere Noord-Koreaanse boten worden met geweld verdreven en het eens zo overvloedige inktvisbestand is met meer dan 70 procent gedaald.

Dit concludeert een internationaal team van universitaire onderzoekers, het Outlaw Ocean Project en Global Fishing Watch, een non-profitorganisatie gespecialiseerd in opsporing van illegale activiteiten op volle zee met behulp van satelliettechnologie en kunstmatige intelligentie.

De Chinese schepen – bijna achthonderd in 2019 – lijken de VN-sancties te schenden die buitenlandse visserij in de Noord-Koreaanse wateren verbieden. Deze sancties werden in 2017 opgelegd als reactie op de atoomproeven van Noord-Korea en moesten voorkomen dat het land door verkoop van visserijrechten de hand zou leggen op waardevolle vreemde valuta. „Dit is voor zover wij weten het omvangrijkste geval van illegale visserij door een industriële vloot van een land in de wateren van een ander land”, zegt Jaeyoon Park, een datawetenschapper van Global Fishing Watch.

China is lid van de VN-Veiligheidsraad, die unaniem de jongste sancties tegen Noord-Korea heeft ondertekend. In een reactie zegt het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken: „China heeft de resoluties van de Veiligheidsraad inzake Noord-Korea consequent en gewetensvol opgevolgd.” Het ministerie voegt hier nog aan toe dat China illegale visserij „consequent heeft bestraft”.

In maart hebben twee landen zich in een rapport voor de Verenigde Naties anoniem beklaagd over de Chinese schendingen van de sancties en bewijsmateriaal verstrekt, waaronder satellietbeelden van Chinese schepen die in de Noord-Koreaanse wateren visten en verklaringen van Chinese vissers. Zij zeiden dat ze hun regering hadden ingelicht over hun plannen in de Noord-Koreaanse wateren te gaan vissen.

Foto South Korean Fisheries Agency

Weduwendorpen

De visgronden in de Japanse Zee, in Noord- en Zuid-Korea bekend als de Oost Zee, liggen tussen Korea, Japan en Rusland. Het gaat om enkele van de meest betwiste en slechtst bewaakte wateren ter wereld. Tot nu toe bleef de enorme aanwezigheid van Chinese boten in dit gebied grotendeels verborgen, omdat de kapiteins doorgaans hun transponder uitzetten zodat ze onzichtbaar worden voor de autoriteiten aan wal, iets wat meestal illegaal is.

Maar deze schepen waren wel te volgen voor Global Fishing Watch en zijn medeonderzoekers, met behulp van verschillende soorten satelliettechnologie. Een daarvan neemt bijvoorbeeld in het donker felle lichten waar. Veel inktvisboten gebruiken uiterst sterke lampen om hun prooi dichter naar de waterspiegel te trekken, waardoor de inktvis gemakkelijker te vangen is. Ook gebruiken de Chinezen ‘dubbel-trawlers’, twee boten met een net ertussen die zij-aan-zij de zee uitkammen. Deze zijn makkelijker per satelliet te volgen omdat ze samen varen.

De afgelopen jaren zijn zoveel Noord-Koreanen op zee verdwenen dat sommige Noord-Koreaanse havenplaatsen, waaronder Chongjin aan de oostkust, nu ‘weduwendorpen’ worden genoemd. Vorig jaar zijn op de Japanse stranden volgens de Japanse kustwacht meer dan vijftig lijken van Noord-Koreanen aangespoeld.

Door de toename van het aantal aangespoelde boten zijn historische spanningen tussen Japan en Noord-Korea weer opgelaaid. In Japan wordt hier en daar al gespeculeerd dat de spookboten spionnen, dieven of mogelijk zelfs bewapende dragers van besmettelijke ziekten aanvoeren.

„Als een Koreaans schip was verdwaald, zou het al een wrak zijn als het bij ons op het strand liep”, zegt Kazuhiro Araki, directeur van de organisatie die de geschiedenis bestudeert van de honderden Japanse burgers die naar verluidt in de jaren zeventig en tachtig door Noord-Korea zijn ontvoerd. „Maar sommige schepen spoelen intact op onze kust aan, zonder bemanning aan boord. Het is mogelijk dat het gaat om spionnen die aan land hebben weten te komen.”

