Opinie

Ferm antwoord op coronarecessie in onvolmaakt akkoord

Europese top

Commentaar

De EU kán handelen, was dinsdagochtend het signaal uit Brussel. Europese leiders bereikten een akkoord over een uitzonderlijk coronaherstelfonds om lidstaten te steunen die zelf niet over voldoende economische veerkracht beschikken. En het gaat niet om zomaar een ‘Europees potje’, maar om een fonds van 750 miljard euro. Daarnaast is het vertrouwenwekkend dat er ook een afspraak is over de meerjarenbegroting.

De uitruil van belangen was niet eenvoudig. De top werd een van de langste in de EU-vergadergeschiedenis. Alleen de top in Nice in 2000, waar over uitbreiding werd gesproken, duurde ongeveer even lang. De sfeer was bij vlagen om te snijden, het overleg kende botsingen en theatrale momenten. President Macron sloeg ’s nachts met een vuist op tafel, premier Orbán vroeg zich af waarom premier Rutte hem haat. Theater hoort erbij en irritaties zijn onvermijdelijk – maar uiteindelijk weet iedereen: we moeten samen verder.

De top was ook uitzonderlijk omdat er een bijzondere stap in de Europese samenwerking werd gezet. De Europese Commissie zal het geld om het fonds te vullen lenen op de kapitaalmarkt. Dat gebeurde eerder, maar niet op deze schaal. Het herstelfonds zet dus een stap in de richting van federale schulden. De EU krijgt ook, een heel klein beetje, eigen belastinginkomsten. Bijzonder is ook dat van de 750 miljard 390 miljard uitgekeerd kan worden in de vorm van subsidies. Het fonds wordt beheerd door de Commissie en landen krijgen alleen geld als ze hervormingen doorvoeren die de Commissie heeft voorgesteld. De rol van de Commissie neemt dus toe.

Landen die aanspraak maken op het fonds nemen een grote verantwoordelijkheid op zich. De Europese subsidies moeten worden besteed aan hervormingen. Nederland is er niet gerust op dat landen die al decennia niet hervormen dat nu opeens wel doen en heeft bedongen dat de uitkering van subsidies op verzoek van een lidstaat opgeschort kan worden. Dat betekent dat landen die veel geld ontvangen goed in de gaten worden gehouden. Controle over-en-weer ligt gevoelig en kan ook zomaar misbruikt worden. Maar de Nederlandse scepsis is gezien de hervormingslust van een land als Italië begrijpelijk.

De subsidies komen er ondanks langdurig verzet van welvarendere noordelijke landen (Nederland, Oostenrijk, Denemarken, Zweden, op sommige punten gesteund door Finland). Sommige ‘frugals’ werden gepaaid met een verhoging van de korting op hun jaarlijkse afdracht aan de begroting. Om tot een akkoord te komen ging er ook minder geld naar wetenschap, gezondheidszorg en buitenlands beleid dan de bedoeling was. Het is teleurstellend dat gekort werd op begrotingsposten waarmee de toekomst van Europa vorm gegeven moet worden. Op het laatste moment werden, ook teleurstellend, passages over respect voor de rechtsstaat afgezwakt –om Hongarije binnenboord te houden.

Het akkoord is een compromis – hoe kan het ook anders nadat 27 landen 90 uur hebben onderhandeld over geld. En het heeft lelijke kantjes. Maar voorop staat dat de 27 EU-lidstaten nu samen een ferm antwoord geven op de coronarecessie, waar de EU in de beginfase van de pandemie geen glansrol vervulde. De interne markt krijgt een impuls en dat is gunstig voor de welvaart in álle lidstaten. Een besluitvaardig, welvarend Europa biedt bovendien meer opties in een geopolitiek klimaat dat wordt gekenmerkt door conflicten tussen grootmachten.