Brieven

Brieven 22/7/2020

Het vrije woord (2)

De wet beschermt te laat

In het betoog van historicus René Koekkoek (Afrekencultuur gaat over veranderende mores, 20/7) zit een vreemde kromming. De open brief ter verdediging van het vrije woord zou aan de verkeerde zijn geadresseerd. Want een recht op ‘vrije meningsuiting’, zo legt hij uit, bestaat alleen in de relatie overheid-burger. Los van het feit dat juridische begrippen als ‘belediging’, ‘smaad’ en ‘discriminatie’ erop duiden dat dat recht niet uitsluitend iets is tussen burger en overheid, maar ook tussen burgers, vind ik het naïef om te zeggen dat er pas een probleem is als de staat de vrije meningsuiting hindert. De staat beroept zich bij wetgeving regelmatig op maatschappelijke ontwikkelingen. Denk bijvoorbeeld aan hoe men denkt over seksualiteit, euthanasie en drugsgebruik. Wie bij ‘sociale terreur’ wacht op verankering in de wet, is te laat om het debat te voeren.

Racisme

Mohammed en Marie

In Ongelijke kansen? Dat is niet altijd racisme (18/7) stelt socioloog Herman Vuijsje dat ongelijke kansen op de arbeidsmarkt niet komen door racisme, maar door het verondersteld tekortschieten van het human capital van sollicitanten met een migratieachtergrond. Hij vervolgt zijn betoog met allerlei oplossingen zonder zich te realiseren dat juist deze veronderstellingen zo discriminerend zijn. Werkgevers hebben liever Mark dan Mohammed of Marie omdat ze veronderstellen dat Mark een gezellige vent is met wie je na het werk een biertje kan gaan drinken in de kroeg, terwijl Mohammed natuurlijk moslim is en niet drinkt en Marie naar huis naar de kinderen moet. Vuijsje zegt dat je dit effect kunt tegengaan. Wanneer Mohammed op zijn cv aangeeft dat hij extra opleidingen heeft gevolgd en meer werkervaring heeft, dan vallen de ongelijke kansen wel mee. Hoezo spreekt hij hier nog van ‘gelijke kansen’? Wanneer er een aardige, witte, mannelijke begeleider vanuit school meegaat om je bij het bedrijf te introduceren voor „een warme overdracht” ook. En dit is nu precies waar Mohammed en Marie zo klaar mee zijn!

Zuid-Chinese Zee

China schaadt zeeleven

De VS verwerpen China’s aanspraken op de Zuid-Chinese Zee (VS voeren spanning om Zuid-Chinese Zee verder op, 15/7). Ze scharen zich hiermee achter een uitspraak uit 2016 van het Permanent Hof van Arbitrage (PHA) in Den Haag (niet, zoals in het artikel stond, het Internationaal Gerechtshof). De zaak was aangespannen door de toenmalige regering van de Filippijnen tegen China, maar die bleef weg in Den Haag. In de uitspraak wordt de vloer aangeveegd met de zogenaamde ‘negenstreepjes’-claim van China, de gebiedsmarkeringen waar het land aanspraak op maakt. Die zijn gebaseerd op gefalsificeerde en gedateerde kaarten, zoals een grondig onderzoek door het toenmalige Filippijnse Hooggerechtshof uitwees. Het zou interessant zijn geweest om ook de verdeling van de maritieme zones volgens het VN-Zeerechtverdrag op de kaart te tonen. Dat verdrag heeft China wel geratificeerd, maar in de praktijk lapt het dat aan zijn laars. Vlak na de uitspraak kwam in de Filippijnen Duterte aan de macht die een draai naar China maakte, voor hem een lichtend voorbeeld qua mensenrechten en een welkome bron van investeringen. Duterte benoemde de uitspraak van het Hof als „een stuk papier met vierkante hoeken”. In de uitspraak staat ook een uitgebreid overzicht van de enorme ecologische schade die China aan de koraalriffen, visgronden en de eilanden in de zee, een van de rijkste gebieden aan mariene biodiversiteit ter wereld, heeft aangericht, iets wat nog steeds doorgaat. Als het Amerikaanse optreden dit kan stoppen, is er veel gewonnen.

Correcties/aanvullingen

Juan Carlos

In Kwetsbaar (18/7, p. 28) wordt Hugo Carlos de vorige koning van Spanje genoemd. Dat moet Juan Carlos zijn.