Een waarschijnlijker verklaring is dat deze Noord-Koreanen gewoon slecht uitgeruste vissers zijn die zich in hun wanhoop te ver uit de kust wagen, zegt Jungsam Lee, verbonden aan het Koreaanse Maritieme Instituut en een van de schrijvers van het nieuwe onderzoek voor Global Fishing Watch. Wanneer ze zijn gegetroffen door tyfoons of door motorpech geen kant meer op kunnen, worden ze meegevoerd door de Tsushima-stroom, die noordoostwaarts langs de westkust van Japan stroomt, zegt hij.

De houten platbodems, bedekt met schelpen en algen, zijn vijf tot zeven meter lang en hebben meestal vijf tot tien man aan boord. Volgens onderzoeksrapporten van de Japanse kustwacht hebben ze geen toilet of bedden, alleen wat kannen schoon water, visnetten en tuig. Ze voeren een gerafelde Noord-Koreaanse vlag en op de romp staan vaak getallen geverfd, of aanduidingen in Koreaans schrift zoals ‘Ministerie van Veiligheid’ en ‘Koreaans Volksleger’.

Door de politieke spanningen tussen de landen en het gebrek aan transparantie in ‘kluizenaarsstaat’ Noord-Korea is een officiële verklaring voor de aangespoelde boten moeilijk te krijgen.

Foto South Korean Fisheries Agency
Foto South Korean Fisheries Agency
Foto South Korean Fisheries Agency
Foto’s South Korean Fisheries Agency

‘Vis is als kogels en granaten’

In 2004 ondertekende China een miljoenenakkoord met Noord-Korea over een visvergunning. Die leidde tot een drastische toename van het aantal Chinese boten in de Noord-Koreaanse wateren.

De internationale sancties tegen Noord-Korea werden in 2017 opgelegd als reactie op de lancering van intercontinentale ballistische raketten en de atoomproeven. China, sinds jaar en dag beschermheer van Noord-Korea, ondertekende de sancties onder druk van de Verenigde Staten. In augustus 2017 herhaalde de Chinese minister van Handel publiekelijk de toezegging van zijn regering om deze nieuwe regels na te leven.

Vis is nog altijd het zesde exportproduct van Noord-Korea en dictator Kim Jong-un heeft de laatste tijd in toespraken de staatsvisserijsector opgeroepen de vangsten op te voeren. „Vis is als kogels en granaten”, schreef de Rodong Sinmun, de officiële krant van de regerende Arbeiderspartij van Korea, in 2017 in een hoofdartikel. „Vissersboten zijn als oorlogsschepen en beschermen volk en vaderland.”

Na de instelling van de VN-sancties heeft de Noord-Koreaanse regering geprobeerd de visserijsector te versterken door soldaten in te zetten als vissers. Deze slecht getrainde zeelui werden naar wateren gestuurd die bekend staan om hun woeligheid. Ook hebben de sancties het benzinetekort in Noord-Korea verergerd. Volgens Japanse onderzoekers had een aantal van de Koreaanse vissersboten dat op de Japanse kust strandde een motorstoring of gewoon geen brandstof meer.

Volgens de Japanse politie zeggen overlevenden zelden meer dan dat ze op zee pech kregen en terug willen naar Noord-Korea

Sinds 2013 zijn ten minste vijftig overlevenden van de haveloze boten gered, maar in verhoren door de Japanse politie zeggen de mannen zelden meer dan dat ze op zee pech kregen en willen worden teruggestuurd naar Noord-Korea. Autopsies op de aan boord van deze boten gevonden lijken wijzen meestal uit dat de mannen zijn verhongerd of aan onderkoeling of uitdroging zijn overleden.

