Opinie

Paniek om autotechniek

Wilfried de Jong

Stond ik net bij mijn espressoapparaat te genieten hoe perfect het bruine straaltje in het kopje gleed, hoorde ik in de voorkamer hoe de televisiejongens van de Formule 1 over elkaar heen buitelden. Hun Max liet bij een rondje opwarmen de auto onder zijn kont wegglijden.

Bam, tegen de vangrail.

„Hè, wat doet je nou, Max? Dit is de opwarmronde. Einde verhaal. Die banden hebben de grip nog niet. Max, hier vergaloppeer je jezelf. Ongelooflijk. Dit is klaar. Plop, plop. Als Max niet wegrijdt, is dit de grootste deceptie van het hele weekend. O, hij rijdt nog wel naar de start. Maar komt hij dan nog weg?”

We ‘gingen’ naar de reclame.

In één slok dronk ik de espresso op. Tja, wat nu? Hele middag naar de knoppen. Tussen alle retro-uitzendingen en herhalingen in zou deze Formule 1-race hét sportmoment van de zondag worden.

Een grand prix zonder Max is als een Brusselse top zonder Mark.

Toevallig had ik de avond ervoor zelf een probleempje met mijn auto. Hij startte wel, maar sloeg steeds af. Waar ik nog het meest van schrok: het flikkeren van een geel uitroepteken op het dashboard. In het bezit van twee linkerhanden liet ik de klep dicht en dacht meteen aan een opgeblazen motor.

Kapotte auto’s. Het is een verschrikking, voor Max en mij.

In de reclame werd via een flitsend filmpje de originele cap van Verstappen aangeboden en even later ook een replica van zijn helm. Ook al startte zijn bolide misschien niet meer in de GP van Hongarije, Max zou toch weer lekker bijverdienen.

Zijn auto sukkelde binnen op de grid en stokte op plek 7. Handige mannetjes met sleutels en tangen doken voorover. Ze hadden maar kort de tijd om de boel te fiksen. Max stapte uit, met ogen vol ongeloof.

De kapotte neus werd door twee monteurs weggedragen; of twee begrafenisondernemers met een sprintje zo snel mogelijk van een gammele kist af wilden.

De televisiejongens wisten meteen wat er loos was: „De hele wielophanging is gebroken. Het zijn drie bouten, maar daar kom je gewoon heel slecht bij.”

Ik had nooit gedacht dat het kijken naar een stilstaande, kapotte racewagen zo spannend kon zijn. Paniek om techniek. Nog een paar minuten dan moest Max’ auto met vier wielen op het asfalt staan anders mocht hij niet meer starten.

Het werd één grote sleutelwedstrijd voor de mannetjes. De gereedschapskist leegstorten en aan de slag. Dat Lewis Hamilton ondertussen weer ging knielen en te vroeg opstond bij het volkslied was bijzaak geworden.

Net op tijd stond de auto weer op zijn wielen. Het voorspel won het van de race, al werd Verstappen knap tweede.

Na het verslag liep ik naar mijn geparkeerde auto. Nog één keer proberen. Sleutel in het contact, hé, geen uitroepteken op het dashboard. De motor bleef draaien. Zonder ook maar iets te repareren reed ik fluitend weg.

Wilfried de Jong is schrijver en programmamaker.