Opinie

Een echte verkenning vergt een lange adem

Clarice Gargard

Door de huidige Black Lives Matter-beweging is er een opleving van protesten, bijeenkomsten en programma’s, in de media en op straat: overal worden gesprekken en discussies gevoerd over racisme in Nederland. We zitten middenin de coronacrisis (waarbij er ook nog eens een tweede golf dreigt aan te komen) en we maken tegelijkertijd een antiracismerevolutie mee. Alleen al bestaan in deze chaotische tijd is vermoeiend. Maar voor veel mensen van kleur is het leven dat altijd al geweest.

Martin Luther King schreef eens, in zijn toespraak ‘The Other America’, over raciale en economische ongelijkheid, dat mensen van kleur en witte (vermogende) mensen in hetzelfde land maar toch verschillende werelden kunnen leven. „Het andere Amerika heeft een alledaagse lelijkheid die de sprankeling van hoop in de vermoeidheid van wanhoop verandert. In dat andere Amerika zien miljoenen zichzelf gedwongen te leven in ontoereikende, ondermaatse en vaak vervallen woonomstandigheden”, aldus ‘MLK’.

Hier is de verkenning naar dat Andere Nederland begonnen, en we kunnen niet meer terug. Het is een verkenning naar een Nederland dat eerder in mist was gehuld, maar waarvan de nevel de afgelopen maanden door alle demonstraties en debatten is gaan opklaren.

En nu wordt niet alleen de bekende discriminatie op de arbeidsmarkt en werkvloer, etnisch profileren en racistische pesterijen zichtbaarder, maar ook de woede, pijn, het verdriet, de veerkracht en de mensen van vlees en bloed die daarachter zitten.

De kloof tussen de verschillende werelden is soms zo groot dat geen enkele brug de afstand lijkt te kunnen dichten. Sommige witte mensen vinden het moeilijk hun privilege te onderkennen, hoewel het enkel betekent dat het leven wel zwaar kan zijn maar dat iets willekeurigs als je huidskleur daar niet de oorzaak voor is.

En daarom praten veel Nederlanders van kleur – soms tot verontwaardiging van witte Nederlanders – liever niet meer met hen over racisme. Het is uitputtend om steeds te moeten overtuigen dat racisme bestaat, terwijl je het ondergaat, in plaats van het te hebben over hoe we ervan af kunnen komen.

Toch zijn die gesprekken, is die verkenning, nodig om de afstanden in de samenleving te verkleinen. Misschien begint het bij het creëren van een ruimte om bovenstaande gesprekken goed te voeren, ook al zijn er dingen die niet iedereen zal begrijpen.

Terwijl we een nieuw tijdperk tegemoet gaan, denk ik aan wat we allemaal nog meer voor de kiezen krijgen. De aarde stort nog steeds in onder het gewicht van onze consumptie en de kloof tussen arm en rijk wordt in deze coronarecessie alleen maar groter. Ook dat versterkt de raciale ongelijkheid, en vergroot de noodzaak van een verkenning.

We leven nu eenmaal op verschillende vlakken in andere werelden. „We zien de dingen niet zoals ze zijn, we zien ze zoals wij zijn”, citeer ik de Franse essayist Anaïs Nin (1903-1977) weleens vaker. Maar door de wegtrekkende nevel komen die werelden steeds dichter bij elkaar.

Dat zorgt vooralsnog voor groot ongemak, zoals de felle debatten met heftige emoties van de afgelopen weken laten zien. Terwijl we eigenlijk alleen nog maar het oppervlak raken van hoe raciale ongelijkheid de samenleving verdeelt. Aan de oplossingen zijn we nog niet eens toegekomen.

De verkenning naar het Andere Nederland vereist dan ook een lange adem, om te begrijpen hoe zijn inwoners vanwege hun kleur, religie en afkomst achtergesteld worden. En ook om de mens erachter – die meer is dan die kenmerken – te zien. En om die mens te kunnen zijn.

Clarice Gargard is programmamaker en freelance journalist.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.