In 2013 werden Noord-Koreaanse vissers nog beperkt door het vermogen van hun 12-pk-motoren en kwamen ze meestal niet verder dan enkele tientallen kilometers uit de kust, zegt een voormalige Noord-Koreaanse visser die in 2016 naar Zuid-Korea is uitgeweken en nu in Seoul woont. „De druk van de regering is nu hoger en er zijn motoren van 38 pk”, zegt de overloper, die uit angst voor repercussies voor zijn familie anoniem wil blijven. „Mensen zijn wanhopiger en kunnen nu verder uit de kust.”

Maar volgens mariene onderzoekers is die druk van de Noord-Koreaanse regering niet de enige factor. „Vermoedelijk verdringt de concurrentie van de Chinese trawlers de Noord-Koreaanse vissers en worden ze daardoor naar de aangrenzende Russische wateren gedreven”, zegt Jungsam Lee, wiens instituut in 2018 ook ontdekte dat honderden Noord-Koreaanse schepen op hun beurt illegaal in de Russische wateren visten.

In 2017 meldde ook de Japanse kustwacht dat ze meer dan tweeduizend Noord-Koreaanse vissersboten illegaal in de Japanse wateren had zien vissen. In meer dan driehonderd gevallen gebruikte de kustwacht waterkanonnen om deze boten uit het gebied te verdrijven.

Foto South Korean Fisheries Agency

Op zoek naar nieuwe visgronden

Over de hele wereld verdwijnen in een onhoudbaar tempo vissoorten en zeedieren als gevolg van klimaatverandering, overbevissing en illegale visserij door industriële vloten. Naarmate de visstand krimpt, groeit de concurrentie en komen op zee vaker botsingen tussen visserslanden voor. Landen als Japan en Zuid-Korea, waar veel vis wordt gegeten, worden verdrongen door de groeiende vloten uit Taiwan, Vietnam en vooral China.

Met een bevolking van meer dan 1,38 miljard is China de grootste visconsument ter wereld. Door overbevissing en industrialisering is de visstand dichtbij de Chinese kust veelal ingestort. Daarom bevaren de Chinese vissers, zwaar gesubsidieerd door hun regering, de wereldzeeën op zoek naar nieuwe visgronden. De afgelopen vijf jaar is de Chinese vangst wereldwijd met meer dan 20 procent gegroeid.

Van de inktvis die de afgelopen jaren op volle zee werd gevangen, namen volgens een schatting van de Chinese overheid de vissersvloten uit China 50 tot 70 procent voor hun rekening. Volgens een analyse van het C4ADS, een marien onderzoeksbureau, vissen deze boten vaak illegaal in de nationale wateren van andere landen.

De landen rond de Japanse Zee – Rusland, Japan en de twee Korea’s – betwisten elkaars stukken water en erkennen elkaars zeegrenzen niet. De illegale visserij door de Chinezen in het gebied heeft de spanningen alleen nog maar vergroot.

 

Chinese vissersboten zijn vaak bewapend en het komt voor dat concurrenten of buitenlandse patrouillevaartuigen worden geramd. De Chinese media schilderen de maritieme botsingen met Aziatische buurlanden vaak af als voortzetting van China’s Drie Koninkrijken. Die besloegen 1.800 jaar geleden een groot deel van China, Vietnam en Korea en voerden een felle drievoudige strijd om de hegemonie.

In 2016 liep de spanningen tussen Seoul en Peking op nadat een Chinees schip dat illegaal in de Zuid-Koreaanse wateren viste, een kotter van de Zuid-Koreaanse kustwacht tot zinken had gebracht. De kotter probeerde in de Zuid-Koreaanse wateren een Chinese vissersboot aan te houden die naar verluidt op illegale visserij was betrapt, toen een ander Chinees schip zich van achter in de marinekotter boorde.

Verslaggevers die op zee onderzoek deden voor dit artikel, filmden tien van zulke illegale Chinese vissersboten die door de Noord-Koreaanse wateren voeren. Maar het rapportageteam moest zijn koers verleggen toen een van de Chinese visserskapiteins plotseling uitweek en de boot van het team en tot op minder dan tien meter naderde, mogelijk met de bedoeling de boot te verjagen. De Chinese inktvisschepen werden ’s nachts op zo’n 150 kilometer uit de kust gezien, voeren met hun transponders uit en reageerden niet op radio-oproepen.

Japanse vliegende vis

Eén vissoort, de Japanse vliegende inktvis, paait elk jaar in de buurt van de zuidoostelijke havenstad Busan of bij het zuidelijkste Zuid-Koreaanse eiland Jeju. In het voorjaar zwemmen ze naar het noorden, om dan tussen juli en september weer terug te keren naar hun geboorteplaats in het zuiden.

In 2017 en 2018 vingen de illegale Chinese boten, meestal tienmaal zo groot als de Noord-Koreaanse, evenveel van deze inktvis als Japan en Zuid-Korea samen – naar schatting 160.000 ton, ter waarde van ruim 380 miljoen euro per jaar.

Mariene onderzoekers zijn bang voor totale ineenstorting van deze inktviskolonie, die in de Zuid-Koreaanse en Japanse wateren sinds 2003 met respectievelijk 63 en 78 procent is gekrompen. Volgens de wetenschapper Park van Global Fishing Watch is de Chinese vloot hoofdschuldige van deze enorme daling, omdat de grote vissersboten in de wateren van Noord-Korea de inktvis vangen voordat deze groot genoeg is om zich voort te planten.

Omdat de Chinese autoriteiten hun visvergunningen niet openbaar maken, is het volgens Global Fishing Watch niet mogelijk om na te gaan of alle schepen die de Noord-Koreaanse wateren binnenvaren toestemming van de Chinese regering hebben. Maar de organisatie bevestigde via verschillende andere bronnen dat het ging om schepen van Chinese origine. De ruim twintig vissersschepen waarvan het rapportageteam waarnam dat ze op weg waren naar de Noord-Koreaanse wateren, voerden allemaal de Chinese vlag.

Geen inktvis meer op lokaal menu

„Als ze komen, nemen ze alles over”, zegt Kim Byong Su, burgemeester van het eiland Ulleung-do in de Japanse Zee, gelegen op zo’n 120 kilometer ten oosten van het Koreaanse schiereiland. Ulleung-do is een stipje land dat bij Zuid-Korea hoort en de dichtstbijzijnde haven voor de Noord-Koreaanse visgronden.

Volgens Kim zijn de twee voornaamste inkomstenbronnen van het eiland, het toerisme en de visserij, door de Chinese inktvisboten gedecimeerd. Op de markt van Jeodong hangen bij de pier rijen inktvissen als wasgoed over de lijn in de zon te drogen tot een soort stokvis. De inktvisverkopers schatten dat de kosten per pond inktvis zowat driemaal zo hoog zijn als nog geen vijf jaar geleden.

Op het Zuid-Koreaanse eilandje hangen op de markt bij de pier rijen inktvissen als wasgoed over de lijn in de zon te drogen

De meeste mannen op het eiland van boven de veertig zijn inktvisvissers, maar door de daling van de inktvisstand is volgens de burgemeester een derde van hen nu werkloos. De gemeenschap, wier identiteit al eeuwenlang door de visserij op inktvis wordt bepaald, is geschokt dat een dier dat zo centraal stond in de lokale cultuur goeddeels kon verdwijnen.

Van oudsher serveerden de meeste restaurants op Ulleung-do als gratis voorafje gebakken, gedroogde of rauwe inktvis, maar op veel menu’s zijn deze gerechten nu afwezig. De plaatselijke vijandigheid tegen de Chinese vloot is des te groter, zegt de burgemeester, omdat een paar keer per jaar bij stormen een armada van ruim tweehonderd Chinese inktvisboten tegelijk uit zelfbehoud de haven van Ulleung-do binnenloopt. Volgens de burgemeester is hij niet bij machte ze weg te sturen.

Ze lozen stookolie, gooien afval overboord, laten de hele nacht luidruchtige en rokende generatoren draaien en vernielen als ze bij vertrek hun ankers ophalen de zoetwaterleiding van het eiland, zegt hij. „De buitenwereld moet weten wat hier gebeurt.”


Ian Urbina schrijft onder meer voor The New York Times, waar hij zeventien jaar werkte als onderzoeksjournalist, en richtte de journalistieke non-profitorganisatie The Outlaw Ocean Project